Fatsoensrakker

Er zijn allerlei regelingen om mensen die al langere tijd werkloos zijn, aan een baan te helpen. In deze krant vertelde Peter Lankhorst hoe moeilijk het is om, als je eenmaal banen hebt, daar kandidaten voor te vinden. Zo werden in 'zijn' Amsterdamse stadsdeel 200 gegadigden voor iets zo simpels als het beroep van schoonmaker gewogen en te licht bevonden. Het Amsterdamse tramwezen slaagt er niet in voldoende conducteurs onder de kansarmen te vinden. Ik geloof niet in de aanpak van Melkert. Het probleem zit niet enkel en alleen of vooral in de loonkosten.

FNV-jongeren hebben erover geklaagd dat studenten met hun bijbaantjes alles bij elkaar 100.000 full time banen voor laag opgeleiden bezet houden. Waarom nu geven werkgevers de voorkeur aan studenten? Omdat je die dankzij hun kennis van de taal en hun sociale achtergrond met een gerust hart kunt laten bedienen, de receptie van hotel of verpleeghuis kunt toevertrouwen, taxi kunt laten rijden, telefoon aannemen, etcetera.

Subsidie kan het probleem niet verhelpen, want het probleem is niet gelegen in de kosten, maar, heel simpel, in gebrek aan kennis van taal en gedragsregels. Toen banen vooral gevonden konden worden in de haven en de industrie, vormde die gebrekkige kennis van omgangsvormen of van het Nederlands geen probleem. Nu het accent op de dienstverlening is komen te liggen, is dit anders: daar wordt van je verlangd dat je je zo gedraagt dat de klant het prettig vindt je in zijn omgeving te weten.

Kort geleden werd ik geïnterviewd door Gerdy Nijman van het radioprogramma “Dingen die gebeuren.” Naar aanleiding van haar vraag wat de school dient te doen aan normen en waarden, had ik het bewust niet over abstracties als eerlijkheid en respect voor elkaar, want juist die abstracties maken dat iedereen het met iedereen eens is en dat er dus ook geen inhoud aan wordt gegeven. Vandaar dat ik koos voor elementaire regels die van belang zijn voor de vraag of Albert Heijn wil dat zo iemand zich beweegt tussen de klanten om de vakken te vullen. Zo vertelde ik dat ik enige tijd geleden op een school stond te praten met de directeur en dat tijdens ons gesprek een leerling zich tussen ons door wurmde. Terwijl ik vond dat de man met de pedagogische opdracht daar iets van moest zeggen, beperkte hij zich tot: “Zo Victor, alweer een ander petje?”

U bent dus eigenlijk een fatsoensrakker, constateerde de interviewster. Dat vond ik een verrassende en ook wel aardige constatering, want, juist omdat ik weet dat het bij fatsoen gaat om het laatste taboe van onze samenleving, ben ik wat dat betreft de schaamte allang voorbij.

Het kan dan ook niet duidelijk genoeg gezegd worden: het probleem waar Melkert met subsidies iets aan denkt te kunnen doen heeft, veel meer dan met geld, te maken met een gebrek aan kennis van Hoe hoort het eigenlijk? Hij zou er daarom verstandig aan doen de hulp in te roepen van Inez van Eijk of een andere eigentijdse Amy Groskamp-ten Have.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden