Film 'Submission' / Schokkende provocatie die tot niets zal leiden

VVD-Tweede Kamerlid Hirsi Ali is weer op oorlogspad. Haar nieuwste provocatie is de film 'Submission' die ze samen met cineast Theo van Gogh maakte. ,,Ik leg de wreedheid van de islam jegens vrouwen letterlijk bloot''. Maar voor wie?

'Daar krijg je wel troubles mee'', zei Betsy Udink tegen Ayaan Hirsi Ali. De in Islamabad (Pakistan) woonachtige schrijfster en Trouw-columniste had net de voorvertoning bijgewoond van 'Submission' (Overgave), het filmpje van het VVD-Tweede Kamerlid en van cineast Theo van Gogh dat gisteravond in het tv-programma Zomergasten van de VPRO werd vertoond. Udink zou gelijk kunnen hebben, al is de mogelijkheid van negeren evenmin uitgesloten.

Dat laatste hebben betrokkenen ook ingecalculeerd, getuige de volgende dialoog tussen Hirsi Ali en Van Gogh, door NRC Handelsblad opgetekend. Van Gogh: ,,Mag ik je een griezelig scenario voorleggen? Wat nou als er geen moslim aanstoot aan neemt? Als ze zeggen: het is het product van twee ongeleide projectielen?'' Hirsi Ali met een hoge lach: ,,Dan ga ik trouwen en kinderen krijgen''. Vooralsnog houdt ze het er echter op dat ,,de hele moslimwereld over me heen zal vallen''.

Hoe het ook afloopt, in de twaalf minuten durende film wordt op een voor gelovige moslims ongekend provocerende en blasfemische wijze met het meest heilige van hun religie omgesprongen: teksten uit de koran. Die worden op de rug van een half ontkleed meisje getoond. En een in doorzichtige, niets verhullende nikaab 'geklede' vrouw stelt de vrouwonvriendelijkheid van het Heilige Boek aan de kaak. Dit alles om, in Hirsi Ali's woorden, ,,de wreedheid van de islam jegens vrouwen bloot te leggen''. De vraag is echter: voor wie eigenlijk?

Voor het merendeel van de moslims in ons land elk geval niet. Die zijn (nog?) niet, als de christenen, gewend dat er op het blasfemisch hanteren van religieuze teksten en symbolen geen taboe meer rust. Wat geseculariseerde intellectuelen koesteren als vrijheid van de kunstenaar om te provoceren en te shockeren, ervaart een groot deel van de islamitische gemeenschap als een bewust kwetsen van haar diepste religieuze gevoelens.

Het geloof van de doorsnee moslim berust zo sterk op de heilige traditie van de Koran die hij identificeert met alles wat religieus kostbaar en emotioneel rijk is, dat hij geen relativerend, spottend of in zijn ogen obsceen gebruik ervan kan tolereren. Anders kantelt zijn wereldbeeld. Dat is de reden waarom moslims de heiligheid van Gods woord, als neergelegd in de Koran, vaak zo ongekend fel verdedigen. Wie daaraan tornt, zeker op de provocerende manier waarop dat in de film 'Submission' gebeurt, hoeft er niet op te rekenen dat zijn (terechte) kritiek ook maar enigszins over komt.

Iedere poging om de heiligheid van de koranverzen in diskrediet te brengen -en dat doet men in de ogen van veel moslims als men ze op de blote rug van een vrouw schrijft- wordt beschouwd als een poging om de islam te vernietigen. Onder invloed van de autochtone omgeving heeft menige moslim in ons land allang geleerd veel dingen te relativeren, maar dat geldt niet zaken die ook maar zijdelings met de eigen religie van doen hebben.

Er is alle reden om geweld tegen vrouwen in islamitische kring, zowel in Nederland als daarbuiten, aan de kaak te stellen en hierover een kritische dialoog met moslims aan te gaan. Maar het valt te vrezen dat de wijze waarop dit nu is gebeurd er alleen maar toe leidt dat moslims de wagens in een kring zet, men de oren dichtstopt en zelfkritiek weinig kans meer krijgt. Te meer daar de kastijding komt van twee personen (van wie de ene een 'afvallige') die door hun ongeremde uitspraken uit het recente verleden -Hirsi Ali: ,,Mohammed is pervers''; Van Gogh: ,,moslims zijn geitenneukers''- toch al weinig krediet meer hadden.

Natuurlijk, kunst is autonoom, hoort te provoceren en grenzen te verkennen, maar als men een boodschap wil overbrengen dient men toch ook de spankracht van de doelgroep in het oog te houden. De meeste moslims zien heiligschennis-in-de-naam-van-vrijheid-van-meningsuiting, zoals nu door het duo Hirsi Ali-Van Gogh bedreven, als het zoveelste bewijs van westerse minachting jegens de islam. Ze heeft haar wortels in de tijd van de Kruistochten en kent sindsdien een lange en hardnekkige geschiedenis.

In moslim-ogen geeft onze tijd een nieuwe opleving van anti-islamisme te zien. De Syrische schrijver Rana Kabbani verwoordde dit gevoel toen hij in 1989 schreef: ,,Ik durf te stellen dat de oude minachting jegens de joden -nu gelukkig, en op goede historische gronden, niet meer gehanteerd- in de geseculariseerde westerse cultuur is overgeslagen op de moslims.'' En hij citeerde een medemoslim die tegen hem zei: ,,Als er in Europa de volgende keer gaskamers zijn hoef je niet te twijfelen wie daar in zitten.''

Men kan dat absurd vinden, maar het vormt wel een extra aansporing niet hautain over religieuze sentimenten heen te walsen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden