Folk van Guinee in winkelcentrum van Dukenburg

Clowns, jongleurs, muzikanten, portrettekenaars, vuurspuwers, poppenkastspelers, acrobaten, mimespelers, menselijke robots, animatiespelers en goochelaars bepalen het zomerse straatbeeld in tal van Nederlandse steden. Wat beweegt hen? Waarom verkiezen zij straten en pleinen als decor voor hun activiteiten? Een serie portretten van straatartiesten. Vandaag: Habib Williams, zanger/gitarist.

De eerste reacties van voorbijgangers herinnert Williams zich nog heel goed. "De mensen dachten dat ik een asielzoeker was die probeerde wat geld te verdienen."

Dat laatste klopt, het eerste niet. De Afrikaanse zanger/gitarist beschikt over een geldige verblijfsvergunning. Twee jaar geleden kwam hij op uitnodiging van Mory Keita, leider van de vanuit Nijmegen opererende Afrikaanse band Soundiata, naar Nederland.

In Guinee gold Williams als een van de betere bassisten en had hij al naam gemaakt in diverse bands. Sinds 1984 maakt hij deel uit van gezelschappen die het spelen van muziek tot broodwinning verheven hebben. Eerst bij Atlantic Melody, later bij Kaloum Star en Jacba Bit en tot zijn vertrek naar Europa bij S(eydou) N(ourou) Experience. De kunst van het gitaar spelen heeft hij zichzelf aangeleerd. "Op mijn veertiende speelde ik mijn eerste nummers. Van James Brown en Jimmy Hendrix" .

Spontaan begint hij te zingen, zichzelf begeleidend door met zijn vingers op tafel te trommelen. "Ik speel puur op mijn gehoor. Van het notenschrift begrijp ik niets. Dat ik doorgezet heb dank ik vooral aan mijn omgeving. Telkens weer kreeg ik te horen dat ik zo goed speelde. Dat gaf me heel veel zelfvertrouwen" .

Williams behoorde in zijn geboorteland niet tot de grote groep der kansarmen. De zoon van een Senegalese moeder en een vader uit Sierra Leone doorliep zijn schooltijd zelfs in buurland Senegal. "Omdat het onderwijspeil daar hoger was" , legt hij uit. "Bovendien was de politieke situatie in Guinee dermate instabiel vanwege diverse couppogingen dat mijn ouders het beter vonden dat ik naar mijn grootouders in Senegal zou gaan."

Een ernstige heupblessure, opgelopen tijdens een partijtje schoolvoetbal, deed hem in 1979 naar Conakry, de hoofdstad van Guinee, terugkeren. Van leren kwam niet veel meer. "Toen ik na drie jaar weer probeerde aan te klampen, bleek dat ik te lang niets gedaan had" .

Zijn gitaar bood uitkomst. Door zich verder op dit instrument te bekwamen, vergaarde Williams in de loop der jaren voldoende roem in Guinee, om zijn reputatie ook in Europa te gelde te kunnen maken. Twijfels die hij aanvankelijk had om de grote stap voorwaarts te zetten, werden door zijn familie weggemasseerd. "Vooral mijn moeder gaf me het vertrouwen om door te zetten" .

Aanvankelijk lukte dat ook best. Met de optredens van Soundiata had Williams een redelijke broodwinning. Alleen op het sociale vlak ondervond hij beperkingen. "Ik woonde met de andere leden van de band samen in een huis, hier in Dukenburg. Ik was helemaal op hen aangewezen. Zij onderhielden me. Contacten met anderen had ik niet. Ik sprak de taal niet, kende het land en de landsaard niet. Ik voelde me opgesloten." Toen ook nog eens het aantal boekingen voor Soundiata fors terugliep, dreigde zelfs zijn bron van inkomsten op te drogen. "Vandaar dat ik besloot wat extra's te doen door met mijn akoestische gitaar in het winkelcentrum van Dukenburg te gaan spelen."

De verbaasde reacties bij het publiek maakten al snel plaats voor bewondering. Hoewel de mensen de Afrikaanse teksten over het leven en de liefde in Guinee verstonden noch begrepen, hadden ze grote waardering voor het vakmanschap en de gedrevenheid van Williams. "Wanneer ik merk dat mensen mijn muziek apprecieren, voel ik me aangemoedigd om extra mijn best te doen." De lof voor zijn muzikale kwaliteiten bleef niet beperkt tot gemeend applaus. Behalve geld krijgt Williams ook regelmatig andere materiele zaken toegestopt. Bloemen bijvoorbeeld, of etenswaren. "Daaruit spreekt liefde voor wat ik doe" , glimlacht hij.

Mensen hebben hem ook wel eens gevraagd bij hen thuis op te treden om een feestje luister bij te zetten. Vooralsnog is hij daar niet op ingegaan. Om de simpele reden dat de nieuwe band waarin hij sinds november vorig jaar speelt, Fatala, veel van zijn tijd vergt. Over gebrek aan optredens hoeft hij niet meer te klagen. Zijn agenda staat vol met geplande reisjes. In Europa, maar ook daarbuiten. Zo verbleef hij in mei een maand met de 15-koppige band in de Verenigde Staten.

Ook op het relationele vlak heeft hij zijn draai inmiddels gevonden. Oktober vorig jaar leerde hij Marga kennen. Met de 27-jarige Nijmeegse woont hij nu samen in Dukenburg.

Noodzaak om in het winkelcentrum op te treden en met de pet rond te gaan, is er niet meer. Toch zegt Williams het te zullen blijven doen. "Het spelen daar werkt verslavend. De mensen die gewinkeld hebben, vinden het leuk om vermaakt te worden. Zij stimuleren mij. Ik heb wel eens geprobeerd in het centrum van de stad te spelen. Is me bijzonder slecht bevallen. Het publiek daar is veel gehaaster. Neemt niet de tijd om naar je te luisteren. Daardoor voel ik me ook opgejaagd en kan ik niet spelen zoals ik het graag wil. Nee, laat mij maar lekker in Dukenburg spelen. Hier word ik tenminste op straat herkend" .

Dat laatste berust niet op grootspraak. Wanneer Williams de verslaggever op de fiets naar het station brengt, wordt hij door diverse mensen vriendelijk begroet. Zeer tot genoegen van de Afrikaan. Beroemd worden is namelijk een van zijn drijfveren. Het vergroten van de populariteit van Afrikaanse muziek in Europa een andere. Met het opnemen van een eigen cd hoopt hij beide wensen te kunnen verenigen. "Bij Fatala speel ik wat anderen van mij vragen. Het lijkt me fantastisch eens een keer de muziek die ik in mijn hoofd heb te laten vastleggen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden