Gasbel of toch een zeepbel?

Groningen zit bovenop gas, maar heeft daar nooit veel profijt van gehad. Het geld stroomde, net als het gas, weg naar elders. Klagen deden de nuchtere Groningers nauwelijks, maar nu de bodem steeds vaker en steeds heftiger schokt, beginnen ze te morren.

Eerst springt de kat van het bed. Net als de olifanten in Thailand, die de tsunami voelden aankomen, zijn ook huisdieren alert op naderend onheil. Als de baas wakker schiet, is het gerommel al hoorbaar. Het eindigt in een ferme klap, die de ramen doet trillen en de muren laat schudden. Doe daarna nog maar eens een oog dicht. Dat wordt weer een slapeloze nacht in Middelstum, Garrelsweer, Wittewierum, Westeremden, 't Zandt, al die dorpen in de gemeenten Loppersum en Slochteren, en soms zelfs in de buitenwijken van de stad Groningen.

Scheuren in muren, deuren die klemmen, een dakpan die naar beneden komt; de schade is vervelend maar het is nog te overzien. Zeker nu de Nederlandse Aardolie Maatschappij (Nam) in hoog tempo taxateurs op pad stuurt en vergoedingen uitkeert. Erger is de angst. Houdt dit weer op? Die kans lijkt klein, gezien het rapport van Staatstoezicht op de Mijnen dat minister Henk Kamp (economische zaken) eind vorige maand openbaar maakte: het aantal bevingen als gevolg van gaswinning uit het Groningerveld is de laatste jaren snel toegenomen, net als de kracht ervan. De bodem blijft naar verwachting nog meer dan vijftig jaar onrustig.

Een Groninger wordt niet snel boos, dat zit niet in de volksaard van het noorden. Begrip is er al snel, zeker als de verantwoordelijken openlijk tekst en uitleg komen geven. "Briljant", noemt Leendert van der Laan, oprichter en woordvoerder van de Partij van het Noorden, de strategie van Kamp om meteen na de presentatie van het alarmerende rapport naar Groningen af te reizen, de sporthal van Loppersum af te huren om de bevolking in hun eigen taal toe te spreken, Nam-directeur Bart van de Leemput excuses te laten maken en de regionale tv dat allemaal live te laten uitzenden. "Alleen kwam er direct daarna weer een aardschok. En dus heeft Kamp een groot probleem."

Kamp deed wat de Nam jarenlang naliet: erkennen dat de Groningse bodem daalt als gevolg van de gaswinning en dat dit gepaard gaat met lichte aardschokken. "Onprofessioneel", foetert Reint Wobbes uit Huizinge. Hij verwijst naar een ijzeren wet in de marketing: bij problemen ruiterlijk toegeven en daarna snel maatregelen treffen. "Maar de Nam heeft aanvankelijk zelfs de bodemdaling ontkend. Meent van der Sluis, aardrijkskundeleraar in Assen, waarschuwde 25 jaar geleden al voor bodemdaling en aardschokken. Hij is door woordvoerders van de Nam belachelijk gemaakt. Pas kort voor zijn dood in 2000 kreeg hij gelijk."

Onprofessioneel. Wobbes herhaalt het nog enkele malen. "Als de geologen van de Nam dit niet hebben geweten, wat moet je nu nog geloven? Kamp heeft het over preventieve maatregelen; ik zou niet weten hoe dat moest. Hoe moet je huizen en andere gebouwen, eeuwenoude kerken, nu nog beschermen? Die maatregelen hadden ze eerder moeten nemen. Waarom moest een burgerinitiatief, de Groninger Bodem Beweging, hiertoe de aanzet geven, waarom heeft de overheid de burgers niet eerder in bescherming genomen?"

De Groningse hoogleraar Flip de Kam opperde in het tv-programma 'Buitenhof' licht provocerend dat de Nam bewoners van het Groningerveld zou kunnen uitkopen en het gebied, zo'n dertig bij dertig kilometer, maar moest worden prijsgegeven. "Hoe haal je het in je hoofd", verzucht Wobbes, die sinds zijn pensionering actief is voor de Stichting Oude Groninger Kerken. "Dit is een van de oudste cultuurgebieden in Europa, in de Middeleeuwen bloeiden hier de kloosters, wel veertig stuks, dat ga je niet prijsgeven. Over vijftien, twintig jaar is het gas op, we hebben het bejubeld om een beetje geld, moeten we daarvoor de samenhang van cultuur en natuur ook maar opgeven?"

Kale akkers vol sneeuw, de omgeploegde klei wacht op het voorjaar. In het hoge land valt van de gaswinning amper wat te merken. Je ruikt het niet, je ziet het niet. Sinds het affakkelen omwille van het milieu is gestopt, hangt er zelden nog zo'n grote vlam boven de noordelijke horizon. Aardgas werd in 1955 voor het eerst aangeboord op een akker bij Ten Boer, maar toen onder de pet gehouden, zegt Herman de Jong, hoogleraar economische geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen (RuG). "Men wist niet wat men ermee moest, het was een bijvondst bij het zoeken naar olie, aanvankelijk bestond het idee om het maar zo snel mogelijk op te maken door het te verstoken in elektriciteitscentrales."

De 'gasbel van Slochteren' werd aangeboord op 22 juli 1959, op het land van boer Boon bij Kolham, maar ook dit kreeg nog weinig aandacht. De euforie ontstond pas enkele jaren later, toen duidelijk werd dat hier het grootste aaneengesloten gasveld ter wereld in exploitatie was genomen. "Men ging toen overal boren. Dan werd er weer een veldje gevonden, en weer een en weer een", vertelt Piet van der Wal uit Middelstum, die het als jochie van een jaar of veertien van nabij meemaakte. "We dachten er in Groningen van te profiteren. Het was bijzonder dat Nederland afhankelijk zou worden van het gas. Dat zou industrie en werkgelegenheid aantrekken. Dat viel tegen."

Nederland werd vanaf de jaren zestig snel aangesloten op het gas uit Groningen. Maar rijk werd de streek er niet van. De mijnwet uit 1810 bepaalt dat delfstoffen uit de bodem niet toekomen aan de eigenaar van de grond, maar aan de staat. En dat steekt. Soms. Schrijver Frank Westerman begint zijn boek 'De Graanrepubliek' met een turfsteker die zich beklaagt dat hij meters veen heeft afgegraven voor 'de heren in de stad'. 'Nu blijk ik op een gasbel te wonen. Maar verdomd dat ik d'r weer niks wijzer van word.' Kerkbeschermer Reint Wobbes wijst erop dat zogeheten onrendale gebieden pas laat op het gasnet werden aangesloten. "Mijn zuster in Vlaardingen had eerder gas dan ik. Terwijl ik er bovenop zit."

Helemaal niet erg, vindt professor De Jong. "Ik moet er niet aan denken dat die mijnwet er niet was geweest. Dan had je nu allerlei gekke rijke Groningers gehad, en een kortstondig werkgelegenheidseffect. Terwijl nu een riant stelsel van sociale zekerheid is opgebouwd, en belangrijke investeringen in infrastructuur en veiligheid, zoals de Deltawerken. Er is ook geld naar Groningen gegaan, het hoofdkwartier van de Gasunie is bewust in het noorden gevestigd."

"Van groter belang is dat we de economie inrichten voor als straks, over een jaar of dertig, de inkomsten uit gas stoppen. We maken iets op dat niet terugkomt. Nederland heeft nooit op de langetermijn gedacht, want we zouden toch overgaan op kernenergie. Het aardgasgeld is jarenlang gebruikt om gaten te stoppen. Daarvoor moeten we straks in de begroting een andere manier vinden. Met delfstoffen moet je oppassen dat ze je economie niet bepalen. Noorwegen heeft dat slimmer aangepakt, door de winst uit olie en gas in een staatsfonds te stoppen: met de rente worden uitgaven in onderwijs en infrastructuur gedaan."

Shell en Esso, die samen deelnemen in de Nam, hebben mooie inkomsten aan het Groningse gas, zegt De Jong. "Maar ook de overheid verdient er goed aan. Dankzij een slim contract lagen de royalties vanaf het begin al hoog." Het Groningerveld bracht al meer dan tweehonderd miljard euro in de staatskas. Met nog een jaar of twintig te gaan heeft Nederland er driekwart eeuw profijt van. "Er zijn veel winnaars. De verliezers zijn de mensen die nu de waarde van hun huis zien kelderen en af en toe wakker schrikken van een aardschok. Dat is beangstigend, maar er komt wel een oplossing."

Maar toch. De Groningers zitten er mee. En ze beginnen zich nu af te vragen wat ze de afgelopen vijftig jaar hebben gemerkt van het gas onder hun voeten, behalve een langzame daling van de bodem. De Partij voor het Noorden becijferde dat van het Fonds Economische Structuurversterking (FES), dat is gevuld met aardgasbaten, slechts één procent naar Groningen is teruggevloeid. De bulk is besteed in 'het westen'. Jawel, de Eemshaven is ontwikkeld, maar er loopt geen vierbaans snelweg naar toe. En de Zuiderzeelijn werd geschrapt. De partij van Leendert van der Laan eist een eerlijker verdeling van aardgasbaten: een kwart moet worden geïnvesteerd in het noorden.

Hij heeft het tij mee, door de commotie over de aardschokken en de erkenning dat die het gevolg zijn van gaswinning. "Groningen moet samen met Friesland en Drenthe streven naar politieke macht", stelt Van der Laan. "Investeren in het noorden is goed voor Nederland, dan blijven talentvolle jongeren hier en komen anderen ook hier wonen. Dit is krimpgebied, jongeren trekken weg. Als nu, als gevolg van de bevingen, de huizen onverkoopbaar worden, resteert een gebied zonder toekomst. Dan wordt het een gebied voor exoten, mensen die voor 20.000 euro een dak boven hun hoofd zoeken."

Ook Jan Willem Velthuijsen, partner bij PwC en hoogleraar energie en geldstromen aan de RuG, vindt dat Nederland moet investeren in Groningen. Niet omdat het gas toevallig hier wordt gewonnen, maar omdat het noorden een grote rol kan spelen in de toekomstige energievoorziening. "In de economie onderscheiden we private winst en publieke winst. Je hoeft maar een gat te boren en je krijgt schone, goedkope energie. Het is de verantwoordelijkheid van bedrijven om wat terug te doen. Dat is ook wel gebeurd, maar belangrijker is wat de staat doet."

Volgens Velthuijsen is het niet eenvoudig om vast te stellen welk deel bij de verdeling van de pot toevalt aan Groningen. "Maar daar gaat het ook niet om. Er zijn juist goede redenen om te investeren in Groningen als energiehub. De gasrotonde die we aan het aanleggen zijn is van groot belang voor de energievoorziening in Europa. We zijn aangesloten op de Duitse markt, die aan het verduurzamen is, dan zijn gascentrales gunstig. Goedkoop en schoon. De waterkrachtkabel vanuit Noorwegen is hier aangetakt en we krijgen hier Russisch gas binnen. De infrastructuur is fantastisch, met een perfect buizenstelsel en gasvelden die ideaal zijn voor het oppompen, maar ook voor de opslag van gas. We kunnen goedkoop Russisch gas opslaan en het laten stromen als de prijs stijgt. De kraan kan naar believen open of dicht, dat kan nergens zo gemakkelijk."

De energiewereld is volop in beweging, constateert Velthuijsen. "Veel investeringen komen van bedrijven, daar hoef je niks voor te doen. Het is wel nodig dat de overheid faciliteert, voor een goede infrastructuur zorgt, opleidingen, voorzieningen. Dat zou je moeten doen met de aardgasbaten. Maar daarvoor heb je een gezamenlijke visie nodig. En die is er niet."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden