Geen baan, en liever naar de bar

reportage | Nu de beurs van Athene flink is gekelderd, zijn alle ogen weer op Griekenland gericht. In Kozani, 'hoofdstad van de jeugdwerkloosheid', zitten de terrassen vol met werkloze jongeren.

THIJS KETTENIS

Ober Giannis (23) serveert geroutineerd vier glazen freddo cappuccino en espresso uit. "Dank je, Giannis", zegt Sotiris, een van de vier gasten. Het klopje op Giannis' rug verraadt dat de twee elkaar goed kennen. "We zijn alle vier vrienden van Giannis en komen hier bijna elke dag koffie drinken", legt Sotiris uit. "Van onze vriendengroep heeft alleen Giannis werk." De jongen naast hem begint cynisch te lachen. "Welkom in de hoofdstad van de jeugdwerkloosheid!"

Die bedenkelijke titel valt toe aan Kozani. De hoofdstad van de Noord-Griekse provincie West-Macedonië, grenzend aan Albanië en het land Macedonië, telt zo'n 70.000 inwoners. Volgens recente cijfers van Eurostat zit hier maar liefst 70,6 procent van de jongeren tot 25 jaar zonder werk. Daarmee is West-Macedonië de regio met de op een na hoogste jeugdwerkloosheid in de Europese Unie. Alleen de Spaanse exclave Ceuta in Marokko scoort met 72,7 procent nog slechter. Ter vergelijking: in Nederland heeft in de meest problematische regio, Flevoland, 17 procent van de jongeren geen werk. De gemiddelden voor Nederland en de EU zijn respectievelijk 11 en 23,4 procent. De Europese Commissie heeft de bestrijding van jeugdwerkloosheid tot speerpunt benoemd, gealarmeerd door de sterke stijging als gevolg van de economische crisis van de afgelopen zes jaar.

Velen zetten vraagtekens bij de Griekse cijfers - er wordt een hoop zwart bijgeklust zeggen ze, al dan niet in familiebedrijfjes. Maar toch, wie op een doordeweekse dag over het centrale plein van Kozani loopt, ziet uitpuilende terrassen. Bomvol jongeren, nog meer dan in andere Griekse steden. Anders dan in bijvoorbeeld Athene en Thessaloniki tref je in Kozani geen armoede aan. De situatie mag deprimerend zijn, de sfeer is dat niet. Aan de tafeltjes wordt veel gelachen.

"Tsja, we blijven Grieken hè, koffie drinken met vrienden is zo ongeveer het allerbelangrijkst", zegt ober Giannis, die even bij zijn vrienden is komen zitten. Die vrienden beamen dat, maar dat betekent heus niet dat ze niet aan de slag willen. "Soms hebben we ook wel een baan. Ik heb een tijdje als beveiliger gewerkt, en in een supermarkt. Maar het zijn kleine baantjes, altijd tijdelijk", zegt Sotiris. "Veel vrienden van mij zijn in het seizoen weer aan de slag als ober in toeristische plaatsen. Vraag maar rond op Halkidiki of Mykonos: binnen een minuut heb je iemand uit Kozani gevonden."

undefined

Albanese werknemers

Maar Laurens Hartman, een Nederlandse wijnboer die al zeven jaar op zijn boerderij in het nabijgelegen dorp Amynteo woont en werkt, heeft zo zijn twijfels bij die werkbereidheid. "Al mijn werknemers zijn Albanees. Ze doen fysiek werk - oogsten, sjouwen, inladen. Daarvoor kan ik geen Griek vinden", vertelt hij aan tafel op zijn erf. Zijn vrouw Annette vult aan: "Vorig jaar konden we wel wat extra hulp gebruiken bij de oogst. Dus ik dacht: ik ga maandag rondvragen op de markt, dat wordt een eitje. Maar wat denk je? Niemand wilde, of kende iemand die geschikt zou zijn. Ze halen er gewoon hun neus voor op. We betalen goed, daar kan het niet aan liggen."

Hun verklaring: iedereen heeft wel een familielid dat werkt in een van de bruinkoolmijnen of de bijbehorende elektriciteitscentrales van energiebedrijf DEI die de regio domineren. Of anders zijn pensioen daarvan ontvangt. Daar teren soms meerdere gezinnen op. "Die kinderen krijgen een tientje per dag om rond te rijden op hun brommertjes en koffie te drinken", zegt Hartman. "Ik geloof niet dat ze echt het gevoel hebben dat ze aan de bak moeten."

West-Macedonië is altijd afhankelijk geweest van DEI, voor het grootste deel in handen van de Griekse staat. Helemaal sinds in 2000 de asbestmijn bij Kozani dicht ging, de grootste van Europa. Wat rest is nog wat landbouw, leerproductie, overheidsdiensten en de middenstand. Lang niet genoeg om iedereen in de regio - met in totaal ruim 280.000 inwoners - aan het werk te houden. Dit is ook nog eens de enige Griekse provincie die geen kust heeft, dus van toerisme - de kurk waarop de Griekse economie drijft - valt ook weinig te verwachten.

Dat alles was nooit zo'n probleem doordat iedereen links- of rechtsom kon eten uit de ruif van DEI. Totdat de Griekse regering enkele jaren terug begon met haar strenge bezuinigingsbeleid, noodzakelijk om noodleningen te krijgen van internationale geldschieters. Er kwam een vacaturestop bij DEI. Het bedrijf wordt verder geprivatiseerd, en de kans is groot dat een private eigenaar met minder personeel gaat werken. Ontslagen zijn nog niet gevallen, maar vacatures die ontstaan na pensionering of vrijwillig vertrek worden niet opgevuld. Dat betekent dat jongeren bij DEI niet meer aan de bak komen. Daarnaast zijn de salarissen minimaal twintig procent gekort. Vervelend voor de medewerkers en hun families, maar ook voor de middenstand die de bestedingen zag teruglopen en daardoor met minder personeel toe kan.

undefined

Mentaliteit als struikelblok

"Jongeren kunnen een toekomst bij DEI vergeten. We proberen ze duidelijk te maken dat ze zelf initiatief moeten nemen als ze aan het werk willen", zegt Liana Papaterpou van de regionale ontwikkelingsorganisatie ANKO. Die heeft onder meer tot doel de jeugdwerkloosheid terug te dringen. Jongeren kunnen bij ANKO terecht voor begeleiding bij het beginnen van een eigen onderneming. Ook stelt de organisatie Europese subsidies beschikbaar aan degenen met een levensvatbaar businessplan. Makkelijk gaat het niet. "Een goed businessplan schrijven is al lastig. En dan komt de financiering - ondernemers moeten zelf de helft bijdragen om voor subsidie in aanmerking te komen. Maar hoe? Geld hebben ze niet en de banken verlenen nauwelijks krediet."

Het grootste struikelblok, vertelt Papaterpou, is de mentaliteit. "Die is: wachten tot er ergens een baan vrijkomt. Jongeren willen veel liever werknemer zijn dan ondernemer. Maar die tijd is echt voorbij."

Er zijn succesverhalen - Papaterpou heeft brochures op haar bureau liggen van een bedrijfje dat geuroliën maakt en een producent van biologische peulvruchten. Beide opgericht met steun van ANKO. Maar van degenen die zich melden krijgt uiteindelijk maar een fractie een bedrijf van de grond. En dan nog is het maar de vraag of het op langere termijn levensvatbaar is.

Hoe sympathiek ook, het is lastig voor te stellen dat alle jongeren hier binnenkort een succesvolle onderneming runnen. De markt is er te klein voor, en bovendien zit ondernemen niet iedereen in het bloed. Op de vraag welke alternatieven er zijn, blijft het even stil. "Vertrekken", zucht collega Spiros aan het bureau ernaast. Papaterpou knikt. Haar eigen zoon, IT-specialist, is onlangs naar Düsseldorf verhuisd. Hij is een van de naar schatting 200.000 Griekse jongeren - veelal hoogopgeleid - die sinds het begin van de crisis hun biezen hebben gepakt.

undefined

Naar het buitenland

Terug op het plein in Kozani nippen twee jongens aan hun koude koffie op het dakterras van hotel Ermionio, met uitzicht over de stad. Ze zijn 20 en 21 jaar en studeren aan de plaatselijke technische universiteit. Geconfronteerd met de magere toekomstperspectieven halen ze hun schouders op. "Als ik hier geen baan vind ga ik naar Thessaloniki; daar woont mijn familie en ken ik veel mensen. En anders naar het buitenland; ik heb gehoord dat in Engeland veel Griekse ingenieurs werken." Ook zijn vriend maakt zich vooralsnog geen zorgen. "Kozani is een fijne stad om te leven. En het is niet duur. We zien het wel."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden