Exota-affaire nu voor de Hoge Raad

AMSTERDAM (ANP) - De Amsterdamse zakenman J. Leutscher gaat in cassatie bij de Hoge Raad van het vonnis van het gerechtshof in de Exota-affaire. Hij vindt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het slechts de helft van de door hem geëiste schadevergoeding van vijftien miljoen gulden toekende.

Het hof veroordeelde in december de Vara en haar voormalige ombudsman Marcel van Dam tot het betalen van de ruim zeven miljoen gulden wegens onrechtmatig handelen. Het oordeelde dat slechts de helft te vorderen is, omdat ook maar een beperkt deel van de beruchte televisie-uitzending onrechtmatig is geweest.

In 1986 oordeelde het hof in Amsterdam al dat de omroep en de ombudsman fout zaten met een uitzending in 1971. Daarin liet Van Dam een blanco flesje ontploffen, welke beelden hij afwisselde met citaten uit brieven over exploderende Exota-flesjes. De explosie was in scène gezet met een kogeltje. De limonadefabriek ging een jaar na het programma failliet. Het hof oordeelde in 1986 dat de afwisseling van de beelden met de citaten te suggestief was.

Van Dam heeft altijd gezegd dat de uitzending in het algemeen belang was om mensen te waarschuwen voor spontaan exploderende flessen. Na onderzoek in archieven heeft Leutschers advocaat mr. B. van Maarschalkerwaart ontdekt dat de broer van Marcel van Dam ooit directeur was van Vrumona, een belangrijke concurrent van Exota. Hij oppert dat Van Dam er wellicht persoonlijk belang bij had Exota aan te pakken.

Volgens de raadsman waren die geruchten er al eerder, en stond het in 1979 in Vrij Nederland, “maar is er nooit diepgaande inhoud aan gegeven en is het niet gecheckt”. De broer van Van Dam, Anton, overleed in 1957. De uitzending was weliswaar veertien jaar later, maar Van Maarschalkerwaart sluit niet uit dat de familie nog belangen had in Vrumona.

In een reactie bevestigt Marcel van Dam dat zijn oudste broer tot diens overlijden directeur was van Vrumona. Hij ontkent echter dat die broer enig belang had in de onderneming. “Het bedrijf begon als coöperatie van kleine limonadefabrikanten en was eigendom van Heineken. Mijn broer was daar gewoon in loondienst.” Volgens Van Dam had hij noch enig ander familielid veertien jaar later iets meer met Vrumona te maken. Hij noemt de suggestie van Van Maarschalkerwaart “een smerige. Ze willen suggereren dat er veel meer aan de hand is geweest. Maar ze hebben dit feit, dat al lang bekend is, nooit in het proces naar voren gebracht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden