Fictoors onvermijdelijke weg door Gerben Kuitert

Op de achtergrond klinken flarden muziek. De uithalen van de sopraan, begeleid door blokfluiten en pauk, zijn duidelijk hoorbaar. Chris Fictoor (47) is eraan gewend om in zijn werkkamer op afstand mee te genieten van de repetities. “Want dit is een huis van muziek”, zegt de directeur van het Twents conservatorium in Enschede. Maar Fictoor verruilt 'het huis van muziek' binnenkort voor 'het huis van God'.

De als leek tot de kloosterorde der Karmelieten toegetreden dirigent en componist Fictoor geeft zijn baan als directeur van het Twents conservatorium op en gaat het door de Karmel-orde gestichte Jozef-Centrum in Nijmegen leiden, een centrum voor spiritualiteit, kerkmuziek en kerkelijke kunst.

Zelf spreekt hij niet van een keuze, maar van een “onvermijdelijke weg”. Want Fictoor voelt zich geroepen.

Zeven witte gestalten zag hij in zijn droom. Zelf stond hij voor zijn ouderlijk huis in Groningen en de zeven gestalten (“ik noem ze maar engelen”) stonden in een halve cirkel rondom hem. “Hun gewaden straalden van licht. Eén voor één legden ze me de handen op. Daarmee was het kloppen op de deur begonnen. God liet weten dat hij iets met me wilde.”

Dat was in 1990. Pas later, toen Fictoor de Zweedse droomtherapeut Roger Lindquist consulteerde, leerde hij omgaan met zijn dromen. “Dromen zijn mijn gezellen geworden. Ik heb altijd veel gedroomd, maar heb nu geleerd die dromen te reproduceren en interpreteren. Die droom in 1990 was het beginpunt van een grote verandering in mijn leven.”

Dromen zijn voor Fictoor een leidraad en anker tegelijk geworden. “Telkens wanneer ik voor cruciale keuzemomenten in mijn leven kom te staan, word ik daarin door een droom bevestigd. De laatste keer was op 1 oktober, toen ik besloot om hier te stoppen als directeur.”

Bij zijn afscheid, eind vorige week, werd in het Enschedese Muziekcentrum als eerbetoon het door Fictoor gecomponeerde 'Magnificat' uitgevoerd door een uit eindexamen-kandidaten van het Twentse conservatorium bestaand ensemble. “In het Magnificat dat ik twee jaar geleden heb geschreven, weerklinkt de dankbaarheid en de vreugde die ik voelde, nadat ik mijn keuze voor de Karmelieten had gemaakt.”

Terugredenerend ziet Fictoor alle puzzelstukjes op hun plaats vallen. Is zijn 'Magnificat' een uiting van vreugde, hij weet nu ook waarom het niet toevallig is waarom hij juist in 1990 het 'Requiem Lünyi' voltooide. Dat werk is een eerbetoon aan zijn Hongaarse vriend Gergely Lünyi, die zich in 1980 het leven benam. “Na tien jaar van worsteling voltooide ik het 'Requiem' in 1990, het jaar dat ik geroepen werd.”

Via Cees Waayman, hoogleraar spiritualiteit aan de Katholieke Universiteit Nijmegen, kwam Fictoor in aanraking met de Karmelieten. “Toen Waayman, met wie ik bezig ben honderdvijftig psalmen te vertalen, me meenam naar die kloostergroep, voelde ik dat ik thuiskwam. Dat was een vreemde gewaarwording.”

In 1993 trad hij in stilte, met het afleggen van de gelofte, als eerste leek toe tot de kloosterorde der Karmelieten. “Ik ben 'geassocieerd lid van de eerste orde', zoals dat heet. Dat betekent dat ik moet leven in de geest van de orde. Je krijgt rechten en plichten die diep in je leven ingrijpen. Plichten op het gebied van je gebedsleven, meditaties en werk.”

Chris Fictoor geeft zijn werkzame leven aan de Karmelieten op een moment dat er sprake lijkt van een mediahype over nieuwe katholieken. Hoewel de katholieke kerk nog steeds veel en veel meer leden verliest dan er toetreden, kwamen verschillende kranten, (week)bladen en tv-rubrieken de laatste maanden met reportages over 'nieuwe katholieken'.

Fictoor, zelf afkomstig uit een katholiek milieu, kent het verschijnsel, maar haalt er zijn schouders over op. “De ontkerkelijking zie ik meer als een sociologisch dan als een spiritueel verschijnsel. Ik constateer dat er juist een toenemende behoefte is aan verdieping en mystiek, en dat is verheugend. Dit soort ontwikkelingen vraagt alleen om nieuwe rituele vormen. Daar zal de kerk een antwoord op moeten vinden.”

Het is een wijdverbreid misverstand, dat Fictoor met zijn toetreding tot de Orde der Karmelieten afstand heeft moeten doen van al het stoffelijke. “Het leken-lidmaatschap is een nieuwe vorm van religieus leven, waarmee de Karmelieten hun draagvlak proberen te verbreden en getrouwde mensen zoals ik bij het spirituele erfgoed van de orde proberen te betrekken.”

“Na mij zijn er nog vier leken toegetreden. In het begin kwamen er ook mensen bij mijn vrouw die zeiden: Ach, wat zielig dat u nu met uw twee zonen achterblijft. Maar we blijven gewoon getrouwd hoor, ha, ha, ha. Gelukkig staan mijn vrouw en mijn kinderen hier wel helemaal achter. Want het is toch een ingrijpende stap, al had ik die ongeacht de consequenties toch genomen. Want mijn innerlijke leven spoorde niet meer met het leven dat ik naar buiten toe leidde.”

Fictoors keuze voor de Karmel heeft niet alleen geestelijke consequenties, maar ook materiële. “Als leken-lid zal ik zelf voor mijn inkomen moeten blijven zorgen, maar over hoe dat precies zal gaan, bestaat nog geen duidelijkheid. Er is een afbouwregeling van twee jaar met het conservatorium afgesproken. Zo lang blijf ik hier ook nog parttime lesgegeven. Maar uiteindelijk zal ik mij helemaal aan de Karmel wijden, want dat is mijn roeping.”

Hij verlaat het Twents conservatorium in een periode waarin de Nederlandse conservatoria volop onder vuur liggen. Staatssecretaris Nuis wil 25 miljoen bezuinigen op het kunstonderwijs en de instroom van nieuwe studenten relateren aan de vraag uit de arbeidsmarkt.

Fictoor: “Dat is een slecht plan. Wij hebben in Enschede met 450 studenten, inclusief die van de vooropleiding ballet, al 35 procent minder dan eind jaren '80. Nuis wil de toelating nu laten afhangen van het aanbod op de arbeidsmarkt. Maar dat aanbod is helemaal niet te meten.”

“Juist conservatoriumstudenten weten zelf ook vraag te genereren. Dat er samengewerkt moet worden, dat conservatoria zich moeten specialiseren en taken moeten verdelen, is een ander verhaal, waar ik Nuis niet over heb gehoord.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden