Fraudeur beschrijft zichzelf als junk

Stapel klaagt in zijn boek: 'Stapelgate' steeds weer opgerakeld Zijn favoriete bezigheid nu: stofzuigen

"Je moet deze vragenlijst afnemen in groepjes van drie tot vijf mensen. Dan alleen werkt het." En: "Dit experiment werkt alleen als je mensen vraagt naar het woord 'vriendelijkheid' of 'aardigheid'. Met 'leuk' of 'aangenaam' werkt het niet. Ik weet niet waarom."

Het zijn twee adviezen die Diederik Stapel naar eigen zeggen al vroeg in zijn loopbaan kreeg van ervaren collega's, aan wie hij om raad had gevraagd omdat zijn experimenten niet de resultaten opleverden waarop hij had gehoopt. De adviezen kwamen vaak terug op gele Post-It-blaadjes. Collega's die eraan gewend waren om dit soort relativeringen van hun eigen resultaten niet te vermelden in hun publicaties.

De 'slodderwetenschap' kortom, die de commissie-Levelt deze week toeschreef aan Stapel en een deel van zijn collega's, zit diep ingebakken in de sociale psychologie. Dat is het beeld dat de gevallen Tilburgse hoogleraar schetst in 'Ontsporing', zijn boek dat vandaag verschijnt. Zelf weet hij dat zijn vakgenoten zich vaak niet eens bewust zijn van hun concentratie op welgevallige resultaten.

Hijzelf was zich daar ook niet van bewust. En waarom zou hij dat wel moeten zijn: de theorie zat zo duidelijk in elkaar, en elders op de wereld vonden collega-onderzoekers vergelijkbare resultaten. Stapel situeert het falen van het systeem in de houding van een heel grote groep collega's. Dat gaat beduidend verder dan commissievoorzitter Pim Levelt, die de 'slodderwetenschap' toeschrijft aan de directe kring rond de voormalige hoogleraar - en de overige collega's alleen gebrekkige controle verwijt.

Maar net als Levelt noemt Stapel geen namen van mogelijke slodderwetenschappers. Dat is ten opzichte van hen heel correct, maar het blijft wel de vraag of Stapel zichzelf vooral omringde met dergelijke mensen, of dat het werkelijk om een groter deel van zijn vakgenoten ging.

Als het om het verzinnen van data gaat, is Stapel het wel eens met Levelt: dat is uitsluitend aan hemzelf te wijten. Hij beschrijft hoe hij naar een hogeschool toerijdt, zich voorstelt hoe hij daar vragenlijsten uit zou delen, maar enkel koffie drinkt en weer naar huis gaat. Hij maakt zich daarbij wel zorgen: dit moet iemand toch doorhebben?

De zorgen nemen in de loop van de tijd alleen maar toe, want het schuldgevoel blijft knagen. Stapel beschrijft zichzelf als een soort junk die het maar steeds niet kan laten van de snoepjes te eten die in de doos op zijn werktafel staan - ofwel te frauderen. Hij juicht toe dat zijn dochter een spreekbeurt houdt over zijn onderzoeksbevindingen, zich realiserend: ik stuur haar met leugens naar school.

Maakte hij eerst nog met plezier gebruik van de vrijheid in zijn eenzame onderzoekspositie, hij gaat zich steeds meer opsluiten en terugtrekken. Hij geniet niet van zijn positie als 'grote illusionist' zoals hij zichzelf noemt. Tot hij ruim een jaar geleden eerst van een collega hoort over fraudevermoedens en vervolgens bij zijn wetenschappelijke baas, de Tilburgse rector, wordt geroepen. "Zijn witte haar is witter dan ooit." Stapel houdt een heel lang verhaal waarin hij de schijn probeert op te houden. Aan het eind vraagt hij de rector of deze het verhaal geloofwaardig vindt. "Eerlijk gezegd niet."

Stapel bestrijdt de meeste kritiek van Levelt niet. Alleen op kleinere punten biedt hij weerstand. Zoals het verwijt dat hij collega's aan zich bond met etentjes en gezamenlijk theaterbezoek. Tja, overal ter wereld doet men aan 'teambuilding', stelt de oud-hoogleraar. Hij reageert daarbij niet op het verwijt dat hij deze vertrouwelijkheid later combineerde met dreiging met ontslag als een collega kritische vragen stelde. De commissie-Levelt schetst een beeld aan de hand van anonieme interviews, stelt Stapel ter verdediging. Hij hekelt ook het feit dat 'Stapelgate' steeds weer wordt opgerakeld - Levelt en collega's publiceerden op internet steeds nieuwe lijsten van fraudepublicaties. Massamedia zoeken leedvermaak, concludeert Stapel.

Thuis heeft Stapel het het afgelopen jaar druk genoeg had met zijn eigen ontmaskering. Stofzuigen is een van de bezigheden waar hij nog wel plezier in heeft, schrijft hij. Dit boek is slechts een 'momentopname', zegt hij aan het einde. Hij spreekt met een headhunter over een mogelijke carrièreswitch. Maar de boodschap is duidelijk: niemand zal hem aannemen. Zijn gezin blijft achter hem staan. Evenals zijn ouders, die hij vlak voor zijn publieke ontmaskering inlicht. "Wat heb je al die jaren gemist? Waarom ging het fout?"

Diederik Stapel: Ontsporing. Uitgeverij Prometheus, Amsterdam, € 18,90.

Wat vertelt het boek niet?
Waarom Stapel heeft gefraudeerd.

De uitkomst van zijn therapie, die iets zou kunnen zeggen over zijn persoonlijkheid.

Welke collega's met hem meegingen in 'slodderwetenschap' en welke niet.

Wat Stapel ziet van de gevolgen voor zijn promovendi die hun loopbaan in rook zien opgaan.

Of Stapel een bekentenis heeft afgelegd in het strafrechtelijk onderzoek dat naar hem loopt.

Wat vertelt het boek wel?
an een aantal vakgenoten kreeg Stapel nog steun nadat zijn fraude bekend werd. "Dat nou net jij moet worden gesnapt."

Hij biechtte zijn fraude op tijdens een lang gesprek thuis bij de Tilburgse rector, de man met wie hij tot die tijd regelmatig had getennist.

Stapel verloor direct zijn inkomen, hij is praktisch failliet. Hij bezuinigt langs alle kanten en bezoekt vaak de Lidl en de Aldi.

Stapel, zijn vrouw en een buurvrouw werden ook thuis achtervolgd door journalisten, al dan niet met camera's.

Met zijn vrouw overweegt Stapel te emigreren, maar daarvoor is geen geld.

Uit het boek:
"Ik zat alleen op mijn chique kamer op de Groningse universiteit. (...) Ik opende het bestand met de gegevens die ik had ingevoerd en maakte van een onverwachte 2 een 4. (...) Het voelde niet goed. Ik keek angstig om me heen. De gegevens dansten voor mijn ogen. (...) Als je weet dat op de wereld andere onderzoekers ook met dit soort experimenten bezig zijn en wel succes hebben, dan kun je de resultaten toch wel een klein beetje aanpassen?

Nee. Ik klikte op 'undo typing'. (...) Ik had zo hard gewerkt. Ik had alles gedaan wat ik kon en nu kwam het net niet uit zoals ik verwacht had. (...) 'Redo typing'. (...) Toen ik de nieuwe resultaten zag, was de wereld weer logisch geworden. Ik zag wat ik voor ogen had gehad. (...) Ik voelde me opgelucht, maar ook verdrietig. Dit was ook mooi, maar het was ook heel verkeerd."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden