Extra geld ten spijt: helft ouders vindt kinderopvang onbetaalbaar

Beeld ANP XTRA

Bijna de helft van de Nederlandse ouders vindt kinderopvang niet te betalen, blijkt uit onderzoek van het SCP.

Een kwart van de Nederlandse ouders vindt kinderopvang zo duur dat werken eigenlijk niet meer loont. Nog eens 40 procent van de ouders noemt de opvang ‘bijna niet te betalen’, blijkt uit een vandaag gepubliceerd onderzoek van het SCP.

Die percentages leken een jaar of vijf geleden tijdens de crisis hoger te liggen. “Toch vonden wij het opvallend”, zegt Anne Roeters, onderzoeker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau. Want nadat het kabinet een aantal jaar de hand op de knip hield, pompt het sinds 2014 extra geld in de kinderopvangtoeslag, in de hoop opvang betaalbaar te houden. Werken moet weer lonen, is het credo hierachter. Toch zagen Roeters en mede-auteur Freek Bucx dat de betaalbaarheid voor veel ouders een probleem is.

Risico

Denk niet te simpel over betaalbaarheid, adviseren de onderzoekers het Rijk dan ook. Ja, wie weinig verdient krijgt meer toeslag. Maar dat maakt opvang niet direct voor iedereen betaalbaar, zegt Roeters. Neem de laagste inkomensgroep. Die betaalt door de kinderopvangtoeslag nog geen euro per uur aan professionele opvang. Maar juist in deze groep roepen ouders het vaakst dat werken niet loont omdat de opvang zo duur is. “Dit zijn vaak gezinnen in een kwetsbare situatie: bijvoorbeeld lager opgeleide ouders, of ouders met een niet-Nederlandse achtergrond. De toeslag ontvangen ze pas nadat de factuur al betaald is. Dat kan voor hen een risico zijn. Want wat als op dat moment de wasmachine kapotgaat?”

Tot deze kwetsbare groep horen ook ouders zonder baan, die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Loont het dan juist niet om een paar uur per week te gaan werken? Theoretisch gezien wel, zegt Roeters. “Beleidsmakers gaan ervan uit dat mensen wetten snappen. Maar het vergt best veel om kinderopvangtoeslag aan te vragen of inzichtelijk te maken wat ze zelf moeten betalen. Ook voor hogeropgeleiden.”

Ouders met een vollere portemonnee en een hogere opleiding zijn ook niet echt te spreken over de kinderopvangkosten. Maar dat weerhoudt ze er niet van te gaan werken.

Extra investering

Vanaf 1 januari moet een extra investering in de kinderopvang voor verlichting zorgen. Maar of dat veel scheelt, is de vraag, zegt Gjalt Jellesma, voorzitter van Boink, dat de belangen van ouders behartigt. “Tot nu toe heeft de overheid alleen de bezuinigingen van een paar jaar geleden ongedaan gemaakt. En ouders voelen dat. Kinderopvang is naast hun huis de grootste kostenpost.”

Ouders in de laagste inkomensgroep kunnen er volgend jaar zelfs op achteruitgaan, stelt de Boink-voorzitter. Want nu de kinderopvangcentra de kwaliteitseisen opschroeven, kunnen ze tarieven verhogen. Ook voor middeninkomens die geen recht hebben op andere toeslagen, is zo’n verhoging dan voelbaar, zegt Jellesma.

Lees ook: Het kabinet lost zijn belofte in: er gaat meer geld naar kinderopvang (juni 2018)

Werkende ouders met kinderen in de opvang gaan er vanaf komend jaar op vooruit. Het kabinet lost de beloftes uit het regeerakkoord in en trekt een kwart miljard per jaar uit voor de kinderopvangtoeslag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden