Foto-expositie / Beelden tonen niet dat godsdienst terug is

De foto-expositie van Noorderlicht in Groningen stelt dat religie terug is in Nederland. Kunsthistoricus Wouter Prins bestrijdt dat met de beelden in de hand.

‘Het geloof staat weer op de agenda’, concluderen de samenstellers van het Groningse fotofestival ’Noorderlicht dat nu in het teken staat van geloof. Daarmee voegt het zich in een hype die ons wil doen geloven dat de religies van deze wereld samen optrekken in een revival.

Het geloof is niet terug. Geen bevolkingsonderzoek staaft het en mijn vrienden staan nog altijd even gereserveerd tegenover mijn katholicisme – ’knettergek!’.

Als conservator moderne kunst in het Museum voor Religieuze Kunst te Uden, dat al twintig jaar hedendaagse religieuze kunst van vaderlandse bodem verzamelt en exposeert, blijkt me de laatste jaren niets van een beter of ruimer aanbod.

Hoe komt het dat kranten die vroeger nauwelijks over godsdienst schreven, nu beweren dat religie terug is? Daar is maar één antwoord op te bedenken: niet het geloof, maar de islam staat op de agenda. Het debat over de islam kleurt, overschaduwt én voedt het debat over het geloof . In politiek Den Haag, maar ook in Tilburg. Daar dreigt nu een rel te ontstaan rond het plan van Jeroen de Leijer en Nick Swarth om een ‘kruisweg’ in de vorm van lichtbakken langs de ringweg te stationeren. De gemeente wil niet.

Tien jaar geleden zou dat geen probleem zijn geweest, maar nu met die hele discussie rond de islam ligt alles gevoeliger, zegt Jeroen de Leijer op de site van het Brabants Dagblad.

Dat het fotofestival ’Noorderlicht’ in Groningen dit jaar in het teken staat van de religie, danken wij aan dezelfde ophef. Al nemen de samenstellers van de tentoonstelling Act of Faith de moeite ons te doen geloven dat er meer aan de hand is. In de inleiding van de catalogus wordt een fatwa tegen een Bengaalse auteur die zich kritisch uit heeft gelaten over de islam in verband gebracht met een protestactie als die van de ChristenUnie tegen een bikiniposter in Utrecht. „Zomaar berichten uit de krant van gisteren, die laten zien dat het geloof terug is van nooit helemaal weggeweest”, schrijven de samenstellers.

Dat dat protest tegen vrouwelijk naakt ook vanuit de emancipatiebeweging of, sinds een week, van minister Plasterk had kunnen komen, wordt er niet bij vermeld. Om nog maar te zwijgen over het feit dat iemand met de dood bedreigen iets anders is dan je ongenoegen uiten over een reclameposter.

Maar onderscheid maken ze niet graag in Groningen. Op de tentoonstelling hangt alles door elkaar, van islam tot boeddhisme, van vormen van naastenliefde tot fundamentalisme, van ascetisme tot zelfkastijding. Veelal indringende foto’s, dat zeker, maar zonder omschrijving, zonder informatie over de context. Zelf je conclusies trekken, luidt het devies.

En die conclusie moet luiden dat de organisatoren (en een aantal deelnemers) lijden aan een ziekte waaraan iedereen tegenwoordig lijdt, de kwaal van het mondialiseren, van het gelijkschakelen, veralgemeniseren, versimplificeren. De ontwikkelingen die religies doormaken, laten zich niet zomaar met elkaar vergelijken. Bovendien zijn er regionale verschillen. In Oost-Europa mag het christendom dan terug zijn, in West-Europa gaat de secularisatie gestaag door.

Bij de kwaal hoort ook het verabsoluteren van het nu. Een groot aantal van de foto’s in Groningen hadden voor het zelfde geld in de vorige eeuw gemaakt kunnen zijn. Jacky Nicholsons foto van een moniale in een Iers klooster wijkt in weinig af van de serie die Annie van Gemert begin jaren negentig in Nederlandse kloosters heeft gemaakt. Tomassa Bonaventura’s opname van een pelgrim die op zijn knieën de laatste meters aflegt naar het heiligdom van Fatima in Portugal oogt als een geserreerde versie van de foto die Marrie Bot maakte eind jaren zeventig. En voor de shockerende beelden van zelfkastijding door sjiieten en hindoestanen hadden de organisatoren ook een greep kunnen doen uit de serie Religion and Death van Desirée Dolron uit de jaren negentig.

Van Gemert, Bot, Dolron maar ook Bertien van Manen, ze ontbreken op het festival. De organisatie zal daarvoor moverende redenen hebben, maar het is betekenisvol dat de foto’s van Dolron en Bot destijd meer verzet, meer commotie teweeg brachten dan Act of Faith anno 2007. Waarmee gezegd wil zijn dat de polemiek over het geloof toen niet minder gepassioneerd werd gevoerd. Pikant is dat zowel Dolron met haar foto’s van rituele zelfkastijding als Bot met haar serie over bedevaartsoorden in Europa erop wees dat wat zij fotografeerden en wat hun bijzondere belangstelling had een zekere vorm van exces was, een overdreven vorm van beleving van het geloof.

Vooral de confronterende foto’s uit de serie Miserere van Marie Bot (1984) stuitten op weerzin. Katholieken als de journalist en dichter Gabriël Smit klaagden dat de fotografe ongegeneerd dicht op de huid van de gelovige was gekropen, in diens zeer intieme zoekgang naar contact met God. De eigenlijke grond van het bezwaar van Smit was dat hij zich niet kon herkennen in de ‘vernederingen’ die de gefotografeerde bedevaartgangers zich oplegden. Maar Smit en de zijnen stonden dan ook ver af van de kruipende arme boeren en boerinnen uit Ierland, Portugal, Griekenland, Polen: de periferie van Europa.

Dat Act of Faith geen vergelijkbare discussie oproept, bevestigt impliciet het beeld dat de foto’s van de tentoonstelling ver van ons afstaan. Religie mag dan terug zijn op het politieke wereldtoneel, daarmee is zij nog niet terug in de harten van de doorsnee Nederlander, voor wie religie verleden tijd is.

In Nederland, in West-Europa is de strijd gestreden. Dat lijken de foto’s te zeggen die Gert-Jan Kocken exposeert in het Stedelijk Museum Bureau Amsterdam. Zijn serie Defacing toont foto’s op ware grote van meest laatgotische beelden en schilderijen die tijdens de beeldenstorm in de zestiende eeuw zijn vernield, waarvan de gezichten met opzet zijn beschadigd (defacing).

Een bijzonder project, maar nog opmerkelijker is de context waarbinnen de foto’s worden getoond. Niet in het kader van een historische tentoonstelling over de Reformatie, maar in een projectruimte van het Stedelijk Museum, platform voor ontwikkelingen op het gebied van hedendaagse kunst. In de begeleidende nieuwsbrief plaatsen curator Jelle Bouwhuis en kunstcriticus Sven Lütticken de foto’s op zorgvuldige wijze in de brede context van het iconoclasme, de beeldenstrijd die ooit begon in het Byzantijnse rijk in de achtste eeuw en sindsdien steeds in andere gedaanten, op andere plaatsen opduikt. In de abstracte kunst van de twintigste eeuw, in de vernieling van de symbolen van het communisme, in de vernietiging van boeddhabeelden in Afghanistan.

Maar juist dit laatste voorbeeld, de vernietiging van de boeddhabeelden (zo mogelijk de slechtste pr-stunt van de Taliban, schrijft fotograaf Zahif Gafic in de catalogus ’Act of Faith’) doet de vraag rijzen waarom Nederland al eeuwenlang van een dergelijk religieus geïnspireerd geweld gevrijwaard is gebleven.

Hoe sterk Nederland en Afghanistan op dit gebied van elkaar verschillen, kan worden geïllustreerd aan de hand van de ‘kleine beeldenstorm’ die in de katholieke kerk woedde tussen 1965-1970. In die periode nam progressief katholiek Nederland massaal afstand van haar zoete, meest neogotische erfgoed. Gipsen beelden werden de deur uitgewinkeld, bij het grofvuil gezet of vermalen tot schoolbordkrijtjes. De aanleiding voor deze ‘beeldenstorm’ was geen uiting van woede of protest, geen neerhalen van een gehaat symbool, maar een teken van onverschilligheid. Men had gewoon niets meer met de zoete heiligenbeelden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden