Franse tijd verdient betere plaats in geschiedenisboek

DEN HAAG - “Wat wij hopen te bereiken is de onderbelichte periode die algemeen bekend staat als de Bataafs-Franse tijd de plaats te geven in onze nationale geschiedenis die het verdient.”

Aan het woord is prof. dr. Willem Frijhoff, hoogleraar cultuurgeschiedenis aan de Erasmusuniversiteit in Rotterdam en voorzitter van het 'Comité Tweede Eeuwfeest Nederlandse en Franse Revoluties'. “Revolutie in meervoud omdat wat in 1789 en de daaropvolgende jaren in Frankrijk gebeurde alles heeft te maken met de omwenteling die zich in 1795 in Nederland voltrok. Bij ons is die revolutie weliswaar niet zo bloedig verlopen als in Frankrijk, maar het geeft geen pas er wat lacherig over te doen alsof die zich beperkte tot het dansen om vrijheidsbomen. Ook hier vielen er dodelijke slachtoffers.”

Nadat de koning van Pruisen de Oranjes, omwille van zijn zuster Wilhelmina, in 1787 had gerehabiliteerd, namen uit angst voor een bijltjesdag 5 000 Patriotten de wijk naar Noord-Frankrijk. Bij hun terugkeer in 1795 vonden zij in veel gevallen hun huizen verbrand of vernield.

Frijhoff: “Wij zijn elf jaar geleden al met onze activiteiten begonnen. In 1987 en in 1989 hebben we via publikaties, exposities en symposia ook aan de weg getimmerd. Nederland is echter niet dol op het begrip revolutie. Alles wat daarmee heeft te maken, verdoezelt men liever. Daar komt bij dat de Oranjes tijdens die Franse revolutie en de voorgeschiedenis ervan geen glansrol hebben gespeeld. Wat in 1795 en eerder gebeurde, was met name gericht tegen de macht van de Oranjes en de regenten en de manier waarop de toenmalige samenleving in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden was georganiseerd. Nu wordt algemeen erkend dat in de Bataafs-Franse tijd de basis is gelegd voor de wijze waarop de samenleving in Nederland tegenwoordig functioneert.”

De 'Rechten van de mens' werden afgekondigd. Dat leidde er toe dat de Nederlanders vrijheid van godsdienst kregen. Voordien was daarvan geen sprake. Frijhoff: “Als je bijvoorbeeld rooms-katholiek was, kon je nog geen overheidsbaantje als lantaarnopsteker krijgen. Er kwam een democratisch gekozen volksvertegenwoordiging naar Frans model, de in maart 1796 geïnstalleerde Nationale Vergadering. Er werd ook algemeen kiesrecht voor mannen boven de 21 ingevoerd. Later is dat weer teruggedraaid. We kregen ook onze eerste geschreven grondwet en daarmee werden we een eenheidsstaat.”

Om praktische redenen komen de activiteiten in dit herdenkingsjaar 1995 zo laat op gang. Frijhoff: “Wij wilden niet tussen de herdenking van vijftig jaar bevrijding van de Duitse bezetters gaan zitten met nog een herdenking. Die twee zaken kon je ook niet samen brengen. Er wordt wel gesproken over de Franse bezetting maar de vergelijking met wat de Duitsers ons aandeden is niet reëel. Alleen in de laatste paar jaar van de Franse tijd, toen Nederland bij Frankrijk werd ingelijfd, was er sprake van een bezetting.”

In het Haags Historisch Museum is de tentoonstelling 'Denkbeeldig Vaderland, kunst en politiek in de Bataafs-Franse tijd' begonnen (tot 11 februari). Het is de nationale tentoonstelling die oorspronkelijk in het Rijksmuseum in Amsterdam was gepland maar daar niet doorging omdat de financiering niet rondkwam. Er zijn bijzondere zaken te zien, zoals spotprenten uit het Brits Museum in Londen. Interessant is de reconstructie van de Nationale Konst-gallerij die in 1800 in Huis ten Bosch werd geopend als voorloper van het huidige Rijksmuseum.

Voor de komende jaren staan nog andere herdenkingen op het programma, zoals in 1999 als het twee eeuwen is geleden dat de Engelsen de Fransen probeerden te verdrijven door een inval in Noord-Holland. Frijhoff:“ Wij vinden niet dat er per se allerlei data moeten worden herdacht. Het gaat er ons om de mensen historisch besef bij te brengen voor een periode die op allerlei gebied belangrijk is geweest. Het is een tijd die het waard is je erin te verdiepen. Neem koning Lodewijk Napoleon, een fascinerende man die het goede met Nederland voor had. Hij wilde hier iets opbouwen en ging daarbij tegen zijn broer, de keizer, in. Dat was een totaal ander uitgangspunt dan bij de vazallen die Hitler hier tijdens de Duitse bezetting neerzette”.

Met steun van het comité is deze week een lijvig boekwerk: 'Tussen vrijheidsboom en Oranjewimpel' (Historische Uitgeverij Rotterdam, prijs f 65,-) verschenen. Die uitgave is begeleid door Frans van Rooijen van het Algemeen Rijksarchief. In het boek zijn uiteenlopende bijdragen opgenomen over de Franse tijd die zijn terug te voeren tot verhalen over gewone mensen die de grote gebeurtenissen gestalte gaven. Frans van Rooijen: “Er is zoveel over deze tijd in de archieven te vinden. Onbegrijpelijk dat Nederland er met een grote bocht omheen loopt! Hier in het Algemeen Rijksarchief kunnen goudmijnen aangeboord worden. Maar steeds grijpen historici terug naar de zeventiende eeuw toen Nederland internationaal een grootmacht was. Dat spreekt kennelijk meer tot de verbeelding”.

Van de zijde van het Algemeen Rijksarchief gaat men de komende tijd actie ondernemen om historici te interesseren voor onderzoek naar die tijd. Frans van Rooijen haalt een brief tevoorschijn, geschreven door het beroemde duo Aagje Deken en Betje Wolff. Zij waren ook vurige Patriotten en vluchtten in 1787 naar Noord-Frankrijk. Na hun terugkeer in 1796 deden zij een verzoek om bijstand in de moeilijke financiële toestand waarin zij terecht waren gekomen. Het is maar een greep uit de honderden dossiers die hier in de kelders liggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden