Fotograferen vanuit de rolstoel, een kalender met kinderwensen uit Peru.

Het was bepaald geen snoepreis die Monique Velzeboer en Erma Rotteveel in juni naar Peru maakten. Ze hadden maar tien dagen om foto's te maken voor de nieuwe kalender van het Liliane Fonds - en voor een agenda en wenskaarten. De zonnigste kant van Peru hebben ze dus niet gezien; geen toeristische hoogtepunten in elk geval.

De meeste tijd brachten ze door in de hoofdstad Lima en in Arequipa, waar ze projecten van het Liliane Fonds bezochten. Vooral het verblijf in het weeshuis in Arequipa, waar dokter Maria Luz 33 kinderen met een handicap opvoedt, was een indringende ervaring. De kinderen zijn vaak afgeleverd aan de poort of gevonden op de vuilnisbelten van de stad.

Tragische verhalen hebben ze gehoord, over armoede en verdriet, over eenzaamheid en pijn. En toch heeft oud-shorttrackster Monique Velzeboer vrolijke portretten gemaakt van de Peruaantjes. Blije kinderen, voor wie een fotosessie een geweldige belevenis was. Vooral omdat zij werden gefotografeerd door een jonge vrouw in een rolstoel, geassisteerd door een al even spontane Hollandse.

Het verhaal van Monique Velzeboer is al vaak verteld. Ze was een veelbelovende schaatster op de korte snelle baantjes, telg uit een familie die grossierde in shorttracktalent. Maar in 1993 was het ruw afgelopen met haar schaatscarrière: op de training maakte zij een val, klapte tegen de boarding en hield daar een dwarslaesie aan over. Monique belandde in een rolstoel, liet haar studie psychologie schieten en gaf zich over aan de fotografie. “Toen ik nog schaatste had ik daar niks mee. Ik maakte alleen fotootjes met zo'n compact-camera. Ik wist niet eens wat een diafragma was of wat je met verschillende lenzen kon doen. Toen ontdekte ik ineens hoe leuk fotografie is en heb ik een vakopleiding gevolgd.“

Dat resulteerde onder meer in een opdracht van de schaatsbond, waarvoor ze originele foto's van topschaatsers maakte. Die werden gebundeld in een kalender en de opbrengst ging naar het Liliane Fonds. Zo raakte ze in contact met de organisatie die voor kinderen en jongeren met een handicap in ontwikkelingslanden medische en sociale revalidatie probeert mogelijk te maken. Het fonds vroeg haar buitenlandse kinderen met een handicap te fotograferen voor een kalender. En zo bezocht Monique Rwanda, Bangladesj en Nepal.

De Noordwijkse beperkt zich tot portretten. “Ik heb niet zoveel met landschappen. Dan wil ik er iemand in hebben. Dat was vroeger al met vakantiefoto's; daar moesten mensen op staan.“ Toch is de fotografe opgegroeid uit het landelijke Oud-Ade (ZH), waar ze haar jeugdvriendin Erma Rotteveel uit het naburige Rijpwetering van kent. Allebei boerenmeiden, allebei fanatieke schaatsenrijdsters en lid van de gewestelijke kernploeg, allebei fietsen tegen de wind in naar dezelfde middelbare school. Erma is grafisch vormgeefster en heeft een eigen bureau. Samen hebben ze een stichting opgericht om het Liliane Fonds te steunen en de uitgave van de kalender mogelijk te maken. Erma: “Het Liliane Fonds kan het risico van de kalender niet nemen. Dat doen wij nu met de Monique Velzeboer Foundation. Wij proberen als vrijwilligers geld voor het fonds bij elkaar te brengen en publiciteit los te maken. Hoe meer donateurs, hoe meer kinderen je kunt helpen. Met een paar euro is een kind al de koning te rijk en kan het zijn in plaats van een kwetsbaar hoopje mens zonder hulp. Vaak denkt de omgeving dat een gehandicapt kind een vloek over zich heeft afgeroepen. Ouders schamen zich ervoor of voelen zich schuldig, terwijl het kind onzichtbaar wordt gehouden in een hutje achteraf. Het Liliane Fonds geeft ondersteuning en de kinderen krijgen revalidatie of soms heel eenvoudige middelen om weer in de maatschappij te kunnen functioneren.“

In Peru verbleven de vrouwen eerst een project in Lima: Villa el Salvador, een prachtige naam voor een sloppenwijk waar een miljoen mensen wonen en problemen met de luchtwegen aan de orde van de dag zijn. “Maar dat is het minste waarover de bewoners van de wijk zich zorgen maken“, schrijft Libelle- columniste Wieke Biesheuvel, die hen begeleidde, in een voorwoord op de kalender. “Vaak hebben ze nog niet eens ene paar soles over (een sole > 40 cent) om hun kinderen in de comedore (een soort gaarkeuken) te laten eten. Heb je ook een kind met een handicap, dan trekken veel ouders het niet meer.“

In Rwanda fotografeerde Monique vorig jaar in een centrum met 600 kinderen onder het motto 'Oprecht' (over de rechten van het kind); in Peru ging ze met Erma op zoek naar twaalf 'Kinderwensen'. “Het gaat ons niet alleen om de foto's, maar ook om de verhalen. Elk kind heeft een interessant verhaal. Wij kregen daarbij hulp van de projectcoördinator, een revalidatie-arts of de mediator van het Liliane Fonds. En Wieke Biesheuvel schreef de teksten.“ Monique en Erma namen een witte tent mee om met zacht licht te kunnen werken. “Het voordeel is dat je de kinderen uit hun omgeving haalt en rustig met ze kan werken. Op de foto's is nu alle aandacht gericht op de kinderen.“

Het is niet gemakkelijk om twaalf kinderen uit te kiezen. In Rwanda dromden ze bijna alle 600 om de tent heen en in Peru wilde ook elk kind zich op het schermpje van de camera zien. Monique: “In principe zetten we ze ook allemaal op de foto. Ouders kwamen er expres om vragen; die waren erg trots dat hun kinderen op een positieve manier aandacht krijgen. Een moeder kwam ons er nog speciaal voor bedanken dat haar dove dochter 'gezien' werd.“ Ook de rolstoel van Monique had een bijzondere uitstraling, zag Erma. “Een van de meisjes dat ons had gezien, zei: 'Ik wil later ook gaan reizen.' Ook in het centrum waren ze verbaasd wat het fotograferen voor uitwerking op de kinderen had. Er waren veel autistische kinderen bij. Toch werkten ze prima mee en waren helemaal niet van slag.“

De fotosessie met de kleine Maria was wel een hele aparte ervaring. Monique en Erma wilden haar met een witte duif op de foto, als decemberplaat - 'Vrede op aarde'. Bij een lokale boer hadden ze de vogels 'gehuurd'. De man had de dag van zijn leven, want hij moest er wel twintig leveren. Twee uur duurde het voordat Maria er in de tent met een duif goed op stond. Erma zat onder de poep, maar ook voor Monique was het een slopende actie. “Ach, als je weet wat lachen is in de plaatselijke taal, helpt dat een hele hoop. Dit maakt onze reis zo bijzonder. Ik doe het liever dan op het strand liggen.“

Volgend jaar? Monique: “De Filippijnen. Daar is het Liliane Fonds vijfentwintig jaar geleden begonnen.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden