Frisse taal hoor je in Rotterdam

Tekstschrijver Maarten Hamelink legt de programma's van de vier grote steden langs de taallat. Rotterdam scoort het best.

MAARTEN HAMELINK en TEKSTSCHRIJVER BIJ LEENE COMMUNICATIE

Een nieuw coalitieakkoord is een uitgelezen kans om inwoners mee te krijgen in de plannen voor de stad. Helaas: drie van de vier grootste steden van Nederland benutten die kans maar mondjesmaat.

Witte rook steeg donderdag 12 juni op uit de hof- en de hoofdstad. Na maanden onderhandelen presenteerden de nieuw gevormde coalities van Den Haag en Amsterdam hun plannen voor de stad. Vlot Utrecht deed dat eerder al, net als voortvarend Rotterdam.

En dus liggen er nu vier akkoorden op tafel: Utrecht maken we samen, Rotterdam Volle kracht vooruit, Amsterdam is van iedereen, en (vertrouwen op) Haagse Kracht.

Wat opvalt is hoe verschillend deze vier lokale akkoorden klinken. Mij gaat het dan vooral om wat er in de taal gebeurt, los dus van politiek-inhoudelijke keuzes en visies.

Als een open brief aan alle inwoners, zo laat het Rotterdamse programma zich lezen. Al bij de aanhef op de eerste pagina wordt de toon gezet: 'Beste Rotterdammers'. Die directheid is consequent doorgevoerd. Je ervaart als lezer; dit is aan mij gericht, voor mij bestemd. Hoe anders is dat in Amsterdam, waar de eerste zin luidt: "Voor u ligt het collegeakkoord 2014-2018..." Wie nu nog zin heeft, mag zijn vinger opsteken.

"Mensen met een beperking doen uitzonderlijk weinig aan sport", stelt 'Amsterdam is van iedereen' verderop. Het zal zo kwaad niet bedoeld zijn, maar onwillekeurig lees je hierin de oproep dat gehandicapten eindelijk de rolstoel eens moeten laten staan.

Veel reden tot vrolijkheid geeft het programma verder niet. Armoede, leerachterstanden, werkeloosheid en 'high impact crime' zetten de toon.

Haagse Kracht benoemt minstens zoveel problemen, maar spreekt tegelijk het vertrouwen uit dat gemeente en inwoners er samen wat van kunnen maken. De truc? Door het verhaal te vertellen vanuit een positieve kernboodschap, voorziet dit college de problemen van een ander etiket.

In Utrecht zijn de problemen groter, althans, waar het de tekstkwaliteit betreft. "Gezondheid is een thema dat iedere inwoner van Utrecht belangrijk vindt", mijmeren de auteurs van 'Utrecht maken we samen'. En ook: "De sportagenda raakt veel facetten van het dagelijks leven van de Utrechter".

Van dit soort risicoloze stellingen staat het programma bol. Je kunt er moeilijk voor of tegen zijn, maar vooral: je voelt er niks bij. Beleidsvoornemens volgen elkaar op zonder dat er iets blijft hangen. Dat zit ook vast op neutraal geformuleerde titels zoals 'Onderwijs'. Noem zo'n hoofdstuk liever 'Ieder kind de beste kansen', zoals Amsterdam doet.

undefined

Schouders

Als de kersverse G4-colleges elkaar in één doelstelling weten te vinden, dan is het dat ze bewoners en bedrijven in de stad willen inschakelen. Geen bladzijde waarop participatie niet langskomt. En juist hier bepaalt de manier waarop dat gebeurt, of je zin krijgt de schouders eronder te zetten, of diezelfde schouders op te halen. "Utrecht is een gemeente die haar inwoners centraal stelt", luidt de plechtige belofte waarmee 'Utrecht maken we samen' na de inleiding van wal steekt. Hier is een schrijver aan het werk die zondigt tegen een vuistregel van overtuigen; don't tell, show it!

Hoe je de politiek dichterbij de mensen brengt is een vraag die politici en wetenschappers al jaren bezighoudt. Zó gaat het in elk geval niet lukken: "Het college gaat aan de slag met het systeem van bestuurscommissies als oren en ogen van het gemeentebestuur in de stad. We gaan vanuit de inhoud het stelsel van verlengd decentraal bestuur doorontwikkelen." Nota bene: wat het Amsterdamse college hier beoogt is het streven naar een nieuwe bestuurscultuur(!) te onderbouwen.

Dan de lengte: de colleges hebben elk grofweg zo'n dertig kantjes nodig om hun plan voor de stad te ontvouwen.

Die omvang is op zichzelf geen halszaak, als de opbouw maar genoeg houvast biedt om er snel doorheen te komen. Vooral Haagse Kracht zou aan kracht winnen door meer overzicht aan te brengen in wat nu nogal volgeschreven pagina's zijn. Dit kan vrij eenvoudig door per thema een overzichtelijke lijst van actiepunten en maatregelen op te nemen. Rotterdam heeft van de vier met afstand de minste woorden nodig. Elke paragraaf mondt keurig uit in overwegend helder geformuleerde afspraken die de coalitiepartners met elkaar gemaakt hebben.

undefined

Faciliterend

Wie de collegeprogramma's van de G4 langs de 'taallat' legt, wordt onderweg op heel wat pagina's lokaal-politiek proza getrakteerd. Het zijn problemen waar Amsterdam de nadruk op legt. In Utrecht wordt vooral veel beweerd, met als dieptepunt: "Het college neemt een open en faciliterende houding aan naar haar inwoners (...)". Tja. Haagse Kracht spreekt aan, maar had echt korter gemoeten. Aan dat bezwaar zou een ingedikte publieksversie alsnog tegemoet kunnen komen.

Alleen Rotterdam biedt inwoners met dit akkoord het perspectief waarop je hoopt. Fris en toegankelijk taalgebruik en de directe aanspreekvorm bepalen de zeggingskracht van het beleid dat 'Volle kracht vooruit' de lezer voorschotelt. En dat belooft wat.

Eigenlijk kan je niet wachten tot het 2018 is, om te zien wat er van al die beloftes overeind is gebleven.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden