Flux de bouche of de paroles?

57 In de taalrubriek werd zaterdag van Franse schippers gezegd dat hun flux de bouche zich beperkt tot de eigen taal. Bedoelde de schrijver, in plaats van flux de bouche (’speekselvloed’) misschien flux de paroles (’welbespraaktheid’)?

Dat zou hij hebben bedoeld als het stukje in het Frans was geschreven. In die taal betekent flux de bouche inderdaad ’speekselvloed’ en is flux de paroles dé uitdrukking voor radheid van tong. Maar het Nederlands kent flux de bouche al heel lang als een courant synoniem van welbespraaktheid.

Met die betekenis kwam het reeds in de achttiende eeuw voor. Het tijdschrift De Denker noemde toen ’een schoone flux de bouche verre te prefereeren boven (een) traagen, langzaamen en half stamerenden spreektrant’. In de negentiende eeuw dichtte De Genestet, in ’Fantasio’, over een ’boetling’ (iemand die boete doet): „Hij deed een voetval en begon met zacht te stamelen – / Om langzaam aan zijn flux de bouche te verzamelen”.

Toch bleef dit gebruik bezwaar oproepen. Zo rekende Amy Groskamp-Ten Have anno 1940 flux de bouche tot de ’dingen die welopgevoede lieden onder geen enkele omstandigheid zeggen’. Wie rad van tong was, mocht alleen beschikken over flux de paroles – een uidrukking die volgens de hedendaagse Taalunie ’in het Nederlands niet gebruikt wordt’. Van Dale denkt daar anders over, maar gangbaar is ze nooit geworden. Daarom werd flux de paroles in dat stukje van zaterdag vermeden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden