Gedumpte kinderen snel terughalen

Kinderen van migranten uit Marokko of Turkije, die daar na een vakantie worden gedumpt, zijn Nederlandse burgers. Zij mogen niet aan hun lot worden overgelaten, zegt antropologe Edien Bartels.

Rob Pietersen

Saïda was tien toen ze door haar vader werd achtergelaten in Marokko. Ze heeft daar vervolgens tien jaar moeten wachten op een paspoort. Nu is ze terug.

„Mijn vader kon mijn terugkeer dwarsbomen door te weigeren een handtekening onder mijn paspoortaanvraag te zetten. Ik snap niet dat er geen Nederlandse wet is die ervoor zorgt dat gedumpte kinderen meteen de volgende dag weer worden opgehaald”, zegt de nu twintigjarige Marokkaans-Nederlandse.

„We kunnen niet weglopen voor onze verantwoordelijkheid en gedumpte kinderen aan hun lot overlaten. Dit zijn Nederlandse burgers”, zegt antropologe Edien Bartels van de Vrije Universiteit, die samen met Oka Storms, June de Bree, de Stichting Steun Remigranten en de Landelijke Werkgroep Mudawwanah vandaag een expertmeeting over achtergelaten- en remigrantenkinderen organiseert.

Bartels kent als geen ander de problemen. De gedumpte kinderen hebben vaak een dubbele nationaliteit. Die kun je dus niet zomaar weghalen uit het land van herkomst. „Dat is ontvoering. En dus ga je een langdurige procedure in. Die gedumpte kinderen groeien zo op in een omgeving waar ze zich niet helemaal mee identificeren, ze kijken met Nederlandse ogen naar de Marokkaanse of Turkse situatie. Veel van hen proberen terug te keren naar Nederland, dat wordt concreet wanneer ze 18 jaar worden. Maar dan spreken ze de taal slecht en moeten ze weer inburgeren.”

Daarnaast is het een verkeerd signaal naar vaders die zich als ’tirannen’ gedragen om de familie-eer te beschermen en kinderen die te zeer dreigen te ’vernederlandsen’ denken te kunnen dumpen. Een snelle terugkeer van de kinderen moet vaders aan het denken zetten en preventief werken.

In Rotterdam werd vorige week bekend gemaakt dat er vijftien ’vermiste kinderen’ waren. Het gaat om meiden die na de vakantie niet terugkeerden op school en waarvan wordt aangenomen dat ze gedwongen uitgehuwd zijn, of achtergelaten bij familie in het land van herkomst. Wethouder Jantine Kriens (zorg) gaf in een reactie aan dat ze bij de minister van justitie Hirsch Ballin ’het gevoel van urgentie’ miste deze misstanden aan te pakken.

Ook Bartels heeft kritiek. Ze schat dat er landelijk jaarlijks tachtig vrouwen worden achtergelaten in het land van herkomst. En met hen vaak één of twee kinderen. Daarbij gaat het vaak om kleine kinderen met Nederlands paspoort die later terug naar Nederland kunnen, maar die dat land dan nauwelijks kennen en de taal niet spreken. „Voor die kwetsbare groep moeten we een vangnet regelen”, zegt Bartels.

Er worden, zo wijst ook het Rotterdamse onderzoek uit, eveneens jongeren gedumpt.

„Er is nu die pilot in Rotterdam en een landelijke campagne geweest, maar daarmee zijn we er niet”, meent Bartels. „Kunnen ze terugkomen? En hoe? En wat als ze gehuwd zijn? En als ze terug zijn: hoe gaan we ze opvangen en helpen? Dit zijn geen jongens en meiden die terug kunnen vallen op hun familie hier. Want die familie heeft ze juist laten vallen en gedumpt.”

Een gehandicapte jongen kon, na zijn terugkeer, nergens anders terecht dan bij het Leger des Heils, vertelt Bartels. Overdag leeft hij op straat, ’s nachts slaapt hij tussen de verslaafden. „Zo schrijnend is het. Zo ziet ons ’welkom thuis’ voor deze gedumpte kinderen er uit.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden