Gé Reinders en het loflied op de A2 met een zachte g

Vanavond, 9 en 12 aug, 22 u op de Parade in het Martin Luther Kingpark, Amsterdam. 10 aug. Roermond, 11 aug. streektaal-muziekfestival Emmen.

In de menigte op het perron van station Roermond is het niet moeilijk om de zanger te herkennen. Zoals hij op de hoes van zijn nieuwe cd 'Truuk nao aaf' is afgebeeld, ziet hij er in het echt ook uit: met een vetkuif die in een driehoek op zijn voorhoofd hangt, stevige werkmanskleren en een verweerde kop.

In het nabijgelegen café neemt de zanger dankbaar het compliment over zijn cd in ontvangst. Zeker als hij hoort dat de play-knop met tegenzin werd ingedrukt. Als de recensies niet zo enthousiast hadden geklonken, was de Roermondse pop mooi in het hoesje gebleven.

Gé Reinders is de scepsis wel gewend. Hij weet nog hoe zijn vroegere platenmaatschappij reageerde toen hij met het plan kwam. “Vanuit marketing-oogpunt zagen ze niets in een plaat waar het publiek de helft niet van verstaat. Maar ik had het idee dat ík er verder mee kwam. Wat de luisteraar ervan vond, deed er even niet zo toe.”

De 41-jarige zanger en tekstschrijver ging zo ver dat hij zelfs ABN-puriteinen zal aanspreken. Dat lukt gegarandeerd met een nummer over de dood, opgedragen aan een vriend 'die toch ook maar een gewone sterveling bleek te zijn'. Of anders wel met een liedje over het geluk dat hem bekruipt als hij kijkt naar zijn slapende zoon.

Tussen het gevoelige werk klinkt ook een loflied op Amsterdam - wat nogal bizar aandoet in het Limburgs. De A2 krijgt met behulp van Jelles Bode (verkeersinformatie) en Rick de Leeuw (zanger Tröckener Kecks) de erenaam 'aorta van Nederland'. En de zuidelijkste provincie moet zich in het titelnummer schamen over de recente omkoopschandalen. Op slag is zij haar opgevijzelde imago weer kwijt. Limburg alaaf!

Helemaal nieuw was het zingen in zijn streektaal nu ook weer niet voor Gé Reinders. Vier jaar geleden bracht hij de Engelstalige pop-cd 'Blood' uit. Daar stond één liedje in een andere tongval op: 'Mien moder in '45'. Het ging over zijn moeder die een deel van de oorlog in een concentratiekamp doorbracht.

De volgende stap was de mini-cd 'As 't d'r op aan klump' die twee jaar geleden uitkwam. Daarop klonk enkel nog de zachte g. In een fel nummer bezong Reinders zelfs het ingebakken minderwaardigheidsgevoel van hem en andere Maaslanders. 'Sjtomme Limburger' werd een succes.

Toen kon een definitieve keus voor zijn moerstaal niet meer uitblijven. Reinders besloot het risico voor de volgende cd zelf maar te nemen. Hij hield een rampenscenario achter de hand voor het geval hij geen distributeur vond. Dat bleek niet nodig: een andere platenmaatschappij had wel vertrouwen in zijn plannen.

“Ze hebben zich vergist”, zegt hij met zichtbaar genoegen over zijn vroegere platenmaatschappij. “De cd loopt hartstikke goed. Ik krijg van alle kanten aanbiedingen om op te treden en de VPRO komt radio-opnamen maken voor het programma 'De Avonden'.”

Doorleefd Op de cd-hoes schrijft Constant Meijers, oprichter van poptijdschrift Oor, dat de zanger geen betere keus had kunnen maken; met zijn doorleefde Limburgse teksten heeft hij zijn Rosetta-steen gevonden. Reinders moest even opzoeken wat dat ook alweer voor steen was - de Egyptenaren bleken er hun hiërogliefen mee te ontcijferden. Toen dacht hij: “Dat heb je goed gezien, jongen.”

Hij heeft zich nooit geforceerd om zijn zachte g te verdoezelen. Daar zag hij alleen maar ellende van komen bij vrienden die gingen studeren in Groningen en met een Amsterdams accent terugkwamen. Niet om aan te horen, dat geforceerde gedoe.

Reinders bleef trouw aan de enige taal die hij tot zijn zesde sprak. Maar hij voelde zich daar wel onzeker over als hij het zuiden verliet. Op zijn veertiende ging hij naar Amsterdam om hasj te kopen. Tot zijn schrik kon niemand hem verstaan. “De mensen dachten dat ik een Duitser was.”

Drie jaar later kwam hij als uitwisselingsstudent in Amerika terecht. Dat was ideaal, omdat zijn tongval er niet toe deed. Voor het eerst voelde hij zich geen achterlijke Limburger meer. In de VS ontdekte hij trouwens ook de rock en roll.

Reinders zong lange tijd in het Engels. Zijn teksten waren openhartig, maar niet autobiografisch. Hij merkte het verschil, toen hij in opdracht van een Limburgse omroep een paar nummers in zijn eigen taal schreef. “Ik durfde toen pas te zeggen wat ik voelde. In mijn Engelse teksten neem ik meer een rol aan.”

De obligate thema's van de rock en roll komen in zijn nummers niet voor. “Altijd maar die seks en drugs, ik word daar zo moe van. Als zangers nog hetzelfde te vertellen hebben als twintig jaar geleden, is dat artistiek niet interessant. Ze kunnen beter thema's zoeken die bij hun leeftijd passen.”

Bij hem mondt dat uit in een prachtig nummer over een speurtocht naar het geheime verleden van zijn vader. In 't Versailles van de sjlum jónges' beschrijft hij zijn bezoek aan het seminarie Rolduc; het paleis van Et unam sanctam catholicam, zoals hij in het gregoriaans zingt. Aan een pijnlijke gebeurtenis op deze plek heeft de zanger zijn eigen geboorte te danken.

“Mijn vader had een groot litteken op zijn hand waar hij nooit iets over wilde zeggen. Over zijn afgebroken priesteropleiding in Rolduc wilde hij ook al niets kwijt. Na zijn dood ben ik in de jaarboeken gaan neuzen. Daar zag ik zijn naam, met een rode potlood-streep er doorheen.”

Van een vroegere medestudent hoorde de zanger de reden van zijn vaders ontslag: tijdens een spelletje voetbal was hij in een glasscherf gevallen. Daardoor liep hij een peesblessure op aan zijn rechterduim. Het was precies de hand waarmee hij de hosties moest uitdelen. Als priester was Reinders senior meteen niet meer geschikt. Hij ging in het onderwijs, trouwde en kreeg kinderen.

Het lied over deze navrante geschiedenis is expres niet in het Nederlands vertaald. “De platenmaatschappij vroeg er wel om, maar ik vond dat ik mezelf dan ontkrachtte. Bij de cd's van Bulgaarse vrouwenkoren staan toch ook geen teksten in het Nederlands. Ik vind het juist wel prettig om daar mijn eigen verhaal bij te maken.”

Reinders noemt de Bulgaarse vrouwenkoren, maar hij had ook dichter bij huis kunnen blijven. De Limburgse tex-mex-groep Rowwen Hèze vertaalt haar teksten ook niet in het Nederlands. Net zo min als de Achterhoekse rockgroep Normaal. Hun dialect is juist hun kracht.

Reinders kan wel verklaren waren het zingen in de eigen streektaal zoveel succes heeft: in deze tijd van global communication gaan mensen weer op zoek naar hun basis. Hun moedertaal geeft hen een gevoel van eigenwaarde. Daar zit ook een gevaarlijke kant aan, want trots over de eigen taal kan doorschieten in haat tegen alles wat anders klinkt. De taalstrijd in de Belgische Voerstreek is daar een griezelig voorbeeld van. “Ik heb er lang over nagedacht bij het schrijven van het nummer 'Eén taal' voor een zangeres uit Maastricht - Beppie Kieft, een beroemdheid hier - en een zanger uit Midden-Limburg. Maar volgens mij zit dit lied dik aan de goede kant.”

De zanger neemt een laatste slok spa en staat op. “Zei je dat je nog nooit in Roermond bent geweest? Dan geef ik je nu een rondleiding. Spring maar achterop de fiets.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden