Franse geschiedenispolitie teruggefloten

Franse historici protesteerden de afgelopen jaren heftig tegen wetgeving waarin de staat zijn visie op het verleden oplegt. Het parlement heeft hun strijd gehonoreerd.

Het comité Liberté pour l’Histoire (Vrijheid voor de geschiedenis) was zo blij dat het anderhalve week geleden een hele pagina kocht in dagblad Le Monde. Daar bedankte het de bijna duizend historici die de zaak van het comité hebben gesteund.

Reden van de blijdschap was het rapport van de parlementaire onderzoekscommissie dat bepaalt dat de Franse wetgever zich voortaan niet meer met de geschiedschrijving zal bemoeien.

De onderzoekscommissie werd in het leven geroepen nadat een storm van verontwaardiging was opgestoken na bemoeienissen van president Sarkozy met het geschiedenisonderwijs. Zo opperde Sarkozy eerder dit jaar dat alle Franse schoolkinderen een kind uit het Nazi-vernietigingskamp Auschwitz moesten ’adopteren’ opdat de herinnering aan de Holocaust zou blijven voortleven.

Met het rapport (titel: ’de Natie samenbrengen rond een gedeeld verleden’) maakt het Franse parlement een einde aan de jonge traditie van zogeheten lois mémorielles: wetten waarin de staat zijn visie op historische gebeurtenissen oplegt. In Frankrijk waren dergelijke wetten de afgelopen jaren inzet van een heftig, en bij vlagen emotioneel, debat.

Anders dan in andere Europese landen bleef het in Frankrijk namelijk niet bij het verbieden van de verkoop van Mein Kampf of een verbod op ontkenning van de Holocaust. Zo stemde het Franse parlement in 2006 in met een wet die óók ontkenning van de Armeense genocide (1915) strafbaar stelde.

Is het wel aan staat om te bepalen wat goed of fout aan het verleden is? Zo vroegen bezorgde historici zich af, die vreesden voor hun onderzoeksvrijheid.

Zo was Olivier Pétré-Grenouilleau, erkend specialist op het gebied van de geschiedenis van de slavernij, in 2005 in de problemen geraakt nadat hij in een interview beargumenteerd had waarom slavenhandel niet op één lijn met de Holocaust gesteld kon worden. Een belangenorganisatie van Antillianen en Guyanezen dreigde hem voor het gerecht te slepen en beriep zich daarbij op een wet uit 2001 die de slavernij aanmerkt als een ’misdaad tegen de menselijkheid’.

Van een proces tegen Pétré-Grenouilleau kwam het uiteindelijk niet, maar nog datzelfde jaar ontstond er alweer een nieuwe polemiek rond een wetsartikel waarin geschiedenisleraren werden gedwongen om in hun lessen de ’positieve kant’ van de Franse kolonisatie te benadrukken. Het verzet bleek zo groot dat toenmalig president Jacques Chirac uiteindelijk besloot het gewraakte artikel uit de wet te schrappen.

Historici lieten het er niet bij zitten. Onder aanvoering van Pierre Nora, lid van de Académie Française, samensteller van de beroemde reeks Les Lieux de Mémoire en één van Frankrijks meest vooraanstaande historici, werd het actiecomité Liberté pour l’Histoire opgericht. „De historicus accepteert geen enkel dogma, respecteert geen enkel verbod, kent geen taboes en kan maatschappelijke onrust veroorzaken.” Zo stelde dit comité in zijn beginselverklaring.

In oktober publiceerde het comité de Oproep van Blois (zie kader), die in korte tijd werd ondertekend door bijna duizend historici van over de hele wereld. „Wat zal morgen op het menu van de parlementariërs staan?” vroeg Nora zich in Le Monde af. „De boerenslachting in de Vendée (1794)? De slachting van protestanten tijdens de Bartholomeusnacht (1572)?”

Het Franse parlement heeft zich gevoelig getoond voor de argumenten van Nora’s comité en heeft zich inmiddels in het boetekleed gehuld. In zijn conclusie stelt de onderzoekscommissie dat „het niet aan de parlementariërs is om wetten te maken waarin een visie op het verleden wordt verwoord.”

Ontkenners van de Armeense genocide kunnen in Frankrijk overigens nog steeds niet rustig gaan slapen. Het besluit heeft alleen betrekking op toekomstige wetgeving; reeds bestaande wetten blijven bestaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden