Fischers wonderschone Matthäus-Passion is een unieke belevenis

Matthäus-Passion
Koninklijk Concertgebouworkest, Groot Omroepkoor en solisten olv Iván Fischer op 30/3 in Concertgebouw Amsterdam.

Sinds april 1891, toen het Concertgebouworkest Bachs Matthäus-Passion voor de allereerste keer uitvoerde, kan het beroemde openingskoor nauwelijks ooit mooier en afgewerkter hebben geklonken dan afgelopen vrijdag. De Hongaar Iván Fischer, die in 2008 al eens in de grote passietraditie van het KCO figureerde, piekte meteen in het begin met een onwaarschijnlijk fraai klinkend en perfect gefraseerd 'Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen'. Adembenemend!

De kijkers naar het muziekkanaal Mezzo konden er vrijdag van meegenieten en via de EBU werd de Palmzondag-uitvoering ook nog eens live in veel Europese landen op de radio uitgezonden.

Het unieke aan Fischers aanpak zat 'm in de dansante vering die hij aanbracht, met soms zelfs een hint van een Weense walsvertraging in de tred. De schitterende klank van het KCO, waarin vier houten dwarsfluiten voor koninklijke kleur zorgden, werd door Fischer op zijn expressieve handen gewogen als was het goud. De aparte opstelling deed de rest. In orkest II zaten niet de strijkers maar de blazers vooraan, en ook verder waren de orkesten en de solisten allerminst symmetrisch opgesteld. Peter Harvey (Christus) zong steeds staand op een verhoging.

In de fraaie openingsmaten groepeerden de uitstekende jongens en meisjes van het Nationaal Kinderkoor zich in een trosje om Fischer heen, waardoor de drie muzikale lagen in de partituur ook optisch zeer duidelijk waren. Ze mochten verder de hele avond in de koralen meezingen. Samen met de circa veertig zangers van het heldere en prima in balans klinkende Groot Omroepkoor.

Fischers tempi lagen aan de bedachtzame en contemplatieve kant, maar ondanks dat waren er in het eerste deel toch enkele heikele momenten, zoals ongelukjes in 'Blute nur' en een bijna ontsporend 'Sind Blitze'. Ondanks die slordigheden, die na de pauze geheel verdwenen waren, was Fischers interpretatie een unieke belevenis. Zoals hij de drie altviolen liet spelen in 'So ist mein Jesus nun gefangen' was onvergetelijk. Mooi gezongen ook door Maria Espada en Ingeborg Danz.

Fraaie bijdragen waren er van Nederlandse zangers als Renate Arends, Barbara Kozelj en Henk Neven. Mark Padmore was de onwankelbare en gedreven Evangelist. De gestaalde en gewapende perfectie van zijn voix-mixte was een genot voor de oren. Mooist van al misschien toch 'Aus Liebe', waarin Espada dicht bij de legendarische interpretatie van Arleen Augér kwam. Al met al een Matthäus met een gouden randje.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden