Gangsterbaas die ook maar een mens was

James Gandolfini brak door als gangsterbaas Tony Soprano in tv-serie 'The Sopranos'. De acteur was volgens collega's in werkelijkheid vooral verlegen, bescheiden en mediaschuw.

Ook een maffiabaas heeft stress. Sinds de televisieserie 'The Sopranos' (1999-2007) weten we wat er allemaal komt kijken bij een leven als afperser, scharrelaar, nachtclubeigenaar, patjepeeër.

Dankzij James Gandolfini, de woensdag op 51-jarige leeftijd overleden acteur die van Tony Soprano een legendarisch televisiepersonage maakte. Tony Soprano, new rich in New Jersey, was een man die de druk van het onderwereldleven probeerde te verlichten met prozac en uitvoerige gesprekken met een psychiater waarin jeugdtrauma's, worstelingen met een rammelend huwelijk en opgroeiende kinderen, en zelfs loopbaantwijfels aan bod kwamen. Deze dialogen, waarin Soprano zich lang niet altijd mentaal opgewassen zag tegen de doortastende Dr. Melfi (Lorraine Bracco), maakten de huisvader-crimineel misschien niet ronduit sympathiek, maar vormden op z'n minst een prachtig contrast met de geweldserupties, gangstergesprekken boven borden pasta en kille seks met paaldanseressen die we van klassieke maffiafilms al kenden.

De ruwe, om z'n realisme geprezen televisieserie leverde het Amerikaanse betaalkanaal HBO een ongekend succes op en maakte van Gandolfini een ster, die voor zijn rol in de loop der tijd drie Emmy's in ontvangst mocht nemen.

De in New Jersey opgegroeide Gandolfini, kind van Italiaanse immigranten, was als late twintiger op Broadway te zien in een bijrol naast Alec Baldwin in 'A Streetcar named Desire', waagde zich vervolgens aan filmrollen en viel voor het eerst echt op in Tony Scotts 'True Romance' (1993). In deze film, naar een script van Quentin Tarantino, slaat hij in een memorabele, bepaald onprettige scène hoofdrolspeelster Patricia Arquette compleet in elkaar. Gandolfini's vermogen een charmante grijns, twinkelende ogen en zijn zware 'berenlijf' te combineren met ongekende bruutheid, was voor 'The Sopranos'-maker David Chase reden juist hem te vragen voor de serie. Tot verbazing van Gandolfini, die zichzelf niet zag als 'leading man' en ook later in films vrijwel altijd bijrollen speelde. In de lijn van zijn Sopranos-imago dook Gandolfini vaak op in - al dan niet komische - films die zich afspeelden in het criminele circuit, zoals 'Get Shorty', '8MM', 'The Man Who wasn't There' en de recente 'Killing Them Softly'. Vaak betekende zijn entree op het doek onrust: als kijker durfde je nooit op zijn charme te vertrouwen.

Een mooie uitzondering vormde 'Welcome to the Rileys' (2010), waarin Gandolfini een rouwende vader speelt die door zijn ontmoeting met een steeds verder ontsporende jonge stripper zijn ouderlijke kanten weer mag inzetten. De fysiek grote acteur speelde klein, stil, zijn expressieve gezicht 'naar binnen gevouwen'. De rol zal dichter dan ander werk bij zijn ware aard hebben gelegen, die door filmmakers en collega-acteurs dikwijls verlegen, bescheiden en mediaschuw werd genoemd. Hij omschreef zichzelf graag grappenderwijs als een '120 kilo zware Woody Allen'. Als producent liet hij ook een andere kant van zichzelf zien, zo was hij betrokken bij HBO-documentaires over posttraumatische stress onder oorlogsveteranen als 'Wartorn: 1861-2010'.

Gandolfini, die voor de tweede keer getrouwd was en een kind heeft uit zijn eerste huwelijk, was in Italië voor vakantie en een bezoek aan het Taormina Film Festival op Sicilië toen hij naar wordt aangenomen, aan een hartaanval bezweek.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden