Gedetineerde beslist zelf over zijn hongerstaking

De Raad van State gaat voorbij aan het recht van een gedetineerde in hongerstaking om geen dwangvoeding te krijgen, stelt Pauline Jacobs.

Na het verlenen van een verblijfsvergunning aan een asielzoeker uit Kameroen lijkt het hek van de dam: in verschillende detentiecentra zijn gedetineerden in honger- en dorststaking gegaan. Zo protesteren zij tegen hun detentie en verblijfsomstandigheden. Het ministerie van veiligheid en justitie zit ermee in zijn maag.

Staatssecretaris Teeven heeft de Raad van State daarom gevraagd te adviseren over de (on)mogelijkheid om dwangvoeding toe te passen bij een hongerstaker die in levensgevaar komt. Mag of zelfs moet de overheid de hongerstaker dan onder dwang voeden?

Dat haastige spoed zelden goed is, blijkt uit het rapport van de Raad van State dat reeds binnen twee dagen na het verzoek om advisering verschenen is. Belangrijkste conclusie uit dit rapport is dat dwangvoeding toelaatbaar kan zijn. Deze conclusie wordt getrokken op basis van een onvolledig en op punten onjuist relaas van de juridische werkelijkheid van dwangvoeding aan hongerstakende gedetineerden.

Het belangrijkste spanningsveld bij een langdurige hongerstaking is het zelfbeschikkingsrecht van de gedetineerde versus de zorgplicht van de overheid.

Net zoals patiënten buiten de muren moet de gedetineerde instemmen met een medische behandeling. Artikel 32 van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) biedt een uitzondering op dit 'toestemmingsvereiste'. De inrichtingsdirecteur kan de hongerstaker verplichten om te gedogen dat hij een geneeskundige handeling moet ondergaan.

Onbeheersbaar gedrag
De wetsgeschiedenis leert dat uitzonderingen noodzakelijk zijn vanwege het groeiend aantal gedetineerden met ernstige geestesstoornissen. Dan gaat het om gedetineerden die, zonder medisch ingrijpen, veelal onbeheersbaar gedrag vertonen. Dit is een volledig andere situatie dan wanneer een wilsbekwame gedetineerde besluit voeding of vocht te weigeren als protestvorm.

Uit dezelfde wetsgeschiedenis blijkt dat de wetgever hier oog voor had en uitdrukkelijk heeft bepaald dat artikel 32 Pbw geen toepassing vindt bij een hongerstaking door een wilsbekwame gedetineerde.

Alleen als de hongerstakende gedetineerde zelf de gevolgen van zijn actie niet kan overzien, is dwangvoeding mogelijk, en alleen ter afwending van ernstig gevaar voor de gezondheid of de veiligheid van de gedetineerde of anderen. Deze opvatting wordt ook gehanteerd in de circulaire van staatssecretaris van justitie Korte-van Hemel uit 1985 (waarop gedetineerden een beroep kunnen doen).

De Raad van State besteedt in zijn advies onvoldoende aandacht aan de ratio achter artikel 32 Pbw en laat de circulaire uit 1985 volledig buiten beschouwing. Heel kwalijk, aangezien deze standpunten bepalend zijn voor het beleid inzake hongerstakers.

Tot nu toe was beleid gekenmerkt door een sterke focus op het zelfbeschikkingsrecht van de wilsbekwame gedetineerde in hongerstaking. Vanuit Europees perspectief is de Nederlandse overheid, anders dan waartoe de Raad van State concludeert, evenmin verplicht om het leven van de hongerstaker te redden tegen diens wil.

In de zaak-Horoz tegen Turkije (2009) bepaalde het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat landen hun zorgplicht niet schenden als zij de wens tot non-interventie van de gedetineerde hongerstaker respecteren. Zelfs wanneer dit resulteert in de dood van de hongerstakende actievoerder.

Naast deze juridische werkelijkheid spelen fundamentele vragen van medisch-ethische aard een rol als een arts wordt gevraagd dwangvoeding toe te dienen. Dat aspect werkt de Raad van State niet nader uit.

Dwangvoeding met behulp van een sonde in de maag is een ingrijpende behandeling met de nodige medische risico's. De internationale artsenorganisatie World Medical Association (WMA) kwalificeert het als onethisch. Ook de Nederlandse artsenorganisatie KNMG is onderdeel van de WMA. De arts die dwangvoeding toedient, loopt een reëel risico op een tuchtrechtelijke vervolging.

De Raad van State zet met zijn advies niet alleen de deur open naar toepassing van dwangvoeding, maar confronteert artsen er ook mee dat ingrijpen tegen de wil van zijn patiënt gerechtvaardigd kan zijn. Dat druist in tegen alle medisch-ethische standaarden. En is ongeoorloofd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden