Gaten vullen in je luie stoel

Hij trekt kiezen op een industrieterrein onder de blote hemel. De zaklamp is zijn tandartslamp. 'Thuistandartsen' als Bart Schafrat zijn nog schaars in Nederland, maar dat is aan het veranderen.

Bart Schafrat (52) is de cowboy onder de tandartsen. Terwijl zijn beroepsgenoten rotte kiezen trekken in blinkende praktijken met verstelbare stoelen, trekt hij ze gerust onder de blote hemel. In een tuinstoel, wat hem betreft. Met een zaklamp voor wat extra licht. Schafrat is een van de weinige tandartsen in Nederland die patiënten thuis behandelt, dat doet hij al bijna twintig jaar.

In zijn praktijk aan de Amsterdamse Brouwersgracht pakt hij zijn zwarte koffer in. Mondkapje, schort, spiegeltje. Hij mag niets vergeten. Hij gaat samen met zijn assistente Katrien de Goede (46) naar mevrouw Stor in Amsterdam-West, die een kunstgebit voor haar onderkaak moet.

Schafrat heeft een rustige, zware stem en een Brabants accent. Terwijl hij zijn koffer in de achterbak van zijn auto stopt, vertelt hij over zijn patiënten. Over de vrouw van 260 kilo die niet meer door de voordeur paste, bijvoorbeeld. Ze kon haar bed niet meer uit, terwijl ze hardnekkige kiespijn had. Gelukkig kon Schafrat haar helpen, hoewel het nog een hele klus was.

Of die mensen in Oost, een echtpaar van in de negentig met stoffige kleren. Schafrat: "Zij hebben nog zo'n bakelieten telefoon met een draaischijf, met een potloodje aan een touwtje ernaast." Assistente De Goede: "Als je hun huis binnenkomt, wandel je de serie Swiebertje binnen."

Iedere stad en ieder dorp heeft deuren die niet meer opengaan. Omdat mensen niet meer naar buiten kunnen, of dat niet durven. Omdat ze te dik zijn, te oud, te beperkt, te bang. Voor hen is de 'thuistandarts' een uitkomst. Maar er zijn er maar een paar in Nederland.

Volgens Wim Kluter, die net als Schafrat parttime patiënten thuis behandelt, is dat wel aan het veranderen. "Tot voor kort waren er hooguit tien thuistandartsen in Nederland, nu doen steeds meer tandartsen het naast hun gewone werk."

Dat komt volgens Kluter niet alleen doordat het in praktijken sinds de crisis vrij rustig is. "Het is een logisch gevolg van de vergrijzing. Er zijn veel meer ouderen, en ze blijven ook nog langer thuis wonen. Het wordt voor hen moeilijker om naar een tandartspraktijk te gaan. Er zijn veel obstakels: trappen, drempels, wachttijden."

Schafrat parkeert zijn auto en snelt in zijn spijkerjack de trap op, zijn zwarte koffer in de hand geklemd. Hij komt al twee jaar bij Grietje Stor (87). Hij begroet haar hartelijk en vraagt hoe het gaat. "Verkouden", verzucht ze. Ze is aangestoken door haar kleinzoon.

Als Schafrat zijn schort omdoet, zijn mondkapje opzet, zegt Stor: "Ik heb er de afgelopen jaren heel wat zonen bijgekregen. De jongens van de thuiszorg, en Bart." Ze vertelt trots dat zij en Schafrat elkaar sinds een tijdje tutoyeren. "We hebben een sterke vertrouwensband", zegt Bart. Stor knikt. "Ik heb zelfs zijn privénummer!"

Aaaa

Ze opent haar mond en zegt 'aaaa' als Schafrat dat vraagt. Hij heeft een mengseltje gemaakt van blauw poeder en water, alginaat heet het. Als het in aanraking met je tanden komt, stijft het op. Op basis van de afdruk kan een kunstgebit gemaakt worden.

"Mond openhouden, Grietje", zegt Schafrat. "Het duurt even." Mevrouw Stor ligt rustig achterover in haar eigen, gemakkelijke stoel. Ze heeft haar handen over elkaar gespreid op haar roze shirt. "Het is een beetje koud in je mond", zegt Schafrat, "nog even volhouden".

Als het klaar is, haalt Stor diep adem en snift even. Dan kijkt ze de thuistandarts dankbaar aan. "Nu is het tijd voor ons ritueel", zegt ze glimmend. "Katrientje, haal jij de verse jus uit de keuken? Je weet de weg, toch?"

Terwijl Schafrat aan zijn jus nipt, vertelt mevrouw Stor over de eerste keer dat hij bij haar kwam. Haar brug (aan elkaar vastgemaakte kronen) was stuk en ze had veel pijn. "Mijn eigen tandarts zat op één hoog en ik ben nogal stuntelig", zegt Stor.

Wat zachter: "Weet u, ik kom al drie jaar niet meer buiten de deur, ik heb wat angstproblemen voor de straat. Ik haal alleen de krant, elke morgen, beneden uit de brievenbus. Als ik mensen vertel dat de tandarts bij mij thuiskomt, kijken ze vreemd op. Maar ik ben heel erg blij dat het zo kan."

Dat geldt niet voor iedereen, zegt assistente Katrien de Goede. Zij doet de administratie voor de thuispatiënten en loopt vaak tegen blokkades op. Ze moet voor iedere kleine handeling en iedere rotte kies een aparte verklaring van de dokter hebben, waarin staat dat de patiënt 'bijzondere mondzorg' nodig heeft.

"Als iemand kiespijn heeft, kun je natuurlijk niet gaan zitten wachten op zo'n verklaring", zegt ze. Daarom vraagt ze die vaak achteraf aan, ze krijgt hem niet altijd. Schafrat: "Voor het geld doen we het niet. Het is voor ons liefdewerk."

Ook thuistandarts Wim Kluter loopt tegen barrières op. Hij vraagt geen verklaringen bij de dokter aan, maar behandelt tegen het normale tarief. "We zijn nog aan het pionieren, dat merk ik aan alles. Ik wacht op nieuwe wetgeving en nieuwe tarieven. Nu rijdt de loodgieter nog voor een hoger tarief voor dan de tandarts."

Nieuwe wetgeving

Voor die nieuwe wetgeving maakt Kluter zich hard als bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie (ouderenmondzorg). Hij bemerkt een 'verandering' bij zorgverzekeraars, die inmiddels beseffen dat ze niet om de vergrijzing heen kunnen en hun verantwoordelijkheid willen nemen.

Daarom probeert Kluter in samenspraak met hen en gemeentelijke instanties het model van de thuistandarts 'verantwoord in de markt te zetten'. Dat is belangrijk, vindt hij, want aan thuisbehandeling kleven ook risico's: het is onhygiënischer, je moet met gebruikt instrumentarium over straat. En wat als de provisorische tandartsstoel omklapt?

Volgens Schafrat is het gebruikte instrumentarium het probleem niet. "Het besmettingsgevaar bij thuis behandelen is niet groter, omdat ik werk met steriel instrumentarium. De mond zit sowieso vol bacteriën, en omdat de patiënt thuis is, zijn er geen bacteriën waarmee hij niet bekend is."

Over wankele stoelen heeft Schafrat nog wel een mooi verhaal. "Ik ben een keer bij een autogarage geweest op een industrieterrein. De eigenaar, die een tikje beschonken was, durfde al jaren zijn garage niet uit. Omdat het binnen te donker was, hebben we een groene, gammele bureaustoel naar buiten gerold. De broer van de patiënt moest de stoel naar achteren houden, zodat ik kiezen kon trekken."

Schafrat en De Goede schateren bij de herinnering, op de bank bij mevrouw Stor, die ademloos naar het verhaal heeft geluisterd. Schafrat neemt zijn laatste slok verse jus. "Het is geen markt te noemen, patiënten thuis behandelen. Maar de behoefte is er wel. Kijk, ik ben een knutselaar, wat mijn ogen zien kunnen mijn handen maken. Ik houd van improviseren, en dat moet je nogal eens. Dat is niet altijd leuk, maar het geeft wel voldoening. Wie moet anders de tanden van die mensen verzorgen?"

Bart Schafrat maakt bij mevrouw Stor thuis een afdruk van haar gebit. 'Nog even volhouden Grietje.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden