Geen wonder dat de Kamer aan aanzien verliest

Sommige mijner zusters konden hun euforie nauwelijks de baas.

„Een betere emancipatiemeter dan Wouter Bos’ vertrek is er niet”, schreef een lezeres op deze pagina’s. „Over dertig jaar”, jubelde iemand op WomenInc, „zullen de geschiedschrijvers deze dag aanwijzen als het keerpunt, het moment waarop de ouderwetse rolpatronen definitief veranderden en papa’s echte vaders werden.” Wat zich dezer dagen ontvouwde, las ik elders, was wellicht het begin van de Vierde Feministische Golf. Wouter Bos, Camiel Eurlings en ook backbencher Ton Heerts zijn de nieuwe helden. Deze mannen begrijpen wat zij, verstandige vrouwen, altijd al beseften: dat het leven bestaat uit méér dan werken alleen.

Nu was mij persoonlijk niets bekend van de Derde Feministische Golf – laat staan dat die alweer ten einde loopt. Maar dat de argumentatie van genoemde politici opmerkelijk was, staat zonder meer vast.

In 1997 vond de Stichting Ideële Reclame het nog nodig om de mannelijk helft van de bevolking met een indringende campagne tot de orde te roepen. Krap dertien jaar later wemelt het van de collega’s met papadagen, zijn de vleessnijdende boemannen die zich alleen op zondag vertonen zo goed als uitgestorven, en oogsten politici die kiezen voor hun privéleven alom lof.

Nee, het zou flauw zijn om aan hun motieven op voorhand te twijfelen. Per slot kan het heel best kloppen dat de lokroep van het moderne vaderschap onweerstaanbaar is. Toch lukt het me maar niet om in de vreugde te delen.

Want niet alleen deze drie, ook negentien collega-politici hebben de laatste weken laten weten dat ze na de verkiezingen niet zullen terugkeren in Den Haag. (Als het er intussen niet meer zijn.) Bovendien dienden sinds november 2006 al achttien andere Kamerleden hun ontslag in – een enkeling gedwongen, de meesten uit vrije wil.

Natuurlijk, soms is hun vertrek alleszins begrijpelijk. De 67-jarige SGP’er Bas van der Vlies heeft er zo’n dertig jaar trouwe dienst op zitten. Niemand zal hem zijn afscheid misgunnen.

Bij de rest van de uitstromers is de opgegeven motivatie wat minder makkelijk na te voelen. Zo blijkt CDA’er Pieter van Geel al heel lang te hebben geroepen dat dit zijn laatste termijn zou zijn, alleen hadden wij dat nooit gehoord. PvdA’er Jet Bussemaker wil straks niet op de kandidatenlijst omdat ze „op een andere plek een betere bijdrage kan leveren aan de partij en de politiek”. En VVD’ers Laetitia Griffith en Johan Remkes beweerden toe te zijn aan ’een nieuwe uitdaging’ – met afstand de leegste uitdrukking uit het hedendaagse jargon.

Het aanzien van de politiek laat zich vermoedelijk niet beter illustreren dan door deze cijfers en door dit soort uitspraken. Het ambt van volksvertegenwoordiger – welbeschouwd het hoogste en het eervolste dat er bestaat – is in een vrije val terechtgekomen. De gemiddelde ’omloopsnelheid’ van een parlementariër schijnt nu krap vijf jaar te zijn. Het Kamerlidmaatschap als roeping? Hoe ouderwets. Het is niet meer dan een baantje, een strategische zet in je carrière.

Veelzeggend in dit verband was dat zelfs Jan Peter Balkenende heeft meegedeeld alleen in Den Haag te willen blijven als hij wederom premier kan worden. Ook deze christen-democraat blijkt dus zijn neus op te halen voor het parlementswerk.

Dinsdag las ik in het liberale avondblad dat ons politieke systeem ’radicale’ hervormingen behoeft. Volgens twee oud-politici moet de redding komen van minder partijen, een hogere kiesdrempel, de gekozen minister-president.

Het kan, het kan.

Maar ambt van parlementariër gewoon eens serieus nemen kan ook.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden