Column

Fifi de olifant

Inmiddels zijn we met z'n zevenen. Net als in de film van Akira Kurosawa, 'De zeven samoerai'. Of de remake van John Sturges, 'The magnificent seven'. Maar helden zijn we nooit geworden en geen belaagd dorp zal ooit op onze beschermende zwaarden en Winchesters mogen rekenen.

Erger nog: uit die zeven foto's van oude vrienden in een hoek van het sociale netwerk straalt misschien een soort van vermoeidheid. Alsof nu dat het belangrijkste deel van het levenstraject is afgelegd, de tekenen van slijtage in al die blikken en glimlachjes domineren.

Op een uitzondering na hebben we elkaar sinds 30 of 35 jaar niet meer gezien of gesproken. We waren hongerig en ambitieus, vroeg wijs en turbulent tegelijk. Amper 17 jaar en toch klaar voor de toekomstige worstelingen. Nu ik van mijn andere zes vrienden het levensverhaal heb gelezen, besef ik dat we een nogal bont gezelschap vormen.

Een musicus, een ambtenaar, een schrijver, een werkloze, een avonturier en een architect. Dankzij wat toetsaanslagen en het invullen van een zoekvakje op de computer, nu meer dan een jaar geleden, hebben we elkaar een voor een op het internet gevonden. De besloten groep die we hebben gesticht draagt de naam van onze school. Niet origineel en zelfs ontmoedigend voor wie, zoals ik, een hekel heeft aan reünies en gekunstelde weemoed, maar wel authentiek.

Na verloop van tijd merkte ik dat tussen al die geschreven bijdragen van de laatste maanden, die van mijn hand de talrijkste waren. Ik bleek veruit het productiefst van de groep. Of misschien wel het meest nostalgisch. Want het zijn vooral herinneringen en anekdotes uit onze gezamenlijke jonge jaren die ik in de groep smeet. En snel merkte ik dat ik het collectieve geheugen van dit gilde was geworden. Ik vulde hun leemtes en dichtte hun gaten met geluiden, beelden en geuren.

Mijn vrienden begonnen mijn hippocampus te bewonderen. Ze noemden me 'Fifi de olifant'. Ik begon me ongemakkelijk te voelen. Was het dan zo voordelig om veel meer dan mijn oude vrienden uit ons gedeelde verleden te kunnen vissen?

Afgelopen weekeinde schreef ik dat het afgelopen moest zijn met de lof. Wat voor hen in de prehistorie van hun leven was geschied, leek voor mij gisteren te zijn gebeurd. En dat kon maar een ding betekenen: dat al die tussenjaren bij mij veel sneller waren voorbijgetrokken. Had ik soms minder intens en bewust geleefd?

En terwijl ze van iedere seconde genoten, rende ik als een bezetene van winter naar de volgende zomer. Mijn lamentaties werden afgelopen zondag door JF abrupt gesmoord. Hij schreef dat hij diep afgunstig was en verklapte zijn geheim: hij had geen verleden meer. Althans, zijn geheugen ging niet verder dan twintig jaar geleden, toen hij na een vreselijk ongeluk in coma was geraakt. Drie maanden waarin, zoals hij het beschreef, 'zijn harde schijf compleet werd gewist'.

Prijs je gelukkig, schreef hij, en vertel me nog eens hoe en wie ik was. Mijn vriend heeft zijn verhaal in een roman verwerkt. Gisteren heb ik zijn boek besteld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden