Gedwongen overstap naar goedkopere medicijnen maakt patiënten onzeker

Beeld anp

Meer dan een half miljoen hartpatiënten hebben last van de gevolgen van een noodgewongen overstap op goedkopere medicijnen. Ze hebben bijvoorbeeld vaker te maken met bijwerkingen en nemen hun medicijnen daardoor minder regelmatig in of stoppen er zelfs mee.

Dat blijkt uit onderzoek van het Nivel, kenniscentrum voor de gezondheidszorg. Er zou uitgezocht moeten worden, adviseert het Nivel, of de bezuiniging die gerealiseerd wordt door het voorschrijven van goedkopere medicijnen niet deels teniet wordt gedaan door onvoorziene bijeffecten. Want wie zijn pillen niet trouw slikt, loopt een groter risico uiteindelijk in het ziekenhuis terecht te komen - met alle kosten van dien.

Ongeveer 3,7 miljoen mensen slikken medicijnen tegen hart- en vaatziekten. Bijna 40 procent van hen heeft het afgelopen jaar op initiatief van hun apotheker - en dus niet van hun arts - andere middelen gekregen. Dat is het gevolg van het zogeheten preferentiebeleid. Dat houdt in dat zorgverzekeraars alleen de goedkoopste variant van een bepaald medicijn vergoeden. Omdat per jaar kan wisselen welk middel het goedkoopst is, krijgen patiënten regelmatig te maken met nieuwe pillen.

Bijwerkingen
Op zich hoeft dat niet erg te zijn, want die nieuwe medicijnen bevatten dezelfde werkzame stoffen. Toch heeft een derde van de medicijngebruikers na zo'n overstap last van bijwerkingen, tegen een vijfde van degenen die niet hoeven te wisselen. "Ik hoor bijvoorbeeld klachten over spierpijn, huiduitslag en vermoeidheid", zegt Nivel-onderzoekster Liset van Dijk.

Het zou helpen als apothekers patiënten goede uitleg gaven over het nieuwe middel, zegt directeur Anke Vervoord van de Hart & Vaatgroep, de patiëntenvereniging op dit gebied. Dat voorkomt bijvoorbeeld onzekerheid over het juiste gebruik ervan. Ruim 70 procent van de overstappers kreeg die uitleg niet. Dat moet beter, vindt Vervoord.

Besparen
De uitkomsten van het onderzoek onder mensen met hart- en vaatziekten komen in grote lijnen overeen met die van een eerdere studie bij longpatiënten. Toch is er volgens brancheorganisatie Zorgverzekeraars Nederland niet meteen aanleiding het preferentiebeleid bij te stellen. Dat is 'vrij succesvol', zegt een woordvoerder. "In de kleine tien jaar dat het van kracht is, is er veel geld bespaard op medicijnen."

Apothekersorganisatie KNMP bepleit wel aanpassingen. Verzekeraars kunnen best vier à vijf goedkope varianten aanwijzen in plaats van steeds maar één, zegt directeur Léon Tinke; dan hoeven patiënten minder te wisselen. Het prijsverschil tussen de allergoedkoopste en de net iets duurdere middelen is volgens hem vaak slechts 'enkele centen tot een paar dubbeltjes per maand'. Slechts één middel vergoeden is dus 'nauwelijks aan patiënten uit te leggen'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden