Exposities van Pieter Laurens Mol in Eindhoven en Amsterdam

Overzichtstentoonstelling van Pieter Laurens Mol in het Van Abbemuseum, Bilderdijklaan 10, Eindhoven: t/m 18 april, open di t/m zo 11-17u. Catalogus F 50. Ferro Fever in het ICA, Nieuwe Spiegelstraat 10, Amsterdam: t/m 18 april, open di t/m zo 11-17u, do 11-21u.

Pieter Laurens Mol (47) heeft twee tentoonstellingen tegelijk: een overzichtstentoonstelling in het Van Abbemuseum in Eindhoven en een thema-tentoonstelling in het Institute of Contemporary Art (ICA) in Amsterdam. De eerste reist hierna door Europa en Amerika, waar Mol al vele kopers heeft: de bruiklenen voor deze tentoonstellingen komen ondermeer uit Belgie, Duitsland, Zwitserland, Amerika en Canada.

Mol gebruikt diverse media en materialen, zoals fotografie, verf, metaal en glas. Na een opleiding als timmerman volgde hij twee jaar onderwijs aan de afdeling fotografie van de kunstacademie Sint Joost in Breda. Hij maakt foto's, wandobjecten, installaties en losstaande beelden. Bij Mol zeggen dat soort typeringen echter weinig. Zijn beelden zijn met een ambachtelijke precisie afgewerkt en hij geeft ze altijd titels, die een deel van het werk zijn.

Bij Mol is niets voor niets. Hij daagt de waarneming en het denken uit. Graag gebruikt hij sleutels als letterlijk symbool ter ontsluiting van zijn werk, maar dan wel veel verschillende. In ieder geval is het oppassen bij wat je meent te zien. Dat maakt hij heel duidelijk in 'Nachtwachter' (1991), een schilderijtje van een oog in een houten raam, waarbij voor de ooglens een vosseklem hangt. Het ligt voor de hand om 'Legenda' (1983) als letterlijke uitleg voor Mols standpunt te willen zien. Op deze foto zit hijzelf op zijn knieen voor een dramatische rotspartij. Boven zijn hoofd hangt een stapeltje boeken aan een touwtje aan een tak, die hij bij nader inzien zelf vasthoudt. De kunstenaar heeft zijn eigen wijsheid in de hand, dat wil zeggen, bijna, want de boeken raken hem niet. Spannend blijft het toch, want deze houding is in balans en ook het goddelijk aandoende landschap suggereert van alles.

Door kennis van kosmos, kunst en cultuur is zijn werk tot op zekere hoogte te ontsluieren. Meer weten betekent meer lagen doorzien, en kan het interessanter maken. Bij Mol gaat het duidelijk om de inhoud en niet om de vorm of het medium op zich. Zijn werk onttrekt zich aan modes, al past het toevallig prima in de opgeleefde belangstelling voor realisme in de Nederlandse beeldende kunst.

Voor de Hollandse traditie kenmerkend genoemde aspecten als humor, relativering en schijnrealisme zijn in Mols werk duidelijk bespeurbaar, maar bij hem is dat al meer dan twintig jaar zo. Soms verwijst hij direct naar Hollandse en Vlaamse meesters. In 'Les Guirlandes de Bruegel' (1988) gebruikt hij reproducties van het werk van Pieter Bruegel de Oude. In 'Hollandse Lijfrenten' (1991) betoont hij zich schatplichtig aan de Hollandse traditie door op rollen lood de namen van steden met 17de-eeuwse schilderscholen als Delft, Leiden en Dordrecht aan te brengen. Mol is in veel meer dan de 16de en 17de eeuw geinteresseerd, maar heeft met de schilderkunst uit die tijd wel een manier van kijken naar de werkelijkheid gemeen. In een bepaalde context kan alles iets betekenen en zowel zichzelf zijn als een symbool voor iets anders.

Aan Mols beste werk is zoveel te zien, dat het interessant blijft, ondanks alles wat je ervan weet. Die wetenschap daagt je bovendien uit om de werken die minder gelaagd lijken, nog eens goed te onderzoeken; misschien nam Mol je wel in de klem door een oppervlakkige betekenis voor het opscheppen te leggen. Soms wordt het alleen maar interessanter naarmate Mol er literaire uitleg bij geeft. De reproducties van Bruegel in 'Les Guirlandes de Bruegel' zijn tot puntige kokers gerold en met kurken tegen een houten paneel bevestigd. Mol zelf zegt op deze manier 'de geest van Bruegel terug te brengen in het paneel'. Tegenwoordig kennen veel mensen kunst alleen maar via

roducties. Schilderijen worden daardoor tot plaatjes en verliezen hun ziel. De zwart-wit-reproducties die Mol voor dit werk gebruikt, komen uit een boek van de kunsthistoricus Friedlander, waarin deze ingaat op het verschil in kleurgebruik tussen Vlaamse en Hollandse oude meesters. Inderdaad heeft alles betekenis, maar tot op het bot willen analyseren kan absurd zijn; Mol zelf wijst op de overeenkomst van de kokers met een patatzakje - typisch Belgisch - en friet als verwijzing naar Friedlander, haha. Dat is net zo absurd of reeel als de neiging van sommmigen tot overinterpretatie van 17de-eeuwse schilderijen en het willen inpassen van betekenissen van het kleinste symbooltje, in welke kromme bochten je je ook moet wringen.

Voor de overzichtstentoonstelling in Eindhoven is een keuze van werk uit 1972-1992 gemaakt en thematisch gerangschikt. Mol zelf vergelijkt de inrichting in het circuit van zalen van het museum met de ruimtes van een schip: de brug, de machinekamer, de achtersteven. In de 'machinekamer' zijn werken over denken en het brein geplaatst; elders refereert een werk als 'Muiterij lyriek' (1992) aan zee met vluchtige 'golfjes' van scheerschuim op een stalen paneel.

In het Amsterdamse ICA is een serie werken uit 1989 rond het thema Mars tentoongesteld. Deze expositie had het effect van een kijkje in de keuken moeten hebben. Na het zien van de afgewogen keuze in het Van Abbe, blijken lang niet alle werken over Mars, oorlog, bloed, verschroeide aarde en aangetaste heroiek even sterk. Dat kan ook niet, en op zich is het interessant om Mols associatieketens hier te kunnen volgen. Om tot zijn recht te kunnen komen en om aan te sluiten bij die sfeer van het proces van tot stand komen, had deze serie echter niet zo clean geexposeerd moeten worden als nu gebeurt. Veel van Mols poezie gaat in het ICA verloren, doordat de ruimte van de expositie-zalen zich hier veel meer opdringt en vrij veel werken in vitrines is gezet. Ook hier zijn mooie, poetische werken bij, maar het is een beetje te veel van het goede.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden