Interview

Extremisme aanpakken? 'Kijk niet alleen naar de leerling, maar ook naar de leraar'

null Beeld ANP
Beeld ANP

Jongeren leren omgaan met maatschappelijke vraagstukken? Kijk eerst eens naar de leraren, adviseert Naïma Azough.

Laura van Baars

Als leraren of jeugdhulpverleners het wereldbeeld en de waarden van jongeren willen vormen, moeten ze beginnen bij zichzelf. Dat is de belangrijkste conclusie die speciaal rapporteur Naïma Azough (ex-Tweede ­Kamerlid voor GroenLinks) trekt in een rapport over de preventie van extremisme en polarisatie: ‘Weerbare jongeren, weerbare professionals’.

Zij bood dit vandaag aan minister Bussemaker (onderwijs) en staatssecretaris Van Rijn (volksgezondheid) aan. “De zorgen onder leraren en jongerenwerkers gaan, meer dan over extremisme en radicalisering, over polarisatie”, zegt Azough. “En dan niet alleen onder jongeren. Ook binnen de teams kijken professionals anders tegen maatschappelijke vraagstukken aan. Die polarisatie in het team maakt het vaak nog moeilijker om deze thema’s aan te snijden.”

Kunt u een voorbeeld noemen?

“Bij een zorginstantie waar ze meer aandacht wilden besteden aan grensoverschrijdend seksueel gedrag en seksuele diversiteit, lieten ze een enquête doen naar de opvattingen van het personeel. De directeur schrok zich dood. Hij had niet gedacht dat hij eerst met de homofobie onder zijn eigen teamleden aan de slag moest, voor hij de jongeren hierbij kon gaan helpen.”

Maar als dan blijkt dat de ene collega veel conservatiever tegen homo’s aankijkt dan de ander, wat moet je daar als schoolleider of directeur dan mee?

“Het is alleen al goed als iedereen zich er bewust van is dat de ander er verschillend tegenaan kijkt. Je moet als schoolleider een visie hebben op wat je wilt overdragen. Als je het niet bespreekt, blijven onderlinge verschillen sudderen. Je hoeft dat debat niet te smoren door ervan uit te gaan dat iedereen de maatschappelijk correcte opvatting deelt. Ga gewoon als professional dat debat aan.”

Voor wie heeft u dit rapport geschreven?

“Mijn bedoeling was om het heel praktisch te maken. Niet alleen voor leraren en jongerenwerkers, maar ook voor schoolartsen, opbouwwerkers en hulpverleners in de geestelijke gezondheidszorg. Ik sprak meer dan honderd professionals over de spanningen die ze ervaren bij de preventie van extremisme en ik zocht naar antwoorden op de vraag welke ondersteuning ze daarbij nodig hebben.

“Het onderwijs en jongerenwerk hebben er een enorm zware taak aan om extremisme te herkennen bij kinderen. Het kabinet gaat nu in ieder geval een telefonische hulplijn opzetten waar leraren en jongerenwerkers terecht kunnen met vragen.”

U beschrijft drie typen scholen: scholen die graag willen leren over omgang met radicalisering of polarisatie, scholen die soms een incident hebben en scholen die het eigenlijk niet als een groot issue zien. Steekt die laatste groep de kop in het zand?

“Ik zal niet zeggen dat het risico op polarisatie of radicalisering op die scholen groter is dan op scholen die er wel veel aandacht aan besteden. Maar als ik het heb over radicalisering, dan gaat het net zo goed over jihadisme als over rechtsextremisme. Bovendien is polarisatie helemaal niet iets wat alleen in combinatie migrantengroepen speelt.

“Ook in Noordoost-Groningen kwam ik het tegen bij jongeren die zichzelf door werkloosheid en uitzichtloosheid volledig buiten de maatschappij voelen staan. Daar moet je je als school wel van bewust zijn.”

Draagt een school met een gemengd team maatschappelijke waarden beter over dan een school met alleen maar witte docenten?

“Dat hoeft niet. Het hangt allemaal af van de schoolleider, hoe hij het gesprek tussen de professionals onderling tot stand brengt en wat zijn visie op die waardenoverdracht is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden