'Geef een patiënt niet te snel op'

Hoogleraar VU: Arts weet niet altijd wanneer iemand zal overlijden

EDWIN KREULEN en REDACTIE GEZONDHEID & ZORG

Nederlandse artsen moeten waken voor stelligheid bij het stoppen van levensverlengende behandelingen. Soms overleeft de patiënt die al is opgegeven.

Dat zegt Armand Girbes, hoofd van de intensive care van het VUMc in Amsterdam, hoogleraar en bestuurslid van de Europese vereniging van intensivisten. Die houdt morgen een openbare conferentie in Den Haag over zorg in de laatste levensfase.

Het lijkt vaak duidelijk dat ernstige zieke patiënten zullen overlijden of hoogstens ernstig beschadigd door kunnen leven. Maar een klein deel van hen herstelt en toont zich tevreden met het leven ondanks soms fysieke achteruitgang.

"We hebben in Nederland de zorg in de laatste levensfase goed geregeld: als een behandeling echt zinloos is, kunnen we die behandeling stoppen. In andere landen is dat vaak een groter probleem, en moet je soms doorbehandelen ook al heeft de patiënt daar alleen maar last van. Maar het gevaar hier is dat we te gemakkelijk gebruikmaken van die mogelijkheid", zegt Girbes. "Vergelijking met andere landen laat zien dat we ons niet alleen maar als koploper moeten zien. Bij deze patiënten past bescheidenheid. Artsen zeggen vaak 'maar je weet toch dat die patiënt het niet gaat redden?' Vaak wel, maar er is ook een groep waarmee we als artsen heel bescheiden moeten zijn. De dokter weet niet alles zeker."

Op zijn afdeling ziet hij jaarlijks 'toch wel een paar' patiënten die in redelijke staat het ziekenhuis verlaten, terwijl de artsen dachten dat ze geen enkele kans hadden. Zwitsers onderzoek laat zien dat verpleegkundigen en artsen bij een klein deel van de patiënten deze verkeerde inschatting maken. Girbes vermoedt dat het ook in Nederland om een kleine groep gaat. "Het is lastig te onderzoeken, deze beslissingen staan doorgaans niet in patiëntendossiers."

Artsen moeten ook de groeiende druk kunnen weerstaan van familieleden die steeds vaker aandringen op het stoppen van dergelijke behandelingen - 'zo had vader het niet gewild'. "Dat is aan de patiënt zelf, en bovendien gebeurt het vaak dat die na een behandeling heel anders denkt over zijn leven", zegt Girbes. "We zijn in Nederland wat aan het doorslaan met verzoeken om niet te reanimeren. 'Ik wil niet als kasplantje leven', horen wij artsen steeds vaker, van patiënten die door alle mediaberichten angstig worden. Ik antwoord vaak: 'dat wil niemand. Maar wat als u een reële kans op een redelijk tot goed herstel heeft? De wil van de patiënt moet altijd leidend zijn, maar hij moet goede informatie hebben. Dat kan nogal eens ontbreken."

undefined

De onvoorspelbare patiënt

Jonge patiënte met leukemie komt na een reanimatie met een bloedvergiftiging in de acute fase op de intensive care te liggen. Artsen schatten in dat door de hartstilstand er zoveel hersenschade is dat herstel onmogelijk is en willen de beademing stoppen. Uiteindelijk blijkt de hersenschade beperkt en verlaat de patiënt in redelijke conditie het ziekenhuis.

Vijftiger met auto-imuunziekte, longinfectie en slechte reactie op medicijn is eigenlijk al opgegeven. Artsen besluiten tot ongebruikelijk hoge - en risicovolle - dosering steroïden. De patiënt herstelt tegen ieders verwachting en verlaat het ziekenhuis, revalideert thuis verder.

Een jonge patiënt verliest bij een verkeersongeval zijn been. Na de eerste operatie komt hij op de intensive care en de familie geeft aan dat de patiënt, een fanatiek sportman, niet verder wil leven. Familie dringt aan op het stoppen van de beademing. Artsen wachten het toch af. Uiteindelijk herstelt patiënt en revalideert en is blij dat hij nog leeft.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden