Forever Young

Neil Young bracht een nieuwe cd en een autobiografie uit. Ze tonen een ietwat onbeholpen man, die altijd kind is gebleven, en nu toch worstelt met de ouderdom.

SEIJE SLAGER

Kent u die van die rockster die autopech kreeg? Welnu, dat is een heel verhaal, dat zich pagina's lang voortsleept, maar de clou luidt ongeveer zo: hij belt de wegenwacht en na een tijdje komt die gelukkig ook opdagen. Eind goed, al goed.

Of die van die rockster die op een goede dag met zijn vrouw en de buren inkopen ging doen in het winkelcentrum? 'Mijn eerste grote aankoop was een set opzetborstels voor mijn Sonicare elektrische tandenborstel, een product waar ik zeer tevreden over ben. Ik had ze echt nodig en vroeg me al een tijdje af waar ik die kon krijgen.'

Wie overweegt om de zojuist verschenen autobiografie 'Waging Heavy Peace' van Neil Young te gaan lezen, is maar vast gewaarschuwd: de man is geen aanhanger van het principe 'Schrijven is schrappen'. En dan drukken we ons nog eufemistisch uit.

Vijfhonderd pagina's lang heeft Neil Young schijnbaar alles op papier gesmeten dat op dat moment in hem opkwam. In naïeve dagboektaal, zonder veel stilistische opsmuk - en dan drukken we ons alweer eufemistisch uit. De meeste zinnen beginnen met 'Ik'. Of met 'Hoe dan ook', als hij weer eens op een zijpad is beland, en de draad van zijn verhaal terugzoekt. Die zijpaden zijn vaak dezelfde: steeds weer begint Young over twee van zijn zakelijke projecten: de Lincvolt, een auto die op schone energie rijdt, en Pono, een door hem ontwikkeld audioformaat dat de concurrentie met het blikkerig klinkende MP3 moet aangaan.

Tussen die promotiepraatjes door tapt hij in niet-chronologische volgorde anekdotes over zijn leven. Soms het soort verhalen dat je verwacht van dit soort muzikantenboeken: bijvoorbeeld het relaas over die magische ochtend dat hij zich misselijk en koortsig voelde, dan maar wat op een gitaar begon te jengelen, en zomaar achter elkaar de drie klassiekers 'Cinnamon Girl', 'Down by the River', en 'Cowgirl in the Sand' uit zijn mouw schudde. Maar die mooie verhalen liggen goed verborgen onder een eindeloos breiwerk van gebabbel over auto's, wegenwachten, en wat al niet.

Niet dat hem dat zelf lijkt te deren. 'Schrijven is een gemakkelijke bezigheid, kost weinig, en is een geweldige manier om de tijd door te brengen', schrijft hij ergens halverwege. 'Ik kan het aanraden aan iedere oude rocker die blut is en geen idee heeft wat hij moet doen.' En even verderop droomt hij hardop over een carrière als schrijver.

Tja, misschien moet hij het toch maar bij de muziek houden. Maar daar belanden we bij een van de redenen voor dit boek: de liedjes komen niet meer. 'Liedjes zijn als konijnen', zegt Young daarover. Als je heel nadrukkelijk bij het hol blijft staan, komen ze niet naar buiten. Met weer een 'Hoe dan ook' verandert hij dus snel het onderwerp. Maar het hele boek door worstelt hij op de achtergrond toch met zijn Muze.

Op doktersvoorschrift moest Young onlangs stoppen met drinken en met blowen. Op hersenscans is iets mysterieus te zien, hij is bang dat het op dementie wijst. Hij voelt zich best modieus bij zijn gezonde nieuwe levensstijl. Alleen onthult hij dat hij nog zelden in sobere staat een liedje geschreven heeft. De weg naar de Muze lijkt afgesloten. 'Ik weet niet meer hoe ik moet hallucineren.'

Daarbij kwam nog meer fysiek ongemak: een gebroken teen, die hem het optreden een tijdlang onmogelijk maakt. En dus zette hij zich dan maar aan het schrijven van zijn memoires.

Dat levert geen standaard autobiografie op, meer een soort in het openbaar beleden therapeutische sessie. En daaruit doemt uiteindelijk wel een beeld op van Neil Young. Een man die altijd een beetje kind is gebleven, of hooguit een puber. Hij speelt al zijn hele leven met treintjes. Hij is een ongeneeslijke verzamelaar, vooral van stoere oude auto's. Hij vindt de omgang met andere mensen moeilijk. En hij kan slecht omgaan met 'volwassen' verantwoordelijkheid: zo beschrijft hij hoe hij in de jaren zeventig met een vriend regelmatig op kroegentocht gaat, op zoek naar vrouwelijk schoon. In de auto tussen de bars snuiven ze lijntjes coke. Hun kinderen zitten achterin, maar goed, die vermaken zich wel met elkaar als de papa's ergens binnen zitten te drinken.

Elders in het boek citeert hij zijn producer David Briggs. 'Je kunt of een verantwoordelijk persoon worden, of voor eeuwig een veertienjarige blijven, zegt die. En als je rock en roll wil maken, is er geen tussenweg: dan moet je voor het laatste kiezen.'

Je kunt je afvragen of het zo scherp ligt, maar als het om Neil Youngs muzikale persoonlijkheid gaat, zit er waarschijnlijk wel waarheid in. Zijn muziek heeft altijd iets naïefs gehad, en was vaak heel erg op zichzelf gericht. Het leverde briljante nummers op, en ook een paar flinke missers.

Maar ooit komt het moment dat je lichaam je er onherroepelijk aan herinnert dat je geen veertien meer bent, dat je hoogtijdagen misschien wel achter je liggen. Dat is de worsteling die Neil Young doormaakt. Niet alleen in het boek, ook op zijn nieuwe plaat 'Psychedelic Pill', die deze week verschijnt. Want uiteindelijk kwamen de liedjes kennelijk toch weer.

Die plaat doet in veel opzichten aan het boek denken. In sommige nummers lijkt de inspiratie Neil Young inderdaad samen met de cannabis verlaten te hebben, zoals de flauwe rocker 'Born in Ontario'. En soms is hij nogal langdradig, zoals in het bijna dertig minuten durende openingsnummer 'Driftin' Back'. De déjà vu is compleet als hij ergens in dat nummer weer een tirade over de geluidskwaliteit van MP3's begint te zingen, als een oude man die steeds maar weer hetzelfde stokpaardje blijft berijden.

Maar dan stuit je weer op iets dat je niet had willen missen: het prachtig geharmoniseerde refreintje van 'Ramada Inn' bijvoorbeeld. Of komt ineens de naïeve, bewonderende puber weer aan het woord, maar dan wel bijna een halve eeuw later: in 'Twisted Road' herinnert hij zich hoe hij in 1966 voor het eerst 'Like a Rolling Stone' van Bob Dylan hoorde.

Geen briljant nummer, overigens, dat Twisted Road. Maar het laat wel weer horen hoe de eeuwige puber Neil Young langzaam in het reine komt met de ouderdom. Die strijd levert een halfbakken autobiografie op, en een plaat met gebreken, die allebei soms irriteren, maar je uiteindelijk toch weer voor hem innemen.

CD Neil Young: Psychedelic Phill,

Reprise

Neil Young:

Waging Heavy

Peace, Bruna, € 19,95

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden