Extatische dans rond leven en dood

Kunstenaar Jan Fabre is de nieuwe kerkmeester van De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Met een performance, een beeld en films heeft hij het thema van de cyclus van leven en dood nieuw leven ingeblazen.

Het ruikt naar verse bloemen in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Alsof er een bruiloft of een begrafenis aan de gang is. Beide associaties zouden de kunstenaar Jan Fabre (1958) tevreden stellen. Als nieuwe kerkmeester van De Nieuwe Kerk laat hij een performance opvoeren waarin het leven wordt gevierd en de dood overwonnen.

Het hele oeuvre van de Belg - dat bestaat uit tekeningen, sculpturen, tekst, film, video en performances - draait om leven, dood en de metamorfose die daarop volgt. Hij is daarom gefascineerd door insecten. Zij ontpoppen zich en komen in een andere gedaante terug. Ook weten zij zich razendsnel voort te planten. In het universum van Fabre wint het leven; de dood is er een afscheid én een nieuw begin.

Geen wonder dat hij meteen ja zei toen directeur Cathelijne Broers van De Nieuwe Kerk hem vroeg dit jaar de titel kerkmeester te dragen en de ruimte naar zijn hand te zetten.

Fabre sloot aan bij de gewijde sfeer van de kerk door zijn meest levenslustige kunst achterwege te laten: geen spuitende piemel, zoals vorige zomer in het Kröller-Müller Museum te zien was, en ook geen kunstwerken van bloed, vlees of botten.

Recht tegenover het praalgraf van Michiel de Ruyter plaatste hij zijn sculptuur 'Zal hij voor altijd met aaneengesloten voeten staan?'. Een met golvend, spierwit engelenhaar omgeven harnas op een voetstuk dat is gemaakt van duizenden schildjes van de prachtkever. Het harnas dat aan alle kanten gedeukt is, lijkt eerder een gevangenis dan een bescherming, wijst eerder op kwetsbaarheid dan ondoordringbaarheid.

Fabre heeft het er neergezet als eerbetoon aan Michiel de Ruyter, die hij het prototype van 'de ridder van de wanhoop, de krijger van de schoonheid' noemt, aldus Barbara De Coninck, directeur van de studio van Fabre. De ridder, zijn trouw, het bloed dat vloeit, zijn pogingen om zijn kwetsbaarheid te beschermen met een harnas zijn andere veelvoorkomende elementen in zijn werk. In de kooromgang wordt op verschillende schermen de film 'Lancelot' getoond, waarin de ridder Fabre tegen zichzelf lijkt te strijden.

Maar zijn belangrijkste ingreep in De Nieuwe Kerk vindt plaats direct onder het orgel.

Daar zette hij een met bloemen overladen tombe neer: het decor voor de performance 'Preparatio Mortis'. Begeleid door overweldigende orgelmuziek van de Belgische componist Bernard Foccroulle - gespeeld door Yoann Tardivel - komt de tombe langzaam in beweging: het bloemendek golft zuchtend op en neer. Een hand, een arm komt tevoorschijn en danseres Lisa May golft met de bewegingen van een rups van het doodsbed af, waarna zij in een extatische dans temidden van duizenden bloemen het leven in zijn primitiefste vorm laat zien: eten, pijn, seks, plezier.

Dan volgt er nog een metamorfose: de glazen tombe is nu een soort baarmoeder, waarin we May met de langzame bewegingen van een ongeboren kind zien drijven. Ook fladderen er kleine vlindertjes rond.

Een oog-, oor- en neusstrelende ervaring die je de tijd even doet vergeten.

Het werk van kerkmeester Jan Fabre is tot en met 30 september in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. De voorstelling 'Preparatio Mortis' van een uur is tot en met 23 september op negen avonden te zien. Info. www.nieuwekerk.nl.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden