FIVE EASY PIECES

'Samen met mijn zus, die zich op deze Odyssee bij hen voegde, maakten mijn ouders een reis die heel anders was dan al hun vorige uitstapjes: hun trein was de laatste die sindsdien uit Sarajevo is vertrokken.' Vanuit zijn ballingsoord Amsterdam vertelt Hamdija Demirovic het verhaal van zijn naaste familie. Hamdija Demirovic (1954), een Joegoslavische dichter, vertaler en redacteur, woont in Amsterdam. Hij is tevens mede-oprichter van de Ex-Yu PEN, de in Nederland gevestigde afdeling van de PEN van schrijvers in ballingschap uit het voormalige Joegoslavie. Samen met Slobodan Blagojevic schreef hij 'Bloedverwanten: De Joegoslavische oorlog en de Europese vrede', dat volgende maand bij uitgeverij Van Oorschot uitkomt.

Het is meer dan alleen maar luiheid, want ik hou van schrijven: gedichten, verhalen, kritieken, vertalingen - zolang het maar geen brieven zijn! Maar telkens wanneer ik het geschreven woord slechts moet gebruiken om te communiceren, overvalt mij eenvoudigweg een gevoel van ontzag. Ik weet dat het misschien hoogdravend klinkt, maar ik laat me nu eenmaal een tikje bombastisch uit over alles wat ik schrijf; u kunt zich dus voorstellen hoeveel moeite het kost een eenvoudige zin als 'Hoe gaat het met u?' niet te laten klinken als een uitspraak over de gehele condition humaine.

En toch is brieven schrijven precies datgene wat ik het afgelopen jaar het meest heb gedaan. Ik heb les in nederigheid genomen, ik heb als een gek gecorrespondeerd, en als ik voor mijzelf een kerstcadeau zou mogen vragen, dan vraag ik de Kerstman om een brief-vrij 1994.

Misschien komt het doordat ik geplet zit tussen wat mijn broeder Allen Ginsberg ooit 'Reality sandwiches' heeft genoemd. Als balling van een met uitsterven bedreigde stam, als een van de laatste der Mohicanen van Europa, moet je overlevingsinstincten ontwikkelen en, indien nodig, je koers drastisch wijzigen - bij voorbeeld door de weg van correspondentie in te slaan. Vandaar dat ik verwoed, als in trance, woorden heb neergeschreven of opgetikt die ik voorheen niet als de mijne zou herkennen, boodschappen heb gefaxt en bezorgde telefoontjes heb gepleegd die mijn eigen ogen en oren niet geloofden.

Wat is er in 's hemelsnaam met me gebeurd? Kan het zijn dat ik eindelijk ben getroffen door het ergste dat je in het leven kan overkomen: gevoel van verantwoordelijkheid?

2.

Niet bepaald, getuige het volgende: 'Genoeg is genoeg! Ik kan me niet herinneren hoelang het precies geleden is dat je telefonisch iets van je hebt laten horen; het is hoe dan ook te lang geleden. De laatste tijd geen woord. En hoewel we ook vroeger niet veel met elkaar hebben gecorrespondeerd, zul je het denk ik met mij eens zijn dat het vanwege de omstandigheden waaronder we nu leven noodzakelijk is om contact met elkaar te houden (...)'.

Enzovoort . . . Dat was mijn vader - als altijd terzake en omslachtig tegelijk - in een brief die ik kortgeleden ontving uit Zagreb, Kroatie, waar hij en mijn moeder en zus tijdelijk beschutting hadden gevonden tegen de oorlogsellende in hun eigen Bosnie. De sombere en verwijtende toon van de brief is heel ongewoon voor mijn vader. Hij is een warme, liefdevolle man, die zelfs wanneer hij boos is, zijn woorden en zinnen zorgvuldig kiest - het gevolg, vermoed ik, van zijn keuze advocaat te worden. Toch heeft hij zichzelf nooit als een 'intellectueel' beschouwd, maar eigenlijk altijd geloofd dat hij tot het 'gewone' volk behoorde, wat ik, gezien zijn diploma's, vreemd vond. Hij is de meest typische liberaal die je kunt voorstellen, op zoek naar de drie spreekwoordelijke vereisten (zie Locke of Jefferson): 'vrijheid, bezit, en geluk'. (Hoewel, in zijn persoonlijke geval komt geluk misschien op de eerste plaats...).

Wat mijn moeder betreft, zij was voor hem de perfecte kameraad, al vond een deel van haar eigen familie misschien dat zij 'beneden haar stand' was getrouwd. Ze kennen elkaar al vanaf hun dertiende, veertiende, en sindsdien zijn ze onafscheidelijk. Hoe ongelooflijk het in moderne oren ook moge klinken, er wordt beweerd dat mijn ouders in de vijfenveertig jaar dat ze getrouwd zijn, nog nooit met stemverheffing tegen elkaar hebben gesproken en dat het woord 'ruzie' niet in hun woordenboek voorkomt. Ik heb ze vaak, soms plagerig, soms oprecht geergerd, gevraagd hoe het in vredesnaam mogelijk is een ander zo lang te verdragen, laat staan lief te hebben.

Ja, ons gezin was wat je noemt cool - mijn ouders, broer, zus, en ik. We liepen geen van allen warm voor godsdienst of de communistische leer, en eensgezind haalden we onze neus op voor collectivistische gevoelens van welke aard dan ook. Daardoor groeiden wij op tot onafhankelijk denkende volwassenen die zelf morele en professionele keuzes maakten. Pa en ma waren niet van die verbiedende types, en al als prille tiener vertaalde ik het begrip 'bewegingsvrijheid' assertief in het recht om 's nachts zo laat thuis te komen als ik wilde. Dat was allemaal o.k., want in een advocatengezin bestaan er geen rechten zonder plichten.

Hoe dan ook, ik kan me herinneren hoe ik als opgroeiende puber enorme feesten gaf in het appartement van mijn ouders in Sarajevo, terwijl zij weer eens op reis waren naar een of ander toeristenoord op de aardbol - ze vonden het heerlijk samen op stap te gaan. Soms kwamen er zo'n zestig mensen, allemaal jong, energiek, erop gebrand 'te vechten voor hun recht om te feesten' (wat natuurlijk ten koste ging van de overige huurders in het gebouw). Vrijwel altijd was er live muziek, compleet met versterkers en electrische gitaren, en even zo vaak stuurden onze buren ons de politie op ons dak, met een waarschuwing aangaande het lawaai. Voor zover ik me kan herinneren hadden die close encounters met de 'communistische politie' niets onaangenaams. Lieve Lezer: de agenten in het voormalige Joegoslavie waren slim noch aardig, maar ze waren wel goedgevoed en gedisciplineerd. En dat gold ook voor de burgers, moet ik er direct aan toevoegen.

3.

Mijn vader had gelijk: je hoeft geen 'intellectueel' te zijn om slim te zijn. Het eerste het beste lid van de 'intelligentsia' is vaak minder intelligent dan iemand uit de 'massa'. Zogenaamde gewone mensen zijn bij voorbeeld veel beter in het voorspellen van een ramp, ze hebben een scherpere antenne voor een tragedie die er zit aan te komen. Zo stelt ook de kracht van partijgebonden intellectuelen niets voor in vergelijking met de kracht van een massale democratische opstand. Dat heeft het vertalen van Walt Whitmans werk mij vele jaren geleden geleerd. Zijn inspirerende voorbeeld als humanitaire-hulpactivist avant les lettres (tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog) dreef mij in Belgrado naar het 'pacifisme'.

Inmiddels was mijn familie het brandende Sarajevo ontvlucht. Mijn broer vertrok als eerste; hij en zijn vrouw zitten nog steeds op Istria, dat mooie Adriatische schiereiland in Noord-Kroatie, ooit populair bij Hollandse toeristen en nu een bolwerk van Kroatisch verzet. Mijn ouders volgden een week of twee later, toen het in Sarajevo al granaten goot en een sluipschutter mijn moeder miste.

Samen met mijn zus, die zich op deze Odyssee bij hen voegde, maakten ze een reis die heel anders was dan al hun vorige uitstapjes: hun trein was de laatste die sindsdien uit Sarajevo is vertrokken. Reizend van Mostar (dat nu ook al niet meer bestaat) naar Makarska, Rovinj en tenslotte Zagreb, strandden ze als vluchtelingen in de hoofdstad van een 'vreemd' land dat ooit hun land was geweest.

4.

De 'intellectuelen' van eigen bodem zijn daarentegen nog steeds druk bezig de werkelijkheid te verwateren tot een brij van willekeurige, in steeds andere bewoordingen herhaalde denkbeelden. Ze tonen zich ware meesters in omkeringen en overbodigheden, in het hand in hand laten gaan van de meest afgrijselijke barbarij met uitermate sluwe diplomatieke manoeuvres. Er zit qua inhoud en betekenis meer poezie in anonieme graffiti in Parijs - 'Bosnie wenst u een vrolijk Kerstfeest en een heel gelukkig Nieuwjaar' - dan in de obligate dichterlijkheid waarmee goedbedoelende, zelfs gelauwerde professionals als Brodsky en Milosz hun bekende deuntjes afdraaien. Laten we bij voorbeeld eens kijken naar de 'oorlogsgedichten' van Wallace Stevens, die hij schreef tussen 1940 en 1945: ze gaan allemaal over zaken als 'six meats and twelve wines'; je treft er geen enkele directe verwijzing naar de 'oorlog' in aan, en toch voel je in elke regel de kilte van het onheil. Zijn beschrijving van vluchtelingen als 'birds that came like dirty water' slaat alles wat hedendaagse tragedieschrijvers over Bosnie op papier zetten. Dichters aller landen: hou over Bosnie voorlopig even je mond! Alleen het lied van morgen zal alle schande en schaamte kunnen bevatten.

5.

Niet al mijn vrienden wier brieven ik niet beantwoordde, waren bereid mij te laten gaan - een voorrecht dat ik totaal niet verdiende. Mijn Amerikaanse vriendin Laney bij voorbeeld probeerde mij helemaal vanuit Baltimore, Maryland, in Amsterdam te bereiken. Zo'n tien jaar geleden hadden we elkaar in Californie ontmoet en besloten vrienden te worden, ook al hadden onze karakters nauwelijks iets gemeen: zij was zwijgzaam, ik spraakzaam; zij was puriteins, ik een ketter; zij was een Vis, ik een Leeuw...

Een tijdje terug was ze hier op bezoek en ze had een paar foto's bij zich die ze tien jaar geleden in het buitenhuisje van mijn ouders, even buiten Sarajevo, had genomen. Een ervan heb ik met bijzondere aandacht bekeken. Het is of ik die foto ben binnengewandeld vanuit de linkerhoek van de Reality om me laatdunkend vrolijk te maken over de aardse aspecten van de voortplanting. De natuur vormt het toneel voor mijn opkomst: bloemen en 'leaves of grass' (Walt Whitman) in overvloed, een nest pasgeboren hondjes, en in het midden van dit decor het archetypische beeld van een vader en moeder . . . .

Maar wat er aan ontbreekt, is niet het huis (dat was intussen in vlammen opgegaan), maar onze persoonlijke identiteit: ben k dat die daar naar de hondjes staat te wijzen -of was ik zelf een jong hondje dat er alleen van droomde menselijk te zijn . . . etcetera? Wat we op dit moment ook mogen zijn, zeker is dat we niet dezelfde mensen zijn als toen, op die foto.

(c) Hamdija Demirovic/Trouw

vertaling Hanny van der Harst

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden