'Frauderende zorgaanbieder moet flink aangepakt worden'

Ad van MierloBeeld RV

Volgens de VNG komt gesjoemel met zorggelden aan het licht doordat gemeenten op lokaal niveau controleren.

Hij komt werkelijk alles tegen. Ad van Mierlo die namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) lokale bestuurders adviseert bij de aanpak van zorgfraude, schudt de voorbeelden zo uit de mouw. Cliënten die 24-uurszorg nodig hebben, blijken ’s nachts slechts telefonisch om hulp te kunnen vragen. Anderen die individuele begeleiding nodig hebben, worden in groepen geplaatst.

Kan ook niet. Het zijn allemaal pogingen om de zorg aan kwetsbare cliënten minimaal aan te bieden, om vervolgens maximaal te cashen. En dan zijn er nog de ronduit criminele netwerken die hele instellingen bestieren, en voor elke cliënt een persoonsgebonden budget (pgb) incasseren, om dat vervolgens niet in de zorg, maar in de eigen zak te steken.

In één jaar tijd hebben zeventig gemeenten zich bij Kenniscentrum Handhaving en Naleving van de VNG gemeld, zegt directeur Van Mierlo, met complexe fraudemeldingen. Of dat veel is? “Moeilijk te zeggen. Laat ik vooropstellen dat decentralisatie in het sociaal domein naar gemeenten, waaronder de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Jeugdwet in 2015, een majeure operatie is geweest.

“Er is een geheel nieuw stelsel ontstaan, met veel verschillende regelingen en zorgpakketten. En dan zijn er altijd mensen met minder goede bedoelingen die denken: zolang er onvoldoende toezicht wordt gehouden, probeer ik de komende jaren een graantje mee te pikken.”

Daarom moeten gemeenten volgens Van Mierlo er alles aan doen om de rechtmatigheid van de zorgdeclaraties te bepalen.

Op grote afstand

Bij grote transformaties moet je volgens Van Mierlo accepteren dat het in de praktijk soms wringt. “Dat je soms niet weet hoe het verder moet, dat je naar oplossingen voor problemen zoekt. Dat geeft niet. Mits je maar direct reageert op de fouten die je als bestuurder waarneemt. Dat je je afvraagt: wat hebben we gemist?” De decentralisatie is wat dat betreft eerder een mogelijkheid om zorgfraude aan te pakken, dan een veroorzaker van fraude, zegt Van Mierlo. “Ik geloof er heilig in dat een gemeente de juiste schakel is tussen de hulpvragende burger en de zorg. Het Rijk staat op veel te grote afstand.”

Om even terug te komen op de omvang van de fraude met zorggelden: Van Mierlo heeft daarop geen volledig zicht. Alleen de fraudes die gemeld worden, komen immers aan de oppervlakte, en die bestaan uit heel verschillende geldbedragen. Hij gaat er vooralsnog vanuit dat voor de zorg eenzelfde fraudepercentage geldt als bij de Wet werk en inkomen die ook onder de gemeente valt: zo’n 5 tot 8 procent. Gemeenten proberen momenteel allemaal op eigen kracht die fraude terug te dringen. “Die diversiteit in aanpak is alleen maar goed”, zegt Van Mierlo. “Zo kunnen we straks samen profiteren van de ervaringen die er zijn en de beste aanpak kiezen. Hij is bezorgder over de verschillen in inzet.

Circa een vijfde van de 388 gemeenten heeft op dit moment nog geen toezichthouder en loopt ook anderszins achter de feiten aan. Daar staat tegenover dat een vijfde van de gemeenten juist erg fraudebewust en actief is in controle. De middenmoot presteert wisselend.”

Creatief organiseren

Daarnaast is het bij veel gemeenten onduidelijk wat er nu precies onder fraude wordt verstaan. “Er zijn wethouders die zeggen: wat maakt mij het uit als er mbo’ers zorg verlenen in plaats van hbo’ers? Als het product goed is, is mijn doel bereikt.”

Niets is volgens Van Mierlo minder waar. “Persoonlijk kan ik me best voorstellen dat een zorgondernemer die met een griepgolf onder zijn personeel wordt geconfronteerd, creatief is in het zoeken naar oplossingen en tijdelijk minder gekwalificeerd personeel inzet. Als hij daarover maar transparant is en zijn declaraties aanpast. Maar als er opzettelijk en structureel wordt gedeclareerd voor zorg die niet in de afgesproken vorm is geleverd, dan is er áltijd sprake van fraude.”

Natuurlijk mag een zorgverlener toezien op de kosten en creatief organiseren, als hij maar levert wat is beschreven. “Hij moet weten dat een zeer kwetsbare klant slachtoffer is van zijn gesjoemel.” Een wethouder die daarmee instemt, moet ook beseffen dat er sprake is van een glijdende schaal. Andere zorgverleners zullen de zelfde methoden gaan toepassen. Fraude is immers per definitie concurrentievervalsend. Mbo’ers zijn nu eenmaal goedkoper dan hbo’ers.

Koppelbazen

In de zorg op gemeentelijk niveau ziet Van Mierlo ruimte voor malafide zorgaanbieders ontstaan die hem doen denken aan de koppelbazen uit de jaren tachtig en de sjoemelende uitzendbureautjes uit de jaren negentig. Die kunnen ontstaan om het nieuwe stelsel dat volgens hem wel degelijk deugt, ook wat weeffouten kent. “Pgb-houders, dus cliënten die hun zorg zelf kunnen inkopen, waren tot voor kort zelf aansprakelijk als die zorg onvoldoende werd geleverd.”

De gemeente verhaalde de onterecht uitbetaalde vergoeding dan op de burger, die daardoor vaak in de schulden kwam. Per 1 april is die fout hersteld: het is nu die haperende zorgverlener die dit geld zelf moet terugbetalen.

Maar, constateert Van Mierlo, verder gaat het niet. Het onderpresterende bedrijf moet dus slechts zorg terugbetalen die hij ook helemaal niet geleverd heeft. Daar blijft het bij. Het malafide bedrijf loopt verder geen enkel risico. Hierin moet volgens hem verandering komen.

Vanuit het Kenniscentrum stelt hij voor een boetesysteem in te voeren. “Die boetes moeten bestaan uit flinke bedragen, die een risico kunnen vormen voor de bedrijfsvoering van een malafide zorgaanbieder.” Bij het ontwerp van de stelselwijziging gingen ambtenaren nog uit van kwetsbare cliënten en integere zorgaanbieders, zegt Van Mierlo. “De wereld kan er ook anders uitzien.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden