Geen handschrift- en haaronderzoek meer bij NFI

Nieuwe forensische technieken hebben de oude ambachtelijke onderzoeken, zoals handschrift-, verf- en haaronderzoek grotendeels ingehaald. Beeld Werry Crone
Nieuwe forensische technieken hebben de oude ambachtelijke onderzoeken, zoals handschrift-, verf- en haaronderzoek grotendeels ingehaald.Beeld Werry Crone

Politie en justitie maken zich zorgen over de bezuiniging van ruim 9 miljoen euro die het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) moet doorvoeren. Om geld te besparen zal het NFI onder meer het ambachtelijke handschrift-, haar- en verfonderzoek gaan afstoten. Maar volgens het instituut brengt dat de opsporing niet in gevaar.

In een gesprek met Tweede Kamerleden zeiden Hans Vissers van de Nationale Politie en hoofdofficier Bob Steensma van het Openbaar Ministerie vandaag te vrezen dat de bezuinigingen bij het NFI ertoe zullen leiden dat er minder sporenonderzoeken van misdrijven gedaan kunnen worden, terwijl de situatie nu al krap is.

Maar NFI-directeur Reinout Woittiez zei tijdens de hoorzitting in de kamer dat de kerntaken niet in gevaar komen. Oude technieken worden ingehaald door de nieuwe, zei Woittiez, die het voorbeeld aanhaalde van de bedreiging van de familie De Mol. Daar werd de dader achterhaald door dna dat aan de rand van de gebaksdoos zat die aan John de Mol werd gestuurd, en niet via handschriftonderzoek van de dreigbrieven.

Het NFI moet het tussen 2013 en 2018 met ruim 9 miljoen euro minder doen. Om geld te besparen wil het instituut drie ambachtelijke onderzoeksgebieden afstoten: handschrift-, haar- en verfonderzoek. Ook wil het NFI proberen dubbelingen met het forensische vooronderzoek dat de politie zelf doet te voorkomen en intern efficiënter te gaan werken.

Reinout Woittiez, algemeen directeur van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer. Beeld anp
Reinout Woittiez, algemeen directeur van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer.Beeld anp

Door de drie kleine specialismen te schrappen, kan het NFI blijven innoveren op de grote gebieden, aldus Woittiez. Het NFI wil zich op vier terreinen concentreren: biologisch sporenonderzoek, digitaal onderzoek, fysisch-chemisch onderzoek en medisch-forensisch onderzoek. "Laten wij er nou voor zorgen dat we die aansluiting met die innovaties mogelijk maken. En daarvoor heb je voldoende schaal nodig", aldus Woittiez.

De vraag is of er meer onderzoek uitbesteed kan worden aan andere instellingen, maar dat levert 'gedoe' op, vindt ook het NFI zelf. Het zou duurder zijn, tot meer administratie en gesleep met sporen leiden en het is de vraag of de kwaliteit goed is.

Dna-isolatie bij het NFI. Het dna-onderzoek neemt een steeds belangrijker plaats in bij het forensisch onderzoek, en verdringt oudere technieken. Beeld anp
Dna-isolatie bij het NFI. Het dna-onderzoek neemt een steeds belangrijker plaats in bij het forensisch onderzoek, en verdringt oudere technieken.Beeld anp

Ambacht achterhaald door hightech-speurwerk

De bezuinigingen bij het Nederlands Forensisch Instituut raken het ambachtelijke forensische speurwerk hard. In 2018 wordt het jaarbudget ruim 59 miljoen euro, 9,2 miljoen minder dan in 2013.

Van de in totaal ongeveer 600 medewerkers van het NFI moeten er voor 2018 77 afvloeien. Onder hen zijn de onderzoekers van handschriften, haarmateriaal en verf. "We hebben nu alles in huis, en op deze drie gebieden sowieso", zegt NFI-woordvoerder Eef Herregodts. "Maar deze kennis gaat bij ons helemaal weg."

In Nederland zijn bijvoorbeeld welgeteld zes handschriftdeskundigen, van wie er vijf nu nog bij het Nederlands Forensisch Instituut werken. "Voor hen is het heel lastig. Het is een heel specialistisch vakgebied, waarin ze jaren geïnvesteerd hebben", zegt de woordvoerder. "Misschien willen zij voor zichzelf beginnen, of wellicht kunnen ze voor de politie gaan werken."

Per jaar komen voor deze specialismen nog wel tientallen onderzoeksvragen binnen van politie en justitie, maar dat is een relatief klein aantal op een totaal van zo'n 55.000 onderzoeken per jaar. Het leeuwendeel van de huidige onderzoeksvragen zijn verzoeken om dna-onderzoek en forensisch-digitaal onderzoek.

"Tegenwoordig kan dna-onderzoek aan haarmateriaal ook iets zeggen over de uiterlijke kenmerken van een haar zelf, zoals de kleur. En ook de oogkleur is nu via dna te achterhalen", aldus de woordvoerder. "Bepaalde terreinen worden ingehaald door de techniek."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden