Fransen verijdelen een aanslag op president Macron van rechts-extremisten

President Macron woont in Les Eparges een ceremonie bij om stil te staan bij het einde van de Eerste Wereldoorlog, honderd jaar geleden. Beeld AP

Een groep zou van plan zijn president Macron te vermoorden. De politie pakte op verschillende plekken zes extremisten op.

De Franse veiligheidsdiensten hebben mogelijk een terreuraanslag voor­komen. Het doelwit van de aanslag zou de Franse president Emmanuel Macron zijn. De verdachten: zes rechts-extremisten, vijf mannen en een vrouw. De extremisten werden gisteren op verschillende plaatsen in Frankrijk gearresteerd, waaronder in de regio Isère ten zuidoosten van de stad Lyon en in Moselle bij de grens met Duitsland en Luxemburg.

De veiligheidsdiensten zouden zijn gestuit op een nog ‘onnauw­keurig en vaag’ complot, waarbij er werd gesproken van ‘gewelddadige ­acties’ tegen de president. Dat was voldoende reden om tot arrestaties over te gaan. De verdachten zijn tussen de 22 en 62 jaar oud.

Jaren dertig

Opmerkelijk genoeg liet president Macron zich dit weekend ook uit over de dreiging van rechts-extremisme in Europa en daarbij maakte hij een vergelijking met de jaren dertig. Hij zei dat een lakse houding jegens extremisten de opkomst van Hitler en Mussolini faciliteerde.

De arrestaties volgen op een omvangrijk onderzoek naar rechts-extremisten in Frankrijk. In juni ­werden tien mensen opgepakt op ­verdenking van betrokkenheid bij een ­extreem-rechtse terreurorganisatie. De verdachten waren van plan om ‘te vechten tegen het gevaar van de ­islam’ en wilden aanslagen plegen op moslims. Bij huiszoekingen werden ingrediënten voor explosieven gevonden, evenals wapens en munitie.

In oktober 2017 werd ook een terreurverdachte opgepakt, die eerder betrokken was bij de extreem-rechtse organisatie Action Française. Hij had een nieuwe beweging opgericht met de naam OAS (‘Organisatie van het Geheime Leger’), en wilde aanslagen plegen op migranten en politici.

Roman

De naam OAS was niet toevallig gekozen. Begin jaren zestig was er een gelijknamige rechtse terreur­beweging actief, die ook een Franse president probeerde te vermoorden: op 22 oktober 1962 ontkwam Charles de Gaulle ternauwernood aan een moordaanslag toen OAS-terroristen zijn auto met kogels doorzeefden.

De aanslag was de aanleiding voor de roman ‘De dag van de jakhals’ van Frederick Forsyth. Het boek werd een groot succes en verfilmd. In het verhaal beramen rechts-extremisten een nieuwe aanslag voor op De Gaulle ­tijdens de jaarlijkse militaire parade op de Dag van de Bastille. Deze mislukt echter op een haar na.

De fictie werd in 2002 bijna werkelijkheid, toen de rechts-extremist Maxime Brunerie probeerde de Franse president Jacques Chirac te vermoorden. Brunerie wilde hem tijdens de militaire parade op de Dag van de Bastille doodschieten. Hij had zijn wapen verstopt in een gitaarkoffer. Hij schoot echter mis en kon meteen worden gearresteerd.

Lees ook:

Opkomend rechts-extremisme? Tijd om het hoofd koel te houden

Dat het rechts-extremisme onze aandacht krijgt is begrijpelijk. Driekwart eeuw geleden pleegden de nazi’s in Europa op industriële wijze de grootste moordpartij uit de wereldgeschiedenis, schrijft columnist Ephimenco.

Extreem-rechts palmt ook het Duitse midden in

Het lukt Duitse rechts-extremisten heel goed om mensen buiten hun geijkte netwerken te mobiliseren. Met dank aan Alternative für Deutschland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden