Frankrijk gelooft niet in softe aanpak

Sarkozy schafte de wijkagent af. 'Preventie richt zich alleen op de mislukte jihadisten.'

KLEIS JAGER

Frankrijk heeft geen beste naam als het gaat om het voorkomen van jihadisme. Maar dat 'deradicalisering' echt helpt, moet nog steeds worden bewezen.

In Frankrijk zitten de autoriteiten niet bovenop de jeugd die dreigt af te glijden richting de gewapende strijd voor het kalifaat. Die kritiek uitte onder andere de Nederlandse terreurdeskundige Beatrice de Graaf vorige week in de talkshow 'Pauw'. Wat volgens haar nodig is, zijn wijkagenten die in 'de haarvaten van de samenleving' zitten. Mensen dus die in een vroeg stadium verdacht gedrag waarnemen en dan ingrijpen.

"Fransen zijn er heel goed in om hard op te treden als het te laat is", aldus De Graaf, hoogleraar Internationale betrekkingen. Frankrijk zou daarom een voorbeeld moeten nemen aan Nederland, dat volgens haar dankzij de 'softe wijkagenten-aanpak' aanslagen heeft voorkomen.

Ook Franse kenners van de materie menen vaak - zoals de islamoloog Mathieu Guidère - dat preventie een ondergeschoven kind is in Frankrijk. "Alles wat met inlichtingenwerk en preventie te maken heeft, is hard geworden", zegt Guidère. "Het menselijke element is er helaas uit gehaald."

De wijkagent is er ooit wel geweest, maar werd afgeschaft door Nicolas Sarkozy. Sarkozy, president van 2007 tot 2012, vond dat de politie achter boeven aan moest in plaats van een potje te voetballen met criminelen in de dop. De komst van een linkse regering bracht geen verandering; de socialisten vonden de wijkagent veel te duur om hem in ere te herstellen. De politie surveilleert daarom nog steeds vooral in de auto, de afstand tussen de jeugd in de banlieue en de politie is dus nog even groot, menen critici.

Toch betekent dit niet dat er niets gebeurt. Vooral het initiatief van de Frans-Marokkaanse oud-medewerker van de kinderbescherming Dounia Bouzar trok de laatste jaren de aandacht. Inmiddels deden dertig van de honderd departementen (provincies) aangemoedigd door het ministerie van binnenlandse zaken een beroep op Bouzar. Bouzar volgde met haar medewerkers 600 gezinnen en wist naar eigen zeggen vijftig aspirant-jihadisten van een hachelijk buitenlands avontuur af te houden.

Bouzar begon in 2006 door radicale jongeren een religieus alternatief, een vriendelijke islam, aan te bieden. Dat was geen succes, en nu probeert zij het met een psychologische benadering. Zij wil 'het proces van steeds meer haat' stoppen door het 'kind dat in ons allen huist' wakker te schudden. "Dat doe je bijvoorbeeld door samen een verjaardagstaart te bakken", vertelde zij de krant Libération in februari van dit jaar.

Bouzar doet zeker nuttig werk, vindt Guidère. Maar van de strategie kunnen moeilijk wonderen worden verwacht denkt hij: "Zij houdt zich bezig met de mislukte jihadisten. Degenen die niet naar Syrië zijn gegaan, die komen bij haar terecht."

De Iraans-Franse socioloog Farhad Khosrokhavar, auteur van een boek over radicalisering in de gevangenis, vindt de kritiek op de Franse aanpak overdreven. "Het probleem is niet het jongerenwerk of het gemis van wijkagenten. Frankrijk is aangevallen omdat het IS bombardeert in Syrië, ze zijn daar zelf heel duidelijk over. Zij maken natuurlijk gebruik van jongeren die opgroeien in de Franse banlieue, maar dat is van secundair belang. Frankrijk telt nu eenmaal veel moslims en dus is er een grote vijver voor IS."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden