Gaan rus jy nou in Qunu

Aan de vooravond van Mandela's begrafenis schrijft de Zuid-Afrikaan Etienne van Heerden een lofdicht.

PRYSLIED VIR MANDELA
Etienne van Heerden

Nou sterwe jy met die wierook en mirre

van eNews Africa en CNN, van Al Jazeera en Sky News.

Jy word die lugruim van ons drome.

Sosiale netwerke drup trane

en huigel met jou heugenis.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Hulle mor: Jou sterfte klee geen plakker,

nuwe leiers vreet by jou trog,

die armes bly arm en dis walglik

hoe die wit liberales oor jou ween.

Oor plaasgrond heers - steeds - die wit stewel.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

In die plek van die klapklank.

Jou idees is koerante, jou handgebare vlae.

Elke oogknip is op Twitter, jou lewe geskiedenis.

Jou beleefdheid is legendaries

en jou humeur is afstandelik, ver weg

soos donderweer agter die horison.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Jy moes op die eiland van die robbe,

die eiland van diegene wie se vingers afgedrup het

en wie se oë uitgeval het, die eiland van die melaatses,

op hul eiland, hulle met die uniforms van uitskot

en Apartheid, op hulle eiland, dáár moes jy gaan klippe kap.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Jou kwaad dra jy self, privaat, dis joune.

Jy besoek die bewaarders

wat die sleutels na jou lewe gehou het

en jy lawe hul gewetens.

Jy salf hul skuld.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Sonder blaam besoek jy die weduwees

van onderdrukkers, jy vertroos hulle.

Vir hulle wat jou mishandel het,

het jy gerusstelling.

Jou versoening is die mond van nuwe moontlikhede.

Maar gaan rus jy nou in Qunu

In die plek van die klapklank.

Jou skuifeldansie, styf-elmboog gejig

het stadions met vreugde gevul

en jou hemde was sjarmant en gekies.

Die graf is vir jou skouers te klein,

jy kom uit die heuwels.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Staatsmanne het hulle langs jou

kom verdwerg en oor jou drumpel

struikel presidente.

Popsterre word mens en stil

in die sfeer van jou gewete.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Jy't die geveinsdheid, die mes in die rug en die dolk

van die vyandelike vriend vermy, jy't die politiek

verhef tot idee, tot boodskap en heil.

Uitgeklim bo kleinlikheid, jou oog daar ver.

Ente verby. Doer. Jy was leier.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank

Vir min is dit beskore om so diep

in gemoedere te leef, so openbaar te sterf,

op baie voorblaaie uitgelê.

Om so gedáán te wees en poegaai

voor miljoene.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Maar die dood is te klein vir jou woorde

en jou groet galm uit,

dis iets vir die landskap, vir die oraloor

en die oralhoor: Jy't die nuwe republiek gebeitel

en die oue met minagting weggestoot.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank.

Jou gestalte leef al meer boeiend. Die wêreld

is jou bed, jou lang skaduwee kom langsaam tot ruste.

Jy sterf sonderling, en snak

na vrede en vergesigte.

Want: Jy't jou vyande by jou vuur laat sit.

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank

Jy praat oor die generasies, jy galm

oor die eeue heen. Hoe kan

ons ons beste wees, ons republiek red,

hoe kan ons die voorvaders oortuig tot vrede,

en die gulsiges tot versadiging?

Maar gaan rus jy nou in Qunu,

in die plek van die klapklank

Mandela, Madiba: Jy't ons met die voorbeeld gelaat;

Mandela, Madiba, jou naam groei soos 'n boom.

Jou naam is 'n gestalte en dis 'n geskiedenis.

Mandela, Madiba: Ons sal in die skaduwee van jou naam sit en luister.

Maar gaan rus jy nou in Qunu

In die plek van ons stemme, ons stemme is die wind in jou boom.

LOFLIED VOOR MANDELA
Vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer

Nu sterf je met de wierook en de mirre

van e-News Africa en CNN, van Al Jazeera en Sky News.

Je wordt het luchtruim van onze dromen.

Sociale netwerken druppen tranen

en huichelen je heugenis.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Ze morren: Je sterven kleedt geen kind,

de nieuwe leiders vreten uit je trog,

de armen blijven arm en het is stuitend

hoe blanke liberalen om je huilen.

Op boerengrond heerst - nog - de blanke laars.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je ideeën zijn kranten, je gebaren banieren.

Elke knipoog op Twitter, je leven historie.

Je beleefdheid legendarisch

en je drift blijft op afstand, ver weg

als onweer achter de horizon.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je moest op het eiland van de robben,

het eiland van de mensen met afgedropen vingers

en uitgevallen ogen, het eiland van de melaatsen,

hun eiland, van de mensen in het uniform van uitschot

en apartheid, hun eiland, daar moest jij keien kloppen.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je woede blijft van jou, ze is privé.

Je gaat langs bij bewakers

die de sleutels van je leven bezaten

en wast hun geweten schoon.

Je zalft hun schuld.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Zonder verwijt bezoek je de weduwen

van onderdrukkers, troost je hen.

Wie jou mishandelden,

stel je gerust.

Je verzoening spreekt van nieuwe mogelijkheden.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je schuifeldansje met elleboogjicht

heeft stadions met vreugde gevuld

en je hemden hadden charme en zwier.

Het graf is te klein voor je schouders,

je komt uit de heuvels.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Naast jou werden staatshoofden

dwergen en over je drempel

struikelden presidenten.

Popsterren werden mens en stil

in de warmte van je geweten.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je meed het veinzen, het mes in de rug en de dolk

van de vijandige vriend, je verhief politiek

tot idee, tot boodschap en zegen.

Je stond boven kleinzieligheid, je blik reikte ver.

Voorbij de einder. Ginds. Jij was leider.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Weinigen is het beschoren zo diep

in harten te leven, zo openbaar te sterven,

op elke voorpagina afgelegd.

Zo gedáán te zijn, bekaf

voor de ogen van miljoenen.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Maar de dood is te klein voor je woorden

en luid galmt je groet,

bedoeld voor het landschap, voor alleman

en alleroor. Je hebt de nieuwe republiek gebeiteld

en de oude minachtend weggeduwd.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je gestalte zal steeds meer boeien. Je bed is de wereld,

traag komt je lange schaduw tot rust.

Je sterft op eigen wijze en snakt

naar vrede en vergezichten.

Want je hebt je vijanden bij je vuur laten zitten.

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Je overstijgt generaties, je galmt

nog eeuwenlang na. Hoe kunnen

we goed genoeg zijn, onze republiek redden,

hoe kunnen we onze voorvaderen overreden tot vrede,

en de gulzigen tot verzadiging?

Maar ga nu rusten in Qunu,

in het land van de klikklank.

Mandela, Madiba: je liet ons je voorbeeld;

Mandela, Madiba, je naam groeit als een boom.

Je naam is een gestalte en een geschiedenis.

Mandela, Madiba: in de schaduw van je naam zullen wij zitten luisteren.

Maar ga nu rusten in Qunu, in het land van onze stemmen, onze stemmen zijn de wind in je boom.

Qunu
In het dorp Mvezo werd Nelson Mandela in 1918 geboren. Zijn jonge jaren bracht hij verder door in het dorpje Qunu, dertig kilometer van Mvezo, tussen de kale heuvels van de Oostkaap, een wereld die liep tot aan de horizonten in de verte.

Qunu - de begin-Q wordt uitgesproken met een klapklank - is nog altijd armoedig. Mandela woonde er met zijn moeder in lemen hutten, hoedde er als jongetje de schapen en wat jongvee, wist wilde honing te vinden en dronk lauwwarme melk recht uit de uiers. Verder dan zijn eigen dorp kwam hij niet. Zijn herinneringen aan zijn onbezorgde jeugd, zou hij later schrijven, brachten hem een 'liefde voor het veld, de open ruimte, de eenvoudige schoonheid van de natuur en de heldere lijnen aan de horizon' bij. Ze hielpen hem door een kwarteeuw opsluiting op Robbeneiland heen. Na zijn presidentschap trok 'Madiba' zich terug in Qunu, in een bewaakte villa. Morgen wordt hij er begraven.

Etienne van Heerden
Zijn jeugd bracht Etienne van Heerden (Johannesburg, 1954) door op de boerderij van zijn Afrikaanstalige vader. "Met de dood van mijn vader werd de Karoo als streek in mijn gemoed verzegeld, afgesloten." Deze woestijnachtige streek speelt een rol in de roman 'Kikuyu' (1998).

De overgang van apartheid - waar hij altijd een fel tegenstander van was - naar democratie vormt de achtergrond van 'De stoetmeester' ( 1993).

Zijn debuut 'Matoli' (1978) was het eerste Afrikaanstalige boek waarin rassenkwesties voorkwamen. Van Heerden doceert literatuur aan de Universiteit van Kaapstad.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden