reportage

Geen Rohingya die nu al terug durft naar Burma

Beeld AP

Nieuwe afspraken met de Verenigde Naties over terugkeer naar Burma overtuigen gevluchte Rohingya nog lang niet.

Rokeya (50) woont al 28 jaar in Bangladesh. In 1990 vluchtte ze weg uit Burma, nadat het leger haar broer in de gevangenis had gezet. "Ze pakten hem op toen hij ruzie kreeg met lokale boeddhisten", vertelt de Rohingya-vrouw in een benauwde vluchtelingenhut. "Toen hij eenmaal vast zat, dreigden de soldaten de rest van de familie ook te arresteren. Mijn vader en ik zijn toen gevlucht."

Rokeya, die net als veel andere Rohingya geen achternaam heeft, is sinds haar vertrek niet meer in Burma geweest. Vorig jaar overwoog ze nog terug te keren, maar toen begon het Burmese leger de Rohingya met bruut geweld te verdrijven. Ze zag haar landgenoten in enorme aantallen in Bangladesh arriveren. "Toen ik hoorde van het geweld dat zij moesten doorstaan, wist ik dat ik zelf nooit meer terug zal gaan."

Als het aan Bangladesh, Burma en de Verenigde Naties ligt, gaan de Rohingya-moslims op termijn toch terug. Burma en de VN ondertekenden gisteren een afspraak die hun terugkeer dichterbij moet brengen.

Bangladesh biedt onderdak aan zo'n 900.000 Rohingya, waarvan bijna 700.000 sinds augustus het etnische geweld in Burma zijn ontvlucht. De regeringen van de twee buurlanden spraken in januari al af dat de Rohingya binnen twee jaar teruggaan. Maar de vluchtelingen zelf voelen daar weinig voor. Zij wantrouwen elke afspraak die met de regering van Burma wordt gemaakt.

"Ik geloof niet dat de Burmese regering ooit iets goeds voor ons heeft gedaan", zegt Habib Ullah (37) in het Kutupalong-vluchtelingenkamp. Hij arriveerde afgelopen september met zijn familie in Bangladesh. "Het Burmese leger heeft mijn land afgepakt, mijn huis verbrand en mijn oom voor mijn ogen vermoord. Ik zal het nooit geloven als Burma zegt dat we veilig zijn."

Tekst loopt door onder foto

Beeld Ate Hoekstra

Ullah pakte afgelopen maand zijn oude baan, apotheker, weer op. Met hulp van vrienden opende hij een kleine medicijnwinkel in het vluchtelingenkamp. Nu zit hij voor een kast vol doosjes met medicijnen tegen verkoudheid, diarree en andere veel voorkomende kwalen. "Ik heb in Burma tien jaar lang als apotheker gewerkt. Ik zou niet weten wat ik anders moet doen om nog wat geld te verdienen."

Dagarbeider

In het kamp ontstaat een nieuwe economie. Gespierde mannen verbeteren de wegen of werken als dagarbeider voor Bengaalse boeren. Anderen rijden met riksja's klanten van A naar B. Tal van winkeltjes hebben de deuren geopend. Een oudere vrouw verkoopt snacks en water, een jonge man opende een telefoonwinkeltje en weer iemand anders verkoopt horloges.

Veel vluchtelingen zijn ervan overtuigd dat ze niet snel zullen terugkeren. Niet omdat ze niet willen, maar vooral omdat ze vrezen dat Burma hen opnieuw zal onderdrukken en zal weigeren hen als staatsburger te erkennen. Veel Rohingya hebben geen identiteitsbewijzen.

"Alleen als Burma ons volledig erkent en ons identiteitsbewijzen geeft, kunnen we een terugkeer overwegen", vindt Ullah. "Doen ze dat niet, dan sterven we liever hier in Bangladesh."

Tekst loopt door onder foto

Rokeya, de vrouw die 28 jaar geleden vluchtte, bouwde in Bangladesh een nieuw leven op. Beeld Ate Hoekstra

Burma zei afgelopen zaterdag nog dat het bereid is om alle Rohingya die sinds afgelopen augustus het land zijn ontvlucht weer terug te nemen. "Als die 700.000 vluchtelingen op vrijwillige basis teruggestuurd worden, zijn wij bereid ze te ontvangen", aldus een nationale veiligheidsadviseur van de Burmese regering tijdens een conferentie in Singapore.

In de vluchtelingenkampen kunnen die woorden op wantrouwen rekenen. Rokeya, de vrouw die 28 jaar geleden vluchtte, bouwde in Bangladesh een nieuw leven op. Ze trouwde met een Rohingya-man, kreeg zes kinderen en ging aan de slag als verpleegster in een vluchtelingenkliniek. Of haar kinderen haar geboorteland ooit zullen zien? Ze schudt vol overtuiging haar hoofd. "Nee. Ik zal het niet toestaan dat zij ooit naar Burma gaan."

Nieuwe afspraak over terugkeer geeft Verenigde Naties toegang tot Rakhine

De Verenigde Naties en Burma hebben gisteren een overeenkomst ondertekend die uiteindelijk tot de terugkeer van Rohingya-moslims naar Burma moet leiden. Met de afspraak krijgen VN-organisaties toegang tot de West-Burmese deelstaat Rakhine, waar ze Rohingya-dorpen en mogelijke hervestigingsplaatsen kunnen bezoeken. De VN krijgt bovendien de ruimte om beschadigde gemeenschappen te versterken en vluchtelingen te informeren over de huidige omstandigheden in Rakhine. Burma weigerde de VN tot nu toe toegang tot Rakhine, de deelstaat waar de Rohingya generaties lang hebben gewoond.

VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR verklaarde eerder al dat sinds augustus, toen het geweld uitbrak, nog geen enkele Rohingya uit Bangladesh is teruggekeerd. Volgens UNHCR moet elke repatriatie uit vrije wil gebeuren en zal de uiteindelijke terugkeer vermoedelijk nog veel tijd kosten. 'Dit is een belangrijke stap, maar zoals het er nu voorstaat, zijn de omstandigheden in Burma nog niet goed genoeg voor een terugkeer', aldus een UNHCR-woordvoerder.

Lees ook: VN: Etnische zuivering Rohingya gaat door

Burma zet de etnische zuivering van de Rohingya door, ook al claimt het land leden van de vervolgde moslimminderheid uit buurland Bangladesh terug te willen halen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden