filmrecensies

Aardig geacteerd, maar slap in plot en dialogen
Feuten: het feestje

Regie: Lourens Blok. Met Manuel Broekman, Tim Murck, Hanna Verboom.

**

Feestjes zijn de grondstof van iedere revolutie, maar in 'Feuten: het feestje' is het feestje ook het doel zelf. 'Het lijkt me zo oppervlakkig', aarzelt 'nerdy' Elias (Daniel Cornelissen) tegenover de receptioniste van het fictieve studentencorps Mercurius CS die hem tijdens het ontgroeningsfeest tot een lidmaatschap van het corps wil verleiden. 'Nou, mooi toch', reageert zij.

Daar zit wat in maar dan misschien toch maar ergens anders. Tegen die tijd heb je al een aardige irritatie ontwikkeld voor de corpsbal Olivier de Ruyter (Tim Murck) die bij het jaarlijkse feest op het Amsterdamse corps het voortouw neemt en 'clubgevoel' en 'broederschap en vrijheid' predikt, ofwel bier drinken tot laat in de nacht, als was het een hoog westers ideaal, wat het misschien ook is. Na een klap van een agent komen de dronken corpsballen en boze politiemensen tegenover elkaar te staan aan de rand van het park. Er vallen nog meer klappen, er volgen kussen, iedereen gaat weer naar huis. En dat was het dan.

De BNN-serie 'Feuten' trekt niet zo heel veel kijkers, op zijn hoogst 400.000 inclusief internet, maar de regisseur mocht toch een filmversie maken op voorwaarde dat het geen veredelde tv-aflevering zou worden. Het onderwerp leent zich voor Jiskefet-achtige satire of een kritische blik op Project X-achtige processen maar zulke ambities heeft Blok niet. Gewoon begin, midden en suf moralistisch einde van een uit de hand lopend corpsballenfeestje, aardig geacteerd maar slap in plot en dialogen, zoals veel corpsballenfeestjes misschien wel leuk zijn voor corpsballen.

Goed gemaakt, maar een kopie van de Aziatische film
How to describe a cloud

Regie: David Verbeek. Met Huang Lu en Yi-ching Lu. *

David Verbeek maakt films in Oost-Azië, om preciezer te zijn: in de metropolen Shanghai (China) en Taipei (Taiwan). Voor zijn vijfde film in tien jaar, 'How to describe a cloud', leende hij niet alleen de stijl van de Taiwanese grootmeester Tsai Ming-liang, maar ook diens vaste actrice, de 53-jarige Yi-ching Lu die vanaf Tsai's debuut 'Rebels of the Neon God' (1992) de rol van de moeder speelt. Haar mooie, trieste blik is uit duizenden te herkennen.

Nu weet Verbeek de kalme, melancholieke sfeer die Tsai's films zo kenmerkt, goed te treffen met het verhaal van de dochter die besluit wat meer tijd door te brengen met haar blinde moeder, en daarvoor van Taipei naar de rand van de verregende stad reist.

Verbeek is dol op zijn jonge, Chinese hoofdrolspeelster. Hij filmt haar bleke gelaat, haar bevallige mond en de manier waarop haar lange zwarte haren voor haar gezicht waaien.

Bij de liefde voor Azië en de Aziatische cinema kan ik me iets voorstellen, en ook dat je in de stijl van je held zou willen filmen, en met zijn acteurs zou willen werken. Het risico is wel dat het niet boven de kopie uitstijgt, goed gemaakt, maar toch een kopie.

Zo werkte Tsai meerdere malen met de Franse acteerlegende Jean-Pierre Léaud, als ode aan zijn favoriete regisseur François Truffaut. Het verschil is dat Tsai de Nouvelle Vague-stijl niet louter immiteerde, maar zijn eigen Aziatische versie ontwikkelde. Verbeek schroomt niet om zelfs zijn titel 'How to describe a cloud' op die van Tsai's 'The wayward cloud' te laten lijken. Daarbij draait het bij Tsai niet alleen om dolende zielen in neonverlichte miljoenensteden, vooral zijn vroege werk is vaak zeer geestig.

Angst regeert in film over dagelijks leven van Roma
Just the wind

Regie: Bence Fliegauf Met Lajos Sárkány, Katalin Toldi

****

Je keel snoert langzaam dicht bij het zien van 'Just the wind', onder meer bekroond met de Zilveren Beer in Berlijn, een kroniek van een aangekondigde dood. De film wordt ingeleid met de tekst dat hij op ware gebeurtenissen gebaseerd is. In 2008 en 2009 werden er verschillende racistische moorden gepleegd in Hongarije op Roma-zigeuners.

Daarna volgen we een dag uit het leven van Mari die 's ochtends als wegwerkster het afval uit de berm haalt en 's middags schoonmaakt in de school van haar kinderen. Ook volgen we puberdochter Anna die naar school gaat en zoon Rio die spijbelt en een verlaten huis insluipt om daar weg te halen wat van zijn gading is.

De angst regeert in deze beelden. Je merkt het aan de schuwheid van de moeder en haar dochter, die met neergeslagen ogen over straat lopen. Dreiging gaat uit van iedere ontmoeting. Zoals wanneer de conciërge op school net iets te dicht in Anna's buurt gaat staan als ze haar spullen op haar lessenaar legt. Of wanneer een man op straat Mari uitdaagt om wat met hem te drinken.

En dat er echt iets goed fout is merk je als Anna nog steeds zo onopvallend mogelijk de kleedkamer verlaat, terwijl een klasgenote daar wordt aangerand. En als ze later even passief toekijkt terwijl een oudere, wazige buurvrouw op een smerige vloer tussen walnoten naar haar gebit zoekt.

De camera is al net zo op zijn hoede als de personages. Hij filmt van dichtbij maar soms houdt hij juist in. Tot het einde weet je niet of inderdaad gaat gebeuren wat je vreest. Maar de Hongaarse regisseur weet je wel in korte tijd heel intens betrokken te maken bij deze gewone, getergde mensen die van alles doen om je blik te ontduiken.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden