Fors zwartboek brevet van onvermogen IOC

Vermoedens en beschuldigingen hebben een officiële basis gekregen: het olympisch anti-dopingbeleid van de VS is corrupt. Vele betrapten werden nooit gestraft. Ook voor Carl Lewis werd de dopingwet omzeild. Maar krijgt 'Usoc-gate' een serieus vervolg?

AMSTERDAM - Voor de atletiek in de VS stond Carl Lewis in de jaren tachtig en negentig symbool voor pure schoonheid. Als sprinter etaleerde hij het summum aan souplesse en ontspanning; zijn vertesprongen waren majestueus.

Als een van de meest constante en consistente atleten uit de geschiedenis werd de negenvoudige olympisch kampioen naar voren geschoven als het voorbeeld dat zich clean handhaafde aan de verziekte (Oostblok) top. Zo de kletszieke Amerikaan zich niet zelf presenteerde als koning onschuld in het land van bedrog.

Tijdens de Olympische Spelen van Seoul kon het contrast tussen hem en bad guy Ben Johnson nauwelijks groter zijn. Krachtmens Johnson overvleugelde hem op de 100 meter met een wereldrecord en werd vervolgens ontmaskerd als de grootste bedrieger uit de olympische historie. Lewis schaarde zich terstond achter IOC-voorzitter Samaranch, die op het gebied van doping altijd een oogje had dichtgeknepen maar nu gedwongen was in actie te komen. Verbaal dan.

Johnson was betrapt op de spierversterker stanazolol en zou later in Canada voor de rechter bekennen tal van preparaten te hebben gebruikt. Carl Lewis was in Seoul als tweede geëindigd en nam onder het pleiten voor meer dopingcontroles alsnog het goud in ontvangst.

Al in de Zuid-Koreaanse stad klonken geluiden dat Lewis zelf ook niet helemaal zuiver op de graat was. In de loop der jaren stapelden zich voorts de beschuldigingen op dat Usoc, het Amerikaans olympisch comité, het niet zo nauw nam met het antidopingprogramma.

In 2000, aan de vooravond van de Spelen in Sydney, werd door Johan Olav Koss als lid van IOC's atletencommissie gewag gemaakt van 'speciale regels' die zouden gelden voor atleten uit Amerika. Twee voormalige doktoren van Usoc waren toen al met dit soort zaken naar buiten getreden.

Eind jaren tachtig was Robert Voy de eerste die in zijn boek 'Drugs, Sports and Politics' schreef dat in de Amerikaanse atletiek op grote schaal anabolica werden gebruikt. In 2000 verklaarde Wade Exum dat meer dan vijftig procent van de positieve gevallen verzwegen werd. Namen durfde de oud-directeur van het anti-dopingprogramma van Usoc (1991-2000) niet te noemen.

Nu heeft Exum een zwartboek van 30000 pagina's met vertrouwelijke Usoc-documenten uit de periode van 1988-2000 in handen gespeeld van twee Amerikaanse bladen. Exum had het materiaal willen gebruiken in een rechtszaak tegen Usoc wegens rassendiscriminatie en onterecht ontslag, maar de zaak liep vorige week stuk op gebrek aan bewijs.

In de documenten staan meer dan 100 positieve testen, waarbij in meer dan de helft van de gevallen sancties voor de betreffende sporters uitbleven. Negentien van hen wonnen vervolgens olympische medailles.

Onder hen Carl Lewis. De 'atleet van de eeuw' werd tijdens de selectiewedstrijden voor de Spelen van 1988 driemaal betrapt, in zijn urine werden sporen van efedrine, pseudo-efedrine en phenylpropanolamine gevonden.

Lewis, die in Seoul twee gouden en een zilveren medaille won, werd aanvankelijk door Usoc gediskwalificeerd. Hij beriep zich op het slikken van een plantenextract; drie weken voor de Spelen werd zijn straf wegens 'onbedoeld gebruik' teruggebracht tot een waarschuwing.

Hetzelfde gebeurde met zijn clubgenoot Joe DeLoach (goud 200 meter) en Andre Phillips (goud 400 horden). Volgens het IOC-reglement had het drietal geschorst moeten worden. Andere overtreders waren tennisster Mary-Joe Fernandez (goud en brons in '92) en voetballer Alexi Lalas.

Voor Dick Pound, voorzitter van Wada, het wereld antidopingagentschap, is geen twijfel mogelijk: dit is de bevestiging van wat hij en andere critici al jaren denken. Daarmee geeft hij zichzelf een brevet van onvermogen. Pound was destijds een belangrijk lid van het IOC, dat geen moeite deed een vinger achter de vermoedens te krijgen. De VS dekken immers met tv-rechten en reclame voor het grootste deel de financiële IOC-belangen.

Juist daarom is het belang van uniforme dopingwetgeving en een onafhankelijk dopingagentschap groot. Maar Amerikaanse dopingovertreders kunnen zich achter nationale wetten verschuilen. Wada is niet onafhankelijk genoeg, de tentakels van het IOC dringen er nog altijd in door. Gevreesd moet worden dat Usoc-gate geen serieus vervolg krijgt, net zoals het openen van de Stasi-archieven van de voormalige DDR op IOC-niveau tot niets leidde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden