Exploderen als een dode buidelrat

Hier heerst de natuur: de kou, de hitte, het zweet, de lust, de angst, 'alle levende dingen die in de nacht meeademen'

Bevallig oogt ze niet, Jake. Dat wordt niet met zoveel woorden gezegd, maar je kunt het concluderen uit terloopse opmerkingen van de mannen (en eerder de kinderen) in haar omgeving. Opmerkingen over de afschrikwekkende littekens op haar rug, haar mannenarmen, haar haar dat hoognodig geknipt moet worden, haar boomstambenen. Dat grove, verwilderde uiterlijk betekent niet dat ze met rust wordt gelaten. Sterker, vanaf de erin knallende eerste zin ('Nog weer een verminkt en leeggebloed schaap') voel je in de roman 'Overal vogelzang' angst én kracht van de vertelster, hoedster van vijftig schapen op een niet nader aangeduid onherbergzaam Brits eiland, waar de wind 'je stem terug in de strot duwt'.

De 'ik' verbergt een wapen in haar huis en oefent dagelijks haar push-ups. Ze is permanent op haar hoede, op de vlucht voor iets of iemand. Als twee van haar schapen gedood worden denkt ze ook niet als eerste aan een vos, of aan de pesterige plattelandskinderen uit de buurt, maar aan iemand die het speciaal op haar voorzien heeft. Ze reageert heftig op het verlies. "Ik huilde zonder tranen, gierend en met open mond, de pick-up schudde ervan, en ik voelde in mijn binnenste iets klauwen zonder dat de kans op ontsnapping groter werd."

De Engels-Australische schrijfster Evie Wyld werd bekroond met de belangrijkste literaire prijs in Australië, de Miles Franklin Award, voor haar tweede roman 'Overal vogelzang'. Het is een beklemmend, meeslepend, zinnelijk boek. Wyld trekt je het eiland op, de kille, afgegraasde winterse heuvels in, de grauwe verlatenheid waar de vertelster zich verborgen houdt in een afgelegen cottage met haar schapen en haar hond Dog. Naar de winkel moet ze met de pick-up truck en daar liggen tomaten en aardappels die niet meer goed zijn, en heeft het meisje achter de toonbank een alcohollucht om zich heen hangen.

Contact heeft Jake alleen met Don, de eigenaar van de cottage die af en toe voorbijkomt en vergeefs blijft vragen of het na drie jaar niet eens tijd wordt voor een bezoek aan de pub. Geen goed voorstel aan de alles en iedereen wantrouwende Jake die uit het zicht wil blijven, maar overal bespieders of erger vermoedt. "Het oog vóelt de beweging het eerst", spreekt ze zichzelf toe onder de douche.

Schrijfster Evie Wyld springt heen en weer tussen dit heden op het eiland en Jake's verleden dat achterstevoren steeds verder onthuld wordt en dat ons naar het Australische achterland brengt, waar de 'stofdroge geur hangt van de schapen met hun tapijtwol in de weidse rode omgeving' en waar de 'ik' als schaapscheerder werkt. Belaagd wordt Jake daar door een man die laat merken dat hij iets over haar te weten is gekomen en dat hij seks wil in ruil voor zijn zwijgen, waarna ze zijn kaak breekt. Steeds meer nare herinneringen duiken op aan ene Otto, de man met 'de kleine roze penis' voor wie ze haar sporen heeft uitgewist

Zo klinkt dit als een gewelddadig boek, maar dat valt mee. Het is een 'Wuthering Heights' van nu, als de recente film: fysiek, ruig, realistisch in plaats van romantisch, vol belagers, maar de vriend die de vertelster uiteindelijk zijn hand toesteekt, is wel een zachtaardige figuur met zo zijn eigen kwetsuren. De natuur heerst: de hitte, de kou, het zweet, de lust, de angst, de bloedende schapen, de spinnen die uit de muur kruipen, de vogels die snerpen en gillen, 'alle levende dingen die in de nacht meeademen', mannen die zich opdringen.

De in Londen opgegroeide schrijfster maakt indruk met haar gedetailleerde schets van de Australische bush, waar de vertelster meent van de hitte te 'exploderen als een dode buidelrat'. Wyld doseert de dreiging knap. Als lezer blijf je lang in het ongewisse over de gevreesde Otto (haar vader? haar echtgenoot?). Waarom belt ze af en toe naar haar moeders huis zonder dan iets te zeggen? Als in een draaikolk word je meegetrokken naar het begin van alles, de onvermijdelijke wond, het trauma dat dan toch anders is dan je dacht - betekenisvoller, ontluisterender. In een korte epiloog gaat Wyld daar ook weer aan voorbij, naar het verloren paradijs, een kindertijd waar de geur van 'frituurvet en zeepsop' hangt en waar de 'ik' lummelt op het strand 'waar dingen liggen om naar te kijken en over te praten'. Fraai hoe de schrijfster je zo aan het slot mee laat rouwen om wat verloren ging, en toch iets van hoop laat gloren; uitzicht op genezing .

Evie Wyld: Overal vogelzang (All the Birds, Singing) Vert. Roos van de Wardt. De Geus; 285 blz. euro 19,95

Wie is Evie Wyld?

Met 'Overal vogelzang' sluit Evie Wyld aan in een recent golfje aan Britse schrijfsters, fictie en non-fictie, die schrijven over de troost van dier en/of natuur na groot verdriet; auteurs als Helen McDonald ('H is voor Havik'), Sarah Hall ('De wolven komen') en Sara Baume ('Stampen, stommelen, slaan').

Evie Wyld (1980) groeide op in Londen maar bracht veel vakanties door bij haar Australische grootouders van moederszijde.

Ze debuteerde in 2010 met het nog onvertaalde, meermaals bekroonde 'After the Fire, a Still Small Voice'.

'Overal vogelzang' werd bekroond met de Miles Franklin Award, de belangrijkste literaire prijs in Australië, goed voor bijna 80.000 euro.

Deze som geld stelt Wyld, die tevens boekhandelaar is, langere tijd in staat zich geheel aan het schrijven te wijden.

Ze is bezig met een stripboek over haar angst voor haaien. Die fobie ontwikkelde toen ze bij haar grootouders in Australië logeerde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden