Exotische tuin is als een orkest van planten

De Engelse tuin Great Dixter. © Hanneke van Dijk

Toen Christopher Lloyd van de bekende Engelse tuin Great Dixter in 1993 zijn rozentuin veranderde in een exotische tuin stond heel Engeland op zijn kop. Nu heerst de junglekoorts alom.

Een exotische tuin is kleurig, spannend, mysterieus en doet ons nu denken aan een tropisch vakantieparadijs. Eind negentiende eeuw werden exotische tuinen subtropische of wilde tuinen genoemd. William Robinson schreef toen al over het combineren van grootbladige subtropische, niet winterharde planten met planten die wel in ons klimaat konden overwinteren. De exoten moesten 's winters vorstvrij overwinteren en dat was toen mogelijk omdat het bouwen van kassen steeds goedkoper werd door het ontwikkelen van nieuwe technieken.

Het een was dus een gevolg van het ander. De exotische planten, geïmporteerd uit verre landen, werden en masse in perken tentoongesteld. William Robinson vond deze manier van tentoonstellen afschuwelijk. Hij voelde er meer voor om ze te combineren in een wilde tuin, een soort jungle. Boomvarens uit Australië, canna's uit Azië, wonderbomen uit Afrika en agaves uit Mexico zag hij het liefst gecombineerd met hemelbomen en hosta's die toen funkia's heetten.

Het publiek vergaapte zich aan deze planten uit een andere wereld, een wereld waarin eerder papagaaien dan merels thuishoorden. De lijst met planten die Robinson aanraadde voor een subtropische tuin komt gedeeltelijk overeen met de planten die Christopher Lloyd in zijn exotische tuin in Great Dixter gebruikte. Tegenwoordig wordt de door Robinson aangeraden plant, Cannabis, niet meer in een exotische tuin geplant. Dat is ook niet echt aan te raden, hoewel je in Nederland vijf planten voor eigen gebruik in de tuin mag hebben.

Zoals met alle tuinstijlen raakte de 'subtropische stijl' op een gegeven moment, na de Eerste Wereldoorlog uit de mode. Een heel andere stijl kwam hiervoor in de plaats: borders met vaste planten in cottagestijl. Nu nog zien we hier de naweeën van en regeert de dictatuur van de tuindames. Bepaalde planten werden populair, terwijl andere uitgekotst werden. Mensen die het waagden om vuurpijlen of dahlia's in de tuin te zetten, werden met de nek aangekeken en konden niet rekenen op veel tuinbezoek.

Zelfs de beroemde Christopher Lloyd, de lieveling van het Engelse tuinpubliek ontving hatemail toen hij zijn rozen verruilde voor exoten. Of hij helemaal gek geworden was, de rozentuin was nog door zijn moeder aangelegd, die doe je toch niet zomaar weg! Maar de eigenwijze Christo kon het zich als een van 's werelds grootste tuinschrijvers en plantenkenners permitteren om eens een keer de bloemetjes buiten te zetten en te kiezen voor felle kleuren en grote bladeren.

Zijn publiek shockeerde hij toen meteen ook maar door in een fel paars overhemd met bordeauxrode slipover te verschijnen. Hij was een paradijsvogel in zijn eigen tuin. Nu gooide hij niet meteen zijn hele tuin overboord, maar beperkte zich tot een klein gedeelte, grenzend aan een schuur en omgeven door hoge taxushagen. In deze beschutte tuin combineerde hij planten die contrasteerden wat vorm en kleur betrof. Hij zette sterk architecturale planten als een Colocasia naast de fijnere Verbena bonariensis en donkerbladige, oranje bloeiende canna's naast felrode dahlia's en bontbladige Arundo donax 'Versicolor'. Eenjarige klimplanten als Mina lobata slingerden zich door bananenbomen. De gigantisch grootbladige Tetrapanax ging vergezeld van de fijnbladige Cyperus papyrus.

Zo schiep Christo zijn eigen paradijs, uiteindelijk was het zijn eigen tuin en het kon hem weinig schelen wat de tuinbezoekers ervan dachten. Hij vond het vervelend om altijd volgens de regels te leven en nooit iets geks te doen. A fool's paradise is better than no paradise at all, moet hij gedacht hebben. Nu had hij een gigantische plantenkennis en kon hij zich iets geheel nieuws permitteren dat ook nog goed uitpakte.

Als je in de exotische tuin van Great Dixter loopt, waan je je in een schilderij van Rousseau. De paden zijn smal en de planten torenen boven je uit. De exotische tuin is elk jaar anders, vertelt de head gardener Fergus Garrett. Hij zet het werk van de zes jaar geleden overleden Christopher Lloyd voort en heeft net als hij een enorme plantenkennis. Er wordt geen rekening gehouden met de kleurencirkel, maar het gaat om zoveel mogelijk verschillende vormen.

'Ik wil muziek maken met planten', vertelt Garrett, 'een orkest van planten die met elkaar voor een groots effect zorgen. Als je planten koud naast elkaar zet dan hebben ze de rug naar elkaar gekeerd. Het is de bedoeling dat je de planten met elkaar verbindt. Ze moeten een contrast vormen en toch met elkaar verbonden zijn. Geef planten het gezelschap dat ze verdienen.'

Het zou geweldig zijn om al de saaie, cleane tegeltuinen te veranderen in tropische paradijzen. Ook een kleine stadstuin is heel geschikt om een eigen paradijs te scheppen, niet gehinderd door tuinregels en tuindames, gewoon doen waar je zin in hebt met planten met grote bladeren en fel gekleurde bloemen.

 Als je in de tuin van Lloyd loopt, waan je je in een schilderij van Rousseau  
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden