Expositie / Het vastleggen van dood en geweld

Een vrouw die in een plas bloed ligt. Twee bungelende mannenvoeten. Hoe komt het dat je naar deze foto’s blijft kijken? Je schrikt ervan, maar tegelijkertijd geeft het grip op het bestaan.

Op de foto zijn twee vrouwenbenen te zien. Bevallig over elkaar geslagen steken ze uit de bosjes. Het zou een plaatje uit een modetijdschrift kunnen zijn, maar daarvoor liggen de benen er te onnatuurlijk bij. Wat is hier gebeurd? En waarom zien we de rest van het lichaam niet? Je staart en gluurt in die bosjes op zoek naar aanwijzingen: deze vrouw moet iets overkomen zijn. Iets gruwelijks, wat je eigenlijk niet wilt zien. En toch blijf je kijken.

Bijna elke foto op de expositie Plaats Delict in het Fotografiemuseum Amsterdam (Foam) geeft je het gevoel een voyeur te zijn. Een rampentoerist die op de snelweg afremt om te kijken naar een ongeluk op de andere baan, om na het zien van de ravage en slachtoffers met de bibbers in het lijf door te rijden. Waarom niet gewoon doorgereden, maar toegegeven aan die ongezonde sensatiezucht?

In het Foam word je bij wijze van spreken geconfronteerd met één lange kettingbotsing. Het ene moment zie je een vrouw onder aan de trap liggen in een plas bloed, op de volgende foto bungelen twee mannenvoeten in pantoffels naast een wc-pot en weer een stap verder doemen een paar witte pumps op, besmeurd met bloed. En zo gaat dat maar door op deze tentoonstelling met nooit eerder geopenbaarde foto’s uit het Amsterdamse politiearchief van delicten, ongevallen en zelfdodingen. Ze werden gemaakt in de jaren 1965 tot 1985, toen het korps voor het eerst werkte met professionele fotografen, die vakkundig de plaats delict vastlegden met kennis van wat de technische recherche en later de rechtbank op de foto wensten te zien. Voor die tijd was fotografie bij het korps een vorm van goedbedoeld hobbyisme van een paar rechercheurs.

Toen fotograaf Myriam Missana van het politiekorps de duizenden oude negatieven aantrof, vond ze die te bijzonder om er verder niets mee te doen. Ze benaderde het Foam, maar curator Colet Olof had aanvankelijk bedenkingen. „Ik was bang voor sensatiezucht, maar de kwaliteit van de foto’s heeft de doorslag gegeven. Bovendien vormen ze een fraai tijdsdocument, omdat ze de veranderingen laten zien in kleding en interieur, maar ook de verharding in de samenleving in beeld brengen. Ook vind ik het goed om het publiek te laten zien wat fotografie kan betekenen. Dit is gebruiksfotografie, deze beelden zijn gemaakt om het rechercheonderzoek goed te kunnen doen. Daarom zijn ze ook zo gedetailleerd. Zelfs de hoeveelheid koffie in de kan kan van belang zijn in een moordonderzoek, omdat daaruit af te leiden is of het slachtoffer bezoek had.”

Olof heeft de foto’s uitgekozen zonder kennis van het achterliggende verhaal, omdat ze zich daardoor niet wilde laten beïnvloeden. „Ik heb geselecteerd op kwaliteit en zeggingskracht.” De teksten op de expositie zijn ook summier. Meestal worden alleen de plaats van het delict en het jaar vermeld, plus de aard van het misdrijf of ongeval: lijkvinding, verkrachting, roofoverval, lijk in het water.

De rest van het verhaal mogen de kijkers zelf invullen. Ook in het gelijknamige boek dat tegelijk met de expositie is uitgebracht en waarin veel meer foto’s zijn opgenomen, wordt niet ingegaan op de achtergronden van de slachtoffers.

Blijft de vraag waarom je ondanks het onbehagen en de weerzin toch de ogen niet kunt afwenden. Is het het besef dat het jou ook had kunnen treffen, dat jij daar ook had kunnen liggen in die bosjes? Of is het dezelfde sensatiezucht die mensen een kilometer verderop in de rij laat staan voor de tentoonstelling van opgezette mensen in de Beurs van Berlage? Deze expositie van geprepareerde lijken (die zoveel belangstellenden trekt dat ze is verlengd) lijkt ook te passen in deze tijd waarin de meest schokkende en intieme zaken open en bloot op tv te zien zijn, zoals onlangs een programma waarin een demonstratie werd gegeven van het snijden in lijken.

Maar ook de ophanging van Saddam Hoessein, het lichaam van de vermoorde Pim Fortuyn en het mes in het lijf van Theo van Gogh passen in dat rijtje. We huiveren, willen dergelijke beelden eigenlijk niet zien maar worden er toch door geobsedeerd.

Het is natuurlijk iets van alle tijden, dat mensen dood en geweld willen vastleggen voor de eeuwigheid. Denk alleen maar aan de talloze schilderijen die in het verleden zijn gemaakt van Christus aan het kruis en de martelingen van heiligen. Als kind sloeg je fantasie al compleet op hol bij het bekijken van de plaatjes in de ouderwetse kinderbijbel, van Abraham bijvoorbeeld die zijn zoon op de brandstapel legt, het mes in de aanslag om hem te offeren. Ook de christelijke encyclopedie had een enorme aantrekkingskracht, vooral vanwege de afbeelding van de hel met al zijn verschrikkingen.

Wat de expositie in het Foam extra spannend maakt is dat het om foto’s gaat die niet gemaakt zijn voor de openbaarheid. Eigenlijk mogen we ze helemaal niet zien. Het zijn gebruiksfoto’s die op een koele en zakelijke manier zoveel mogelijk informatie geven over een plaats delict. Juist doordat ze ontdaan zijn van alle franje, letterlijk uit het leven gegrepen zijn, raak je er niet op uitgekeken en word je erdoor geraakt. Zomaar ineens is het leven komen stil te staan voor deze mensen, terwijl in hun omgeving alles gewoon doorgaat. Oneindig divers maar altijd grimmig is de manier waarop de dood toeslaat. Je schrikt ervan en voelt je gegeneerd dat je daarnaar kijkt, maar tegelijkertijd geeft het ook controle en grip op het bestaan. Je weet wat er kan gebeuren. Je bent voorbereid, hebt het gevoel iets dichterbij het geheim van de dood te zijn gekomen.

De expositie Plaats Delict is t/m 25 februari te zien in Foam, Keizersgracht 609, Amsterdam, open dagelijks 10-17, do en vrij 10-21 uur, www.foam.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden