Finse Opera zit ook artistiek aan de periferie

'Haar grondgebied zal schuiven. Als de Russen komen, beweegt de staat in het woud naar de Zweedse kant; dagen de Zweden op, dan beweegt zij zich in de richting van Rusland. De staat in het woud zal bewegen als het woud zelf.'

FRANZ STRAATMAN

Het was de paardeman die in 1975 bij de premiere van de gelijknamige opera 'De paardeman' (Ratsumies) van Aulis Sallinen de geschiedenis en de lotgevallen van het Finse volk met die gezongen regels samenvatte. De Finse toeschouwers begrepen de inhoud van die eerste opera van Sallinen, gemaakt op basis van een plattelandslegende, maar al te goed. Alleen viel er niets meer te schuiven; de Zweden waren al lang tam, en de Russen hadden als Sovjet-Unie het vredesverdrag na de Winteroorlog (55 jaar geleden uitgevochten; de Finnen verloren) zo geformuleerd dat Finland alleen nog maar heel braaf en heel neutraal mocht blijven liggen.

Hoe anders is de situatie geworden, nu de Sovjet-Unie ontmanteld is. Finland heeft weliswaar nog die machtige beer Rusland aan de oostgrens, maar de dreiging (zoals Sallinen die allegorisch in zijn tweede opera 'De rode streep' uitbeeldde) is weggevallen. 'Nu de Koude Oorlog voorbij is, kan ook de minister van buitenlandse zaken zijn aandacht schenken aan de essentiele dingen des levens,' zei een zijner medewerkers tijdens een ontvangst voor de buitenlandse muziek- en operapers bij gelegenheid van de opening van het nieuwe operahuis in Helsinki.

Finland schuift weliswaar niet meer territoriaal, maar cultureel gaan de Finnen buitenslands beschaafd in de aanval. Culturele, deels Finse, instituten werden gevestigd in drie steden aan de Baltische kust: Riga (Letland), Talinn (Estland) en Sint Petersburg, en in Vilnius, de hoofdstad van Litouwen. Het is die Baltische rand die voor 1994 mee mocht dingen naar een grote Finse beeldende-kunstprijs, de Ars Fennica (waaraan een bedrag van 70 000 gulden is verbonden). Niet toevallig werden de genomineerde kandidaten bekend gemaakt op het moment dat de internationale pers in Helsinki een 'vrije' morgen had.

Maar Finland wil zuidelijker, wil aansluiten bij het grote Europese culturele leven; edoch, het weet maar al te goed dat het aan de periferie ligt. Het trekt dus de aandacht naar zich toe. Bijvoorbeeld door Rudi Fuchs, directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam, uit te nodigen de winnaar te kiezen uit de genomineerden voor de Ars Fennica.

Bijvoorbeeld door de Europese opera-goeroe Gerard Mortier naar de openingsvoorstelling in de nieuwe opera uit te nodigen en hem voor Fins en internationaal publiek een lezing te laten houden over de Salzburger Festspiele. Zo hoorden we hoe Mortier zich in het Oostenrijks chauvinisme staande houdt, maar toch ruzie heeft met de Wiener Philharmoniker, over betaling van repetities. 'Trekt de Wiener zich terug dan word ik geguillotineerd', sprak de kleine Belg, er strijdlustig bijvoegend: 'Maar ik blijf tot en met 1997.'

Nog een voorbeeld van expansie: in 1995 organiseert Finland een drievoudige muziek-manifestatie: de eerste internationale dirigentenwedstrijd vernoemd naar Jean Sibelius met de internationaal furore makende Finse dirigent Esa-Pekka Salonen als jury-voorzitter; het tweede internationale Sibelius-congres, en het eerste internationale congres over muziekkritiek.

Uiteraard speelt het nieuwe operahuis een rol in die activiteiten. In het prachtige gebouw met zijn uitstekend klinkende zaal wil en kan de Finse cultuur zich optimaal presenteren; veel beter, lijkt mij, dan in de Finlandia Hal. Over die concertzaal wordt altijd zo lovend gesproken en geschreven, maar een bezoek aan een concert door het Helsinki Philharmonisch Orkest stemde mij niet vrolijk: kille, kleurloze publieksruimtes (had men gezegd: 'hier is het crematorium', ik had het geloofd) en een akoestisch even karakterloze zaal.

Maar in het operahuis zal echter wel iets geboden moeten worden dat spoort met de kwaliteit van wat er te horen en zien is in de smaak- en spraakmakende Europese huizen. De openingsvoorstelling 'Kullervo' (Finse opera van Sallinen) was muzikaal indrukwekkend met een orkest dat de Finse modern-romantische toontaal van Sallinen expressief weergaf en met Finse zangers die royaal berekend waren op de zware partijen. De sombere toneelbeelden (tegen een achterwand met negen deuren, waarvan de symboliek niet duidelijk werd) sloten bij de sfeer van de muziek aan. De gebrekkige personenregie en de soms irritante cliches in het zogenaamd realistisch acteren deden daar echter afbreuk aan. Het was echter heilig bij wat de tweede produktie bood, Bizets 'Carmen'.

Meermalen heb ik zitten schuddebuiken vanwege het erbarmelijke acteren. De zogenaamd soezende soldaten die plotseling van onder de pet-over-de-ogen in zingen uitbarstten, of de meisjes uit de sigarenfabriek die rollebollend een demonstratie Fins worstelen ten beste gaven, of die kinderen die marcherend in keurige rijen het voortoneel vulden met van die overduidelijk vuilgeschminkte toeten en daarboven frisse Finse blonde lokken. Ach, en wat werd er realistisch met kromme ruggen gesjouwd in de smokkelaarsscene, zwoeg, zwoeg. 'Tanneel', roept mijn collega toneelredactrice dan pathetisch over het bureel. En de aankleding: pittoresque! Het mooist van alles had regisseur Montavon (Zwitser, in Duitsland werkzaam) voor het laatst bewaard: Don Jose doodde Carmen in het midden van de arena, waarna Escamillo zich met zo'n blik van 'wat-zullen-wenou' zich over het lijk boog en Jose handwringend, ogenrollend het zakkend voordoek opzocht.

Er werd goed gezongen door Alicia Nafe als Carmen, Soile Isokoski (een Finse) als Micaela, door bijrollen en koor. De Finse sterzanger Tom Krause paste qua toneelfiguur en qua stem absoluut niet als Escamillo; volstrekt zonder pit. En Antonio Baradsorda (Don Jose) stond ordinair vet te hijsen met zijn stem. Gewoontjes was helaas de muzikale leiding van de pas benoemde chefdirigent, de Spanjaard Miguel Gomez-Martinez (laatstelijk in Mannheim vast verbonden); het orkest speelde zonder karakter. 'Tiefprovinz' sprak een internationaal georienteerde Belgische collega aan het allerminst tiefprovinziale buffet na afloop. Inderdaad: we moesten constateren dat de Finse Opera ook artistiek vooralsnog in de periferie van Europa ligt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden