Geld voor projecten

Financiële hulp voor zwakke schaatslanden

Karolina Erbanova, afkomstig uit 'schaatsontwikkelingsland' Tsjechië, pakte op 8 januari in Heerenveen de Europese titel op de sprint.Beeld anp

Jildou Gemser, nicht van de vroegere bondscoach Henk Gemser, wil het 'Nederlandse' schaatsen over de wereld verspreiden. Deel 1 van een serie over ontwikkelingswerk in het schaatsen.

Schaatsen is een wereldsport in Nederland. Maar de rest van de wereld lijkt die kunst niet machtig te zijn. Met een budget van 8 miljoen Zwitserse frank (7,5 miljoen euro) wil de Internationale Schaats Unie (ISU) daar iets aan veranderen.

Het Europese sprintkampioenschap dat de Tsjechische Karolina Erbanova in Heerenveen veroverde, was Jildou Gemser bijzonder welkom. Een titel voor een rijdster uit een schaatsontwikkelingsland. Dat voorkwam een volledige Nederlandse triomf.

Gemser (45) is het Nederlandse lid van de ontwikkelingscommissie van de ISU. Met de Finse Susanna Rahkamo en de Japanner Tatsuro Matsumura is ze aangesteld om het schaatsen (shorttrack, langebaan en kunstrijden) te verbreden en te verdiepen. Meer sporters uit meer landen en op een hoger niveau.

Zelf was Gemser, nicht van oud-bondscoach Henk Gemser, coach van Denemarken, Frankrijk, Zwitserland en Zweden. Ze is onderwijskundige en heeft een trainings- en adviesbureau. Daarnaast werkt ze op het CIOS in Heerenveen. "We nemen dit heel serieus", zegt ze. Het budget is met 1,9 miljoen euro verhoogd.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Karolina ErbanovaBeeld anp

Drie miljoen

De ISU verdeelt 2,8 miljoen over de 72 aangesloten landen. 'Arme' landen ontvangen tenminste 23.000 euro. Landen waar zowel hardrijden als kunstrijden wordt beoefend, kunnen het dubbele tegemoet zien. Gemser is blij dat beide secties evenveel krijgen. Vroeger werd er wereldwijd meer aan de ontwikkeling van het kunstrijden besteed.

Het bestuur van de ISU investeert nog eens 2,8 miljoen euro in projecten als de wereldbekerwedstrijden voor junioren en zogeheten 'centers of excellence', in Europa, Noord-Amerika en Azië waar schaatsers, coaches en officials in topsportvriendelijke omgeving hun vaardigheden kunnen verbeteren.

Met de laatste 1,9 miljoen wil de commissie projecten stimuleren. Van veel kanten komen aanvragen binnen. Een schifting is nog niet gemaakt. Gemser: "Er zijn altijd wel organisaties die denken daar een graantje van mee te pikken. Dat neem ik ze niet kwalijk."

Gemser reist de wereld af om kleine schaatslanden te vertellen wat de mogelijkheden zijn. Onlangs in Italië, Collalbo en Turijn, deze maand Gangneung in Zuid-Korea. Conferenties in Helsinki en Rotterdam. "We gaan niet gewoon geld uitdelen. De projecten moeten wel haalbaar en relevant zijn. Een plan van een vader met een kind dat wil schaatsen, waar de gedachte achter zit om meer kinderen aan het schaatsen te krijgen en coaches op te leiden heeft zeker een kans."

Voorheen waren er projecten die twintig jaar doorliepen. Dat waren eigenlijk niet meer dan betaalde trainingskampen. Het was de tijd van 'meneer Sallak', zoals Gemser hem aanduidt. György Sallak, een vroegere Hongaarse shorttrackcoach, bemande de ontwikkelingscommissie tot juni in zijn eentje. De ISU beëindigde de samenwerking, omdat hij te veel vrijheid nam bij het verdelen van geld en te weinig verantwoording aflegde.

Skeelertalent

Gemser zegt dat vroeger vooral werd gekeken naar de economie van de zwakke schaatslanden. Zo kregen de Verenigde Staten maar weinig steun. "Ik vind dat onzin. Qua langebaanschaatsen is het een arm land. Niet dat we dan direct financieel moeten bijspringen. Maar door projecten naar ze toe te brengen, komen er meer mensen op die mooie ijsbaan."

Een voorbeeld daarvan is Salt Lake City, waar in 2002 om olympische medailles werd geschaatst. Daar worden inlineskaters omgeschoold tot schaatsers, Inline to Ice. De Colombianen waren direct enthousiast. In Colombia is geen ijsbaan, maar wel veel skeelertalent, waarvan een deel nu in Salt Lake City te vinden is.

Gemser denkt ook dat ijshockey en bandy (ijshockey met een bal) een goede basis zijn voor een schaatsloopbaan. "Je kunt schaatsen als second career hebben, net als in Nederland een aantal schaatsers een tweede loopbaan kiest in wielrennen. Het omgekeerde is mogelijk voor ijshockeyers uit Scandinavië."

In eigen land ziet ze in turnen een bron. "Neem een turnster die op twaalfjarige leeftijd niet wordt geselecteerd. Die kan een drievoudige sprong maken, die is gewend om twintig uur in de week te trainen, die heeft ballettraining gehad, die is lenig en representatief en ze weet hoe ze met een jury moet omgaan. Zet die nu eens op kunstschaatsen."

Volgens Gemser kan Nederland wel een oppepper voor het kunstrijden gebruiken. Het gaat de goede kant op, maar er zijn te weinig sporters. De ISU wil die ontwikkeling steunen. "Waarom niet? Ja, Nederland is een arm kunstrijland."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden