Flevoland wil de tulpentoerist weglokken bij de Keukenhof

reportage | Meer tulpen, minder mensen, goedkoop parkeren en soms een springkussen

De hand van de bestuurder van het minibusje strekt zich over een bordeauxrood tulpenveld en uit het busje klinken ah- en oh-kreten. "Zie je dat veld daar?", zegt gids Erik van der Weele (48) terwijl hij wijst naar een hoek met gele tulpen. "Daar had je vroeger een kamp waar de mensen woonden die het hier ontgonnen hebben. Iedere sloot hebben ze met de hand uitgegraven." "Echt joh?", zegt een toerist. En dan tegen haar vriendin: "Daar zou ik wel een bosje van willen".

De tulpentoeristen bevinden zich in de grootste tulpenprovincie van Nederland, en dat is allang niet meer Noord-Holland. In Flevoland worden meer tulpen verbouwd. En de tulpenhoofdstad van Nederland, dat is Creil, een klein dorpje in de Noordoostpolder op een kilometer of zes van Emmeloord.

De Flevolanders proberen uit alle macht wat van het tulpentoerisme van de Keukenhof af te snoepen. Met tulpenroutes voor auto en fiets, tulpenmarkten, koetsritten en helikoptervluchten over de velden. Dit alles in een kort seizoen van half april tot half mei.

Het begint zijn vruchten af te werpen. Vorige week zondag heeft de organisatie van de tulpenroute tweehonderd auto's per uur geteld. Ook de minibusjes zitten elke keer weer vol. "We wilden een dagje weg", vertellen vriendinnen Stijnie Velt (68) en Jannie Jansen (59) uit Drenthe. "De Keukenhof hadden we nou wel gezien en dit is goedkoop parkeren", zegt Jansen. "En minder commercieel."

Ze luisteren gefascineerd als gids Erik vertelt hoe de tulpen worden 'gekopt': hun kopje wordt afgesneden, zodat de voedingstoffen in de bol gaan zitten. Van der Weele - in het dagelijks leven taxichauffeur - is de zoon van de eerste tulpenboer hier in de regio, vertelt hij trots. "In de jaren zeventig waren tulpen een goudmijn. Nu is het lastiger er geld mee te verdienen", zegt hij terwijl hij het busje langs een van de typische Noordoostpolderboerderijen rijdt: oranje dakpannen, een betonnen schuur en een rijtje woningen voor de landarbeiders ernaast. Alles kaarsrecht en gepland.

Niet alleen de VVV en de taxichauffeurs, ook de boeren hier zijn blij met de tulpenaandacht. Sommigen maken er een klein showtje van, door een veldje te beplanten in de vorm van hartjes of door een springkussen neer te zetten. Oud-boer Jos Becker (63) heeft zelfs een heel tulpeninformatiecentrum opgezet, waar hij wat bijverdient aan koffie en gebak.

"Mooi dat burgers en toeristen van ons gewas komen genieten", zegt hij. "Steeds meer buitenlandse toeristen weten ons te vinden, zelfs uit China en Mexico. Ze hebben belangstelling voor het nieuwe land, de ruimte en de rust die je in Noord-Holland minder hebt."

In zijn showtuin vergapen enkele Duitsers zich aan tulpen met kartelrandjes en in stervormen. "Echt leuk hier, niet zo massaal", zegt toeriste Gisela, die met dertig man in een bus uit Kleve is gekomen. "Maar die vind ik meer op een vleesetende plant lijken", zegt gids Van der Weelde over de tulp die Gisela zojuist aanwees.

Aan het einde van de tour weten de busgasten van Erik niet alleen alles over tulpen, maar ook wat over de geschiedenis van het gebied, de selectie van de boeren na de oorlog en dat Emmeloord de aardappelkampioen van Nederland is.

"Soms vind ik het wel jammer dat ik de boerderij van mijn vader niet heb overgenomen", vertelt Van der Weelde. En dan: "Misschien moet ik maar eens gaan overwegen de rest van het jaar ook tours te gaan doen."

De inzittenden van het busje lijkt dat een goed idee. "We hebben al zo veel geleerd", zegt Velt. En als er zich weer een rood veld voor haar openvouwt: "Wat zijn er eigenlijk veel kleuren rood, hè?"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden