Extreem-rechts kent vele gezichten in Wallonië

Alle ogen zijn komend weekeinde gericht op het Vlaams Blok. Wint extreem-rechts zondag opnieuw de gemeenteraadsverkiezingen in Vlaanderen of is er sprake van een kentering, zoals de peilingen suggereren. En hoe zit het in Brussel en Wallonië? Daar is extreem-rechts versnipperd en krijgen hun vertegenwoordigers geen kans zich te profileren.

Bert Schampers

Het is even zoeken in La Louvière om een verkiezingsaffiche van extreem-rechts te vinden. Op de officiële plakborden prijken communisten, marxisten, de arbeiderspartij, zelfs een partij die voor aanhechting bij Frankrijk is. Maar geen Front National, geen Front Nouveau de Belgique, Agir, Nation, Bloc Wallon of wie er in het zuiden nog allemaal onder de noemer van extreem-rechts meedingt naar de gunst van de ontevreden kiezer.

Op de muur rond het complex van staalfabriek Gustave Boël duikt een kwaadaardige Waalse haan op, duidelijk het resultaat van een wildplakker. De haan is hier het symbool van het Bloc Wallon, dat de kiezers oproept toch vooral te stemmen voor het eigen volk.

In 1994 haalde extreem-rechts in La Louvière 14 procent van de stemmen. Maar sindsdien is weinig meer vernomen van de zes gemeenteraadsleden van het Front National in dit bolwerk van de Parti Socialiste. In de industriestad (78 000 inwoners) met zijn grote Italiaanse gemeenschap hebben de socialisten de absolute meerderheid. En hoewel er druk op de ketel staat, met name van de groene partij Ecolo, lijkt geen enkele partij in staat de machtspositie van de socialisten te bedreigen.

Zelfs in Henegouwen, het zwarte land van kolen en staal, waar een heel terrein braak ligt voor bruinhemden, slagen de leiders van extreem-rechts er dus niet in zieltjes te winnen. Dat komt onder meer omdat extreem-rechts vele gezichten heeft, maar geen smoel.

Daartegenover staat in Vlaanderen het goed georganiseerde Vlaams Blok, dat dit keer in 194 gemeenten meedoet aan de verkiezingen. In zijn vorig jaar verschenen boek 'De jonge Turken van het Vlaams Blok' portretteert de Nederlandse journalist Rinke van den Brink het hoogopgeleide partijkader van het Blok. De partij komt voort uit het radicale Vlaamse nationalisme en profiteerde in de jaren tachtig van de doorbraak van het Front National van Jean-Marie Le Pen in Frankrijk.

Zes jaar geleden bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen haalde het Blok in Antwerpen 28 procent van de stemmen en 18 van de 55 zetels. De aanhang bestaat uit trouwe kiezers, zoals blijkt uit onderzoek van politicoloog Marc Swyngedouw. 87 Procent had eerder ook op het Blok gestemd. Vooral de traditionele partijen, socialisten en christen-democraten, verloren kiezers aan het Vlaams Blok.

Volgens Van den Brink is het Vlaams Blok al lang geen protestpartij meer, maar de politieke arm van een ideologische radicale beweging. Een blijvertje, al brengt volgens hem elke nieuwe verkiezing de eerste nederlaag dichterbij.

Het Blok steunt hier en daar initiatieven in Brussel en Wallonië. Zo komt het Bloc Wallon op in zeven gemeenten. Voorzitter is Georges Hupin, die eerder diende bij het Front National. Dat is typisch voor extreem-rechts in Franstalig België. ,,In die kringen is het de gewoonte net zo makkelijk van partij te wisselen als van onderbroek', aldus Van den Brink.

Toch krijgen zij de kans niet zich te laten horen, tenzij via het internet of pamfletten. ,,Hier heb je de totale boycot', zegt Manuel Abramowicz, de expert op het gebied van extreem-rechts in Wallonië. Maar het is niet alleen dankzij de opstelling van de media dat extreem-rechts niet doorbreekt.

In de Brusselse gemeente Molenbeek, waar veel immigranten wonen, kreeg het Front National in 1994 16 procent van de stemmen en het Vlaams Blok 5 procent. Samen dus goed voor 21 procent. Maar het verschil met Antwerpen is volgens Abramowicz dat je van extreem-rechts in Molenbeek niets hoort, terwijl het Vlaams Blok in Antwerpen is geïnfiltreerd, het terrein kent en in de wijken en randgemeenten actief is.

,,Dat is de zwakte van extreem-rechts in Wallonië. Ze zijn niet georganiseerd en concurrenten van elkaar', aldus onderzoeker Abramowicz, die werkt bij het centrum voor gelijke kansen en racismebestrijding in Brussel. De boegbeelden van extreem-rechts in Brussel en Wallonië zijn, op een uitzondering na, bijna allemaal dissidente liberalen, afkomstig van de PRL. Ook volgelingen van de Waalse nazist Léon Degrelle, een voormalige generaal van de Waffen SS, ploeteren in achterzaaltjes voor een weinig geestdriftig publiek.

Bij regionale verkiezingen in 1995 deden in Brussel vijf extreem-rechtse partijen mee. Een jaar eerder, bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen, deed extreem-rechts mee in zeventien van de negentien Brusselse gemeenten. Er waren toen nog 260 kandidaten.

Wat hun beweegredenen zijn, is niet altijd even duidelijk. Vaak richten de kandidaten, zoals blijkt uit de pamfletten, hun pijlen op vluchtelingen en illegalen. Maar dat is niet het exclusieve recht van extreem-rechts. Ook in de rechtervleugel van de liberale partijen zitten vreemdelingenhaters. In het boek Les Rats Noirs van Manuel Abramowicz staat een verkiezingsposter van een Brusselse liberale politicus wiens belangrijkste programmapunt is om een einde te maken aan de immigratie.

,,Het zijn opportunisten', vertelt overheidswaakhond Abramowicz in zijn streng beveiligde Brusselse kantoor. ,,Deze politici zijn ontevreden omdat ze laag op de lijst staan. Soms spelen ideologische redenen een rol of een intern conflict.' Hij noemt het voorbeeld van Philippe Rozenberg, een jood die de liberale PRL verruilde voor het Front National, toen hij in een financieel schandaal was verwikkeld. ,,In zijn gemeente Molenbeek, waar hij fractieleider is van het FN, steunt hij dan weer integratieprojecten voor immigranten. Zijn hele familie is gedeporteerd en dan opkomen voor een partij die vreemdelingenhaat propageert. Je begrijpt het soms niet.'

Er zijn weinig grote namen. Roger Nols, de controversiële ex-burgemeester van Schaarbeek was destijds de eerste die overstapte naar het Front National. De leidster van de scheurpartij Front Nouveau de Belgique, Marguerite Bastien, is een voormalige rechter. Een harde, gevaarlijke tante, beweert Abramowicz. ,,Voor de rest zijn het windvanen, aanstokers, imbecielen.'

Het Front National heeft een eigen voorman, Daniel Féret, een geneesheer, die door de orde is geschorst, maar nog steeds een praktijk heeft in de Kongolese wijk in Elsene, waar tevens het kantoor van het FN is gevestigd. ,,Het is een beetje surrealistisch', vindt Abramowicz. ,,Zo'n man die zwarte patiënten behandelt in wat tevens het enige kantoor van het Front National in België is.'

Féret slaagt er als arts niet in het FN beter te maken. Zowel hij als Bastien kregen aanvankelijk steun van Le Pen, maar onder druk van het Vlaams Blok gaf de Fransman het op om België te bekeren. ,,Hij kent de politieke en communautaire verhoudingen niet', zegt Abramowicz. ,,En mevrouw Bastien ziet door haar lastige karakter de mensen weer even snel vertrekken als ze via de voordeur binnenkomen.' In Brussel komt het FNB op in negen gemeenten, in Wallonië op vijf plaatsen. ,,Ze kunnen amper kandidaten vinden, Bastien is bijna overal lijsttrekker.'

De parlementsverkiezingen van vorig jaar waren een afgang voor extreem-rechts in Franstalig België. Het Vlaams Blok haalde in Brussel ook niet de verhoopte meerderheid, al kreeg lijsttrekker Johan Demol wel veruit de meeste voorkeurstemmen (ruim 12 000) van alle extreem-rechtse kandidaten in Brussel.

De Franstalige aanhang van het Blok groeide, maar dit leidde niet tot grotere eensgezindheid in het hoofdstedelijk gewest. ,,Dat komt ervan', schrijft Rinke van den Brink, ,,als Franstalige belgicistische liberalen optrekken met Vlaamse separatisten, aanhangers van de monarchie met republikeinen, hardcore fascisten uit beide taalgroepen met bange lieden uit de Brusselse bourgeoisie en aanhangers van het heidendom met ultra-conservatieve katholieken.'

Daarmee zijn meteen ook de kiezers getypeerd. Abramowicz: ,,Voor een groot deel zijn het proteststemmen, mensen die teleurgesteld zijn in de Parti Socialiste bijvoorbeeld, ontgoocheld door de samenleving, zich uitgesloten voelen, onbegrepen soms. Extreem-rechts is voor hen een uitlaatklep. Het is impulsief stemgedrag. Een toevallig incident met een immigrant kan al aanleiding zijn om voor extreem-rechts te stemmen. Ik ken ook Belgische Afrikanen die voor het FN hebben gestemd. 'Wij kiezen voor extreem-rechts om duidelijk te maken dat we een probleem hebben', was hun verklaring. Het is ook onverschilligheid. Niemand verdiept zich in de programma's, wat ze onthouden zijn de slogans, de retoriek.'

Recent onderzoek naar het stemgedrag in Wallonië bestaat niet. De faculteit sociologie van de Franstalige katholieke universiteit van Leuven deed dat voor het laatst in 1991. De grootste aanhang van extreem-rechts zat toen in de leeftijdscategorie van 25 tot 34 jaar. De kiezers waren aanwezig in alle sociale geledingen, maar het meest in de middenklasse. Ruim een kwart bleek werkloos en eenderde had alleen middelbare school gedaan.

Uit een onderzoek van de krant Le Soir, dat in 1995 werd uitgevoerd, bleek 41 procent van de kiezers de PS te hebben verruild voor extreem-rechts, maar was er ook een aanzienlijk deel dat voorheen blanco of ongeldig stemde en nu een uitlaatklep had gevonden bij extreem-rechts.

Extreem-rechts komt - in tegenstelling tot Vlaanderen - in Brussel en Wallonië niet op televisie en niet in de media. De pamfletten zijn, anders dan de glimmende vierkleurendruk van het Vlaams Blok, goedkoop en meestal het resultaat van nijvere thuisarbeid.

Abramowicz: ,,Je ziet in Vlaanderen, ondanks het cordon sanitaire, dat parlementariërs of lokale politici van het Vlaams Blok gewoon een pint gaan drinken met andere politici. Dat gebeurt in het parlement, maar ook in de gemeenten. Dat is in Franstalig België ondenkbaar. De media besteden alleen aandacht als er weer een kandidaat, partij of afgevaardigde in een rechtszaak of schandaal is verwikkeld.'

Die harde en principiële opstelling verklaart volgens Abramowicz ook de houding van Franstalige politici in het verzet tegen de coalitie met extreem-rechts in Oostenrijk. ,,De Vlaamse politici hielden hun mond, uit angst het Vlaams Blok te stigmatiseren.' In Wallonië zal volgens hem nooit een alliantie met extreem-rechts van de grond komen. ,,Het is ondenkbaar dat er wordt samengewerkt.'

Maar Abramowicz vindt het daarnaast verkeerd te veronderstellen dat extreem-rechts alleen een Vlaams probleem is. ,,De situatie in Franstalig België is alleen anders, door onze geschiedenis, hoewel verzet en collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog nagenoeg in evenwicht waren. Misschien is het de invloed van grote broer Frankrijk. Natuurlijk, het heeft iets van struisvogelpolitiek. Hoe minder je er over praat, hoe meer je hoopt dat de kiezer extreem-rechts links laat liggen. Ik denk dat het democratische fundament nog altijd stevig genoeg is in dit land. De koning zal nooit een Vlaams Blok-burgemeester benoemen.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden