Fundament onder volleybalteam van ongewapend beton

ROTTERDAM - De dienstdoende speaker in het sportpaleis Ahoy' had een makkelijk weekeinde. Bij de presentatie van de volleybalteams van Nederland en Italie hoefde hij maar tien Italiaanse namen op te dreunen. Meer spelers had coach Julio Velasco niet tot zijn beschikking voor de twee World League-wedstrijden tegen Nederland.

Na de slopende Italiaanse competitie had Velasco er begrip voor dat de meeste internationals niet direct zaten te wachten op de vierde editie van de World League. Hij gaf de spelers van de vier topclubs toestemming om eerst op adem te komen. Cantagalli, Gardini, Bracci, Zorzi, Giani en Tofoli, zes vaste krachten van de Italiaanse ploeg, pakten de koffers en zegden Velasco toe dat zij na 21 juni weer beschikbaar waren. Tot die tijd moest Velasco het rooien met de twaalf andere spelers die hij voor de World League had opgegeven. Vorige maand werd het helemaal knijpen voor de Argentijnse coach toen ook Giazolli (ernstige schouderblessure) en Vergnaghi (militaire dienst) afvielen.

Tot dusver deed het mini-gezelschap goede zaken in de World League, die al driemaal werd gewonnen door de volleyballers uit de laars van Europa. Van de zes wedstrijden die Italie afwerkte werden er vijf in winst omgezet en ging er slechts een verloren, tegen Cuba. Het nieuwe Oranje onder leiding van de nieuwe bondscoach Joop Alberda ondervond viermaal de kracht van Italie-B. In het openingsweekeinde van de World League ging Nederland in Bologna en Verona al tweemaal ten onder tegen de Azzurri en het afgelopen weekeinde waren de Italianen in Rotterdam veel te sterk voor Nederland. Zowel zaterdag als gisteren zegevierden de Zuideuropeanen met 3-1, met de aantekening dat Nederland in zes sets niet boven de tien punten uitkwam.

Italie

Alberda weigerde het tiental Italianen te bestempelen als Italie-B. "De top in Italie is zo breed dat als je de beste zestien weghaalt er altijd nog zestien hele goede spelers overblijven" , meende de Fries en daarmee stipte hij direct de zwakte van het Nederlandse volleybal aan. Evenals Velasco miste Alberda belangrijke steunpilaren als Zwerver (vakantie), Blange (enkelblessure) en Zoodsma, wiens vrouw dezer dagen een kind verwacht. Die leemtes kon Alberda niet opvullen. "Als je op dit niveau wil acteren, moet je honderd interlands meelopen" , wist de coach en zover zijn de Nederlandse neo-internationals nog lang niet. Bijl, Mulder, Schuil, Kailola en Van der Goor droegen het Oranje-tricot nog geen twintig maal.

In de ogen van Velasco maakte Nederland zes jaar geleden een kapitale fout door de internationals uit de competitie te halen en af te zonderen in de Amstelveense Bankras. Die opzet leverde het Oranje van de toenmalige bondscoach Arie Selinger in Barcelona weliswaar Olympisch zilver op, maar volgens Velasco is het model funest geweest voor de ontwikkeling van het Nederlandse volleybal. "Voor een coach is het natuurlijk heerlijk om dag in dag uit met de beste twaalf spelers van het land te werken" , aldus Velasco, "maar je blokkeert de doorstroming van andere talenten. Kijk naar de Verenigde Staten, die hebben zeven jaar lang van alles gewonnen, maar waar zijn ze nu? Datzelfde gevaar dreigt nu voor Nederland."

Alberda onderschreef de mening van collega Velasco. "Als je de Olympische Spelen als eindpunt neemt van de vorige periode, moet ik constateren dat er niets is gedaan aan de opleiding van jonge spelers" , constateerde Alberda, die tot en met de Europese kampioenschappen van begin september in Finland onder contract van de volleybalbond staat. "In Barcelona had Nederland veruit de oudste ploeg. Ze waren allemaal ouder dan 23. Maar ja, die keus is toen gemaakt en het kan niet anders dan dat er in die periode dingen zijn blijven liggen. Met name op het gebied van de kracht- en conditietraining hebben we een achterstand. We moeten weer investeren in kilo's. Ronald (Zwerver, red.) was zes jaar geleden ook een breinaald."

Uiteraard was Alberda teleurgesteld over de twee kansloze nederlagen tegen de Italianen. Diep in zijn hart had hij gehoopt op een 'verrassingsuitslag', maar die bleef uit. "Twee weken geleden had Italie al een voorsprong en die was er nu nog" , zei Alberda. "Het zou een mirakel zijn geweest als we in zo'n korte tijd met weinig trainings-eenheden het gat dicht hadden gemaakt." Mede door het drukke reisschema in de World League kon Alberda de afgelopen weken nauwelijks de trainingshal in en was het dus vrijwel onmogelijk progressie te boeken. Na de twee wedstrijden van komend weekeinde in en tegen ZuidKorea hoopt de coach tien dagen te kunnen trainen.

Geen emotie

De beide duels tegen Italie in een matig gevuld Ahoy' deden in geen enkel opzicht denken aan de wedstrijd die beide landen tijdens de Spelen in Barcelona tegen elkaar afwerkten. In een afgeladen Palau Saint Jordi schakelde Nederland in een zinderende vijfsetter de gedoodverfde favoriet in de kwartfinales uit. In Rotterdam ontbrak het aan spanning en vooral aan emotie. Alberda erkende dat dit Oranje geen speler heeft die het team over het dode punt kan tillen, en die waren er tegen Italie legio. "De spelers proberen wel emotie in de wedstrijd te krijgen, maar de meesten hebben het fysiek niet in zich om het team op te peppen, zoals bijvoorbeeld Zwerver en Avital Selinger dat wel konden. Het is onzin om te zeggen dat dit team te geprogrammeerd speelt. Dit team is niet te programmeren."

Het is voor Alberda te hopen dat Zwerver ongeschonden terugkeert van vakantie, dat Blange voorspoedig herstelt en dat de vrouw van Zoodsma snel bevalt. Met de groep die hem momenteel ter beschikking staat, wordt het nog zwaar kersen eten in de resterende World League-duels tegen Zuid-Korea, Cuba, China en Finland. Tegen de Italianen speelde Nederland zaterdag dramatisch slecht (6-15, 8-15, 15-13, 7-15) en gisteren ging het goed tot 10-10 in de tweede set: 15-13, 10-15, 9-15, 5-15. Alberda: "Ik ben nog niet in staat geweest een conditioneel en strategisch fundament onder dit team te leggen. Per set brokkelt er een stuk spelonderdeel af. Ons uiteindelijke doel is ook niet om de World League-finale te halen. Belangrijk is dat een nieuwe generatie in aanraking komt met topvolleybal."

Volgens Alberda is het huidige Nederlands team een ontmoetingsplaats van drie culturen: spelers die alles hebben meegemaakt, spelers die al enige ervaring in Oranje hebben en spelers die nog helemaal niets hebben meegemaakt. Die mengeling bleek niet in staat om een uitgedunde Italiaanse ploeg volwaardig partij te geven. Opvallend was dat de enige speler met ervaring in de Italiaanse Serie A1, Rob Grabert, in beide duels teleurstelde. Zijn spel was minder spraakmakend dan zijn interview in het mei-nummer van Sport International, waarin hij het Bankras-model vergeleek met een fascistisch regime.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden