Geen tiki-taka meer,  maar reactievoetbal

WK Brazilië maakt duidelijk dat voetbal in een nieuwe fase is aanbeland. Balbezit niet langer zaligmakend.

AMSTERDAM - Verandert het voetbal? Je zou het bijna denken als je de statistieken van dit WK vergelijkt met de cijfers van de WK's in 2006 en 2010. Veel meer doelpunten, minder voltreffers van buiten het strafschopgebied en - opvallend - het elftal met het minste balbezit stapt steeds vaker als winnaar van het veld.

Opvallend? Aad de Mos, oud-trainer van onder meer Ajax en KV Mechelen, vindt van niet. "Al voor dit WK heb ik gezegd: dit wordt het toernooi van de omschakeling en dode spelsituaties", zegt hij. "Het Spaanse tiki-taka-voetbal heeft bewezen dat het niet altijd meer tot rendement leidt. En dat is niet zo vreemd. Als je als tegenstander zeker weet dat je weggetikt wordt als je de bal niet hebt, ga je als coach andere manieren bedenken om een elftal te bestrijden."

Daarmee lijkt het voetbal in een nieuwe fase te zijn aanbeland. Na het Italiaanse catenaccio uit de jaren zestig (en tachtig), het Nederlandse totaalvoetbal van de jaren zeventig, het Duitse afbraakvoetbal van de jaren negentig en het Spaanse tiki-taka-voetbal van de voorbije jaren, is een nieuw tijdperk aangebroken, namelijk: reactievoetbal. Welk land dat het beste uitvoert? Dat moet nog blijken. Zondag 13 juli is de WK-finale in Rio de Janeiro.

Ook voor bondscoach Louis van Gaal is balbezit niet langer heilig. Waar hij pakweg tien jaar geleden nog stellig had vastgehouden aan zijn principes, durft hij nu te kiezen voor een speelstijl die het beste bij zijn elftal past, ook al staat die filosofie mijlenver af van het voetbal dat hij het liefst ziet: aanvallend, dominant en attractief spel.

"Wij spelen reactievoetbal", erkende Van Gaal voor de wedstrijd tegen Chili, waarin hij koos voor een 5-3-2-systeem. De cijfers spreken in zijn voordeel, want er valt - gekeken naar de laatste drie groepsfases van het WK - een zekere trend te ontdekken; het team met het minste balbezit wint steeds vaker. In 2006 won een land zes keer 'tegen de verhouding in', in 2010 twaalf keer en dit WK bleek in achttien duels dat meer balbezit niet zaligmakend is.

Reactievoetbal dus, een term die in 2006 werd bedacht door Foppe de Haan, destijds coach van Jong Oranje. Het betekent grofweg: inzakken (met soms vijf verdedigers), afwachten en snel toeslaan als de bal wordt veroverd. "Een paar stations overslaan", heet het in de trainerstaal van Van Gaal.

Illustratief was het balbezit tijdens Chili-Nederland: 64 om 36 procent. De uitslag? 0-2.

"Je ziet dat in het voetbal, net als in het hockey, het omslagpunt steeds belangrijker wordt", ziet Marc Lammers, hockeybondscoach van België. "Wat doe je als team in de situatie van balbezit naar balverlies, en andersom? Het antwoord op die vraag kan wel eens de doorslag geven dit WK."

Het hedendaagse voetbal is, hoe je het ook wilt noemen, verre van saai. Want er wordt significant meer gescoord in Brazilië. 136 keer al dit WK. In Zuid-Afrika (101 doelpunten na de groepsfase) en Duitsland (117) lag dat aantal veel lager. Hoe dat komt? Daarover zijn al de meest uiteenlopende theorieën bedacht. Het niveau ligt hoger, er is een grotere diversiteit in ploegtactieken, de focus ligt op de aanval (niet op de verdediging) en de zon prikkelt het creatieve vermogen van voetballers. Zou het echt? Rake pogingen van buiten het zestienmetergebied zijn er in ieder geval een stuk minder; 22 voltreffers in 2006, 16 in 2010 en maar 14 in 2014. Ook opvallend: er wordt meer met het hoofd gescoord. 28 keer tot dusver - tegen 21 in 2006 en 16 kopdoelpunten in 2010.

De Mos geeft de credits aan Van Gaal, die openstaat voor innovaties in de sport. "We zijn 25 jaar lang in de maling genomen door Cruijff, die constant riep dat hij met buitenspelers wilde spelen", meent De Mos. "En waarom zei Cruijff dat? Omdat hij zo als voetballer ruimte creëerde voor zijn eigen actie. Maar zijn volgelingen hebben Cruijff altijd verdedigd, terwijl het voetbal zich verder ontwikkelde."

De afgelopen weken laaide de discussie weer op tussen de romantici en realisten. Oftewel: in hoeverre moet je je identiteit verloochenen en de attractiviteit waarborgen ten gunste van het resultaat? Maar de Hollandse School is niet overboord, stelt Lammers. Het is eerder de basis voor het huidige Oranjesucces.

"Als Hollandse School moet je ook blijven innoveren, anders wordt het een ouderwetse school. Je ziet dat Van Gaal nog steeds onze traditionele kwaliteiten gebruikt, zoals techniek en creativiteit, maar bij balverlies start hij veel lager op het veld. Dat is nieuw."

In feite speelt Nederland een verouderd systeem met een libero, het catenaccio, waarmee Italië wereldkampioen werd in 1982. "Dat systeem is helemaal niet zo gek", concludeert De Mos, die het zelf ook toepaste. "Misschien word je er wel wereldkampioen mee."

De reservebank scoort

oit werden er zoveel doelpunten gemaakt door een invaller op een WK. De teller staat na de groepswedstrijden op 24 treffers (van de 136). Dat is: 17,6 procent. Dit gemiddelde werd alleen benaderd op het WK in 1990, toen 20 van de 115 doelpunten op naam van een invaller kwamen (17,4 procent). Het gemiddelde sinds 1970 is 9,9 procent. Nog een weetje: Nederland maakte dit WK de meeste overtredingen (68 keer teruggefloten door een arbiter).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden