Flakkerend vlinderlicht en ranke luciferlantaarnpaal

Al eeuwenlang probeert Amsterdam de stedelijke straatverlichting te standaardiseren. Tot op zekere hoogte is dat ook gelukt, maar gelukkig staat Amsterdam niet vol met uniforme lantaarnpalen. Slenter over drie Amsterdamse bruggen en ziedaar: drie volstrekt verschillende lantaarns werpen hun licht over het Amstelwater.

Op de Hogesluis bij het Amstelhotel torsen kleine obelisken - de brugleuning overhuivend - twee paalloze en staande lantaarns in Jugendstil, die in dezelfde adem door aan de flanken van een postkoets zouden kunnen hangen.

Een brug verderop stroomafwaarts, de Nieuwe Amstelbrug, heeft weel'drig hangende lampen, die het mooist tot hun recht komen wanneer de lantaarns samen met de steeds slapper wordende tramleidingen de lucht ingaan als de brug opengaat.

De replica van de Magere Brug heeft even strakke als sierlijke houten lantaarnmasten, welbeschouwd vergrote lucifers. Het zijn replica's naar het ontwerp van schilder en uitvinder van de slangenbrandspuiten, Jan van der Heyden.

Zijn 'luciferlantaarn' werd vanaf 1669 meteen ook Amsterdams ijkpunt om de hele stad nu eens en voorgoed van licht te voorzien, “om te verhoeden het verongelucken van veele menschen, die bij duysternis in 't water vallen ende versmoren, om huysbracken te ontdecken ende moetwille te weren, ende dan oock om bij brant allomme licht bij de hand te hebben.“

Van der Heydens lantaarn, weet directeur Cor Wagenmakers van het museum Energetica, werd gevoed door 'een bakje met olie en een lontje'. “Half uit koolzaad geslagen raapolie en half lijnolie. 's Winters was de verhouding lijnolie vermeerderd met twee derde om bevriezing te voorkomen.“

Een exemplaar van Van der Heydens luciferlantaarn staat in het museum Energetica, maar terecht trotser nog is de directeur op de flakkerende gaslantaarn met het vlindervormige schijnsel. Voordat het gasgloeilicht via kousjes als van het petroleumprutteldraadjesvleesstel brandde, kwam het brandende gas rechtstreeks uit een koperen leiding. Liet je dat lukraak branden, dan kreeg je een fakkeltje dat te hoog afvlamde en daardoor te weinig licht rondom drapeerde. Door het uiteinde van de gasleiding af maar niet dicht te knijpen, ontstond een vuurtje in vlindervorm of zo men wil: als een dansend spookje met geheven en uitwaaierende armen. Een schoorsteentje dat met - en dus tegen - de wind in kon draaien, en dat de vlam zuurstof verstrekte, zorgde er voor dat het glazen lantaarnhuisje niet zou knappen.

In het nog overal in Amsterdam functionerende 'model 1883' is de olie- en gasbron van het glazen huisje nog steeds herkenbaar. Met ook de twee dwarsbalkjes pal onder de lantaarn, waartegen monteurs hun onderhoudsladders stavast konden en kunnen zetten.

Publieke Werken schreef strenge regels voor inzake kleurvoering van deze ronde, met klimopreliëf omstrengelde lantaarnpaal: “Daarna kan worden overgegaan tot het aanbrengen van den grondtoon, bestaande uit licht chromaatgeel vermengd met wit en Engelsch vermiljoen, verder gebronsd met paarse dodekop en eindelijk gelakt met copallak voor buitenwerk. De lantaarns moeten van binnen tweemaal witgeverfd worden, vervolgens van buiten als boven is omschreven. Voor het wit moet zuiver Ripolin gebruikt worden.“

Weerstand riep vanaf 1924 de sigaarvormige paal met de open armatuur 'model Amsterdam II' op. De lantaarn zou te veel associaties oproepen met de helm van frontsoldaat 'de onbekende Poilu'. De paal bleef, maar kreeg een sierlijker Holbeinlantaarn (zo genoemd omdat de eerste lantaarn in de Holbeinstraat brandde).

In de geest van de Holbeinlantaarn ontwierp Friso Kramer de kegelvormige, 'onderhoudsvriendelijke en vandaalbestendige' PL-lamp. De ranke paal met lichtzinnige lantaarn, van waaruit het licht breeduit naar beneden en alom cirkelt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden