Extreem lage opkomst bij raadsverkiezingen

AMSTERDAM - Een doelpunt tegen. Zo kan de uitslag van de Britse gemeenteraadsverkiezingen voor premier Tony Blair en zijn Labour-partij vertaald worden, niet veel anders. In absolute getallen ziet het er imposant uit: de conservatieve oppositie wint er 256 raadszetels bij, Labour moet er 91 inleveren, en voor de liberaal-democraten is er zelfs een verlies van 108 zetels.

Op een totaal van zo'n 4000 betwiste zetels is dat voor de sociaal-democraten daarentegen niet zo'n enorme aderlating, grosso modo behoudt Labour 2070 zetels, de conservatieven komen op 990 en de liberaal-democraten op 720. De rest ging naar lokale of splinterpartijen. Daarmee houdt Labour in de 166 kiesdistricten 91 raden vast in handen, de liberaal-democraten 13, en de Tories 8. In de overige raden verkregen geen van de partijen een absolute meerderheid.

Niemand had overigens verwacht dat Labour het kunstje bij de vorige raadsverkiezingen in 1994 toen ze via een aardverschuiving ten koste van de Tories op lokaal niveau in Groot-Brittannië al de macht greep, zou kunnen herhalen. Labour bleef met 39 procent hoe dan ook de duidelijk winnaar, 7 procent meer dan de Tories, terwijl de liberaal-democraten op 25 procent uitkwamen. Het was voor Labour wel een teruggang met vijf procent vergeleken bij de parlementsverkiezingen van 1 mei vorig jaar, toen Blair de achttien jaar aan één stuk geregeerd hebbende conservatieven wegvaagde.

De conservatieven waren er dan ook als de kippen bij om het resultaat - hoewel dat qua percentage gelijk was aan dat van de 1 mei-verkiezingen van '97 - uit te leggen als een electorale wederopstanding. “We zijn weer aan het winnen geslagen, we zijn op de weg terug”, zei partijvoorzitter Cecil Parkinson, hoewel hij toegaf dat de winst niet bepaald spectaculair te noemen was.

Veel zorgelijker voor Labour was de beklemmend lage opkomst. Grofweg een kwart van de kiezers had de moeite genomen te gaan stemmen, in sommmige districten zelfs minder dan twintig procent, en de analitici van Labour weten daaraan dan ook het zwakke resultaat van hun partij. Het toverwoord was 'complacancy', zelfgenoegzaamheid na alle electorale en gouvernementele successen van Blair, dat een flink deel van het Labour-potentieel had thuisgehouden.

Voor vice-premier John Prescott een reden te meer om te zinspelen op de noodzaak om op lokaal niveau het kiesstelsel te veranderen. Met afschaffing van het districtenstelsel en invoering van een evenredig systeem hopen de sociaal-democraten de interesse van de Britten in de politiek - die wat betreft electorale opkomst toch al tot de laagste binnen West-Europa behoort - wat op te vijzelen.

Maar er was voor Blair en de zijnen gisteren toch ook nog een reden om het glas te heffen. De uitslag van het referendum over een gekozen burgemeester en gemeenteraad voor de metropool Londen leverde een overduidelijk 'ja' op ten gunste van het Labour-voorstel. Met 72 procent 'ja' tegen 28 'nee' kreeg Blair in Londen zijn zin en kunnen de 5,5 miljoen stemgerechtigde Londenaren over zo'n anderhalf tot twee jaar weer hun eigen burgemeester kiezen. Voor het eerst sinds de afschaffing van het instituut in 1986 door de conservatieve premier Margaret Thatcher.

Te hopen valt dat de opkomst dan beter zal uitpakken dan die op donderdag. Slechts een derde van de Londense kiezers had de gang gemaakt naar het stemhokje.

Van een feeststemming na afloop in de speciaal daarvoor ingerichte zaal in Church House - het officieuze 'gemeentehuis' van Londen - was dan ook bepaald geen sprake. Volgens een verslaggever van de BBC waren er zes mensen aanwezig op het 'verkiezingsfeestje' in Church House. Twee van hen politie-agenten, om de orde te bewaren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden