Exit modern Tunesië?

Vinden we de Arabische lente ook nog hoopgevend als islamitische politici het voor het zeggen krijgen? Tunesië, dat zich van een tiran bevrijdde, gaat zondag naar de stembus. De islamitische Ennahda staat op winst. De partij vergelijkt zich met het CDA: religieus geïnspireerd en democratisch.

Goed beargumenteren kan hij het niet. Toch acht Aymen Ammar de kans groot dat hij gaat stemmen op Ennahda, de islamitische partij van Rached Ghannoechi. "Ze staan tenminste ergens voor", zegt hij. "Wat de andere partijen willen, wordt maar steeds niet duidelijk."

De 26-jarige Ammar werkt als ingenieur bij een Frans bedrijf in de hoofdstad. Zijn wortels liggen in het Tunesische achterland. In El Guettar om precies te zijn, een stadje op de rand van de onmetelijke woestijn. Tradities zijn belangrijk voor hem. Net als het geloof.

Ammars collega en huisgenoot Aymen Hammadi (27) zit er hoofdschuddend bij. "Hij trapt in de val die Ennahda heeft opgezet", zegt hij zodra Ammar is opgestaan om drankjes te halen. "Ze zeggen met zoveel woorden: 'Als je niet op ons stemt, ben je geen goede moslim'. Zelfs Aymen verwijt me dat nu al."

Plaats van handeling: een met terrasjes omzoomd parkje in een buitenwijk van Tunis. Westerse muziek klinkt, stelletjes flaneren. Een groepje jongens kijkt televisie; een groep meisjes voert een geanimeerd gesprek. Geen van hen is gesluierd.

"Ennahda gaat heus niet doordrukken wat de Tunesiërs niet willen", zegt Ammar terwijl hij een dienblad op tafel zet met muntthee met amandelen. "Zij weten ook wel wie de revolutie heeft gemaakt." Echt onder de indruk van deze geruststellende woorden lijkt Hammadi niet.

Noem het de ironie van de geschiedenis. Op 14 januari verjoeg de Tunesische bevolking de gehate president Zine el Abidine Ben Ali. De demonstranten, onder wie veel jongeren, eisten individuele rechten en bovenal: 'waardigheid'. De protestbeweging was nationaal en seculier; de groene vlag van de islam viel nergens te bekennen. Nu is een islamitische partij het gesprek van de dag, een partij die nota bene wordt geleid door een bejaarde die niet eens in Tunesië was op het moment dat de demonstranten politiekogels trotseerden.

Aanvankelijk zou Tunesië op 24 juli een Grondwetgevende Vergadering (Constituante) kiezen. Maar nadat uit peilingen bleek dat de meeste burgers maar één partij kenden, Ennahda, stelde interim-premier Beji Caïd Essebsi de verkiezingen uit tot komende zondag.

Hij deed dat op verzoek van de zogeheten 'Hoge instantie ter verwezenlijking van de doelen van de revolutie', een commissie waarin alle geledingen van de Tunesische samenleving zijn vertegenwoordigd. Deze stelde dat ook andere partijen zich bekend moeten kunnen maken bij de kiezers. Ennahda ('Wedergeboorte') is al bekend omdat het twintig jaar lang verzet pleegde tegen de verdreven dictator Ben Ali.

Net als de Moslimbroederschap in Egypte, boezemt Ennahda vrees in en roept zij soms felle weerstand op. Tegenstanders vrezen dat de partij, eenmaal aan de macht, een einde zal maken aan het moderne Tunesië, zoals dat werd vormgegeven door Habib Bourguiba. Deze eerste president van Tunesië schafte de polygamie af, tilde een openbaar onderwijsstelsel van de grond en deinsde er niet voor terug om vrouwen eigenhandig de hoofddoek af te trekken.

De 70-jarige partijleider van Ennahda, Ghannoechi, zal voor Tunesië zijn wat Ayatollah Khomeini was voor Iran, zo willen zijn critici doen geloven. Hij zal andere partijen verbieden en is uit op de vestiging van het kalifaat, ofwel een islamitisch gezag. Hij zal vrouwen dwingen tot het dragen van een hoofddoek en de verkoop van alcohol verbieden. Bikini's op het strand? Vergeet het maar. Dat alles weer met funeste gevolgen voor de Europese handelsbetrekkingen in het algemeen en voor de toerismesector in het bijzonder.

"Ik vertrouw ze voor geen cent", zegt een journaliste op de redactie van de Franstalige krant La Presse de Tunisie. "Wat zit er achter de façade? Nooit van mijn leven zal ik op ze stemmen." "Het is als de radde tong van Tariq Ramadan", zegt Mohammed Kilani, leider van de Socialisische Linkspartij op het partijkantoor aan de Avenue Bourguiba. "Ennahda is uit op macht, niet op democratie".

Ghannoechi, zo menen ook de ruim 35.000 'fans' van de Facebookpagina 'Ik zal niet op Ennahda stemmen', is een wolf in schaapskleren. Wacht maar tot hij aan de macht is.

Heel angstaanjagend oogt het 'hol van de leeuw' op het eerste gezicht niet. In de ommuurde binnentuin aan de rand van Tunis bloeit een roze bougainvillea; over het gazon kruipt een schildpad (het volksgeloof wil dat een schildpad boze geesten buiten de deur houdt). "Het is handel in angst", zegt Rached Ghannoechi op de veranda. "Mijn partij zou een gevaar zijn voor de stabiliteit van het land, de positie van de vrouw, de goede relaties met het Westen, het toerisme en ga zo maar door. Voor het gemak gooien ze ons op één hoop met de salafisten van Hizb ut-Tahrir", zo zegt hij. Dat is een kleine groep van moslimfundamentalisten die bepleit om de democratie af te schaffen en terug te keren naar het kalifaat.

"Maar het kalifaat is iets imaginairs; het heeft als zodanig helemaal nooit bestaan. Het is ook niet in de geest van de Tunesische revolutie die werd gevoerd uit naam van vrijheid en rechtvaardigheid." Zijn eigen geloof in de wenselijkheid van een islamitische staat legde Ghannoechi in de jaren tachtig af. "Ennahda wil een burgerpartij zijn met een islamitische referentie", zo zegt hij nu. "Wij menen dat de islam te combineren is met democratie en gelijkheid tussen de seksen. Vergelijk ons met de AKP (de gematigd islamitische partij van de Turkse premier Recep Tayyip Erdogan, red.)"

Opmerkelijk: het was het gedachtegoed van Ghannoechi, een in moslimkringen gezaghebbend theoloog, dat de AKP inspireerde, al geldt Ennahda op economisch vlak als linkser dan haar Turkse evenknie en zegt zij zich verwant te voelen met de Scandinavische sociaal-democratie.

Twee weken na de val van Ben Ali, zette Ghannoechi na twintig jaar voet op Tunesische bodem. Vanuit zijn ballingsoord Londen stuurde hij zijn boeken de wereld in, probeerde hij zijn partij bijeen te houden en organiseerde hij steun voor families van vastgezette partijleden.

Van iedereen die onder het regime van Ben Ali werd vervolgd, hebben de aanhangers van Ennahda het misschien wel het zwaarst te verduren gehad. Tienduizenden aanhangers werden opgepakt en achter tralies gezet. Volgens mensenrechtenorgansatie Human Rights Watch werd er op grote schaal gemarteld. Hoofddoekjes werden verboden in overheidsdienst; verklikkers turfden bij moskeeën wie er kwam bidden en hoe vaak.

In binnen- en buitenland kon de voormalige dictator Ben Ali rekenen op steun voor zijn harde aanpak. Hij hoefde maar naar buurland Algerije te wijzen, waar gewapende islamistische groeperingen gedurende de jaren negentig een ware slachting onder de burgerbevolking aanrichtten. Dat Ghannoechi, de leider van Ennahda, zich steeds van die terreur distantieerde en zich uitsprak voor democratie mocht weinig baten.

"Ben Ali stelde de partij twintig jaar lang voor als het absolute kwaad en dat heeft zijn sporen in de samenleving nagelaten", zegt Vincent Geisser, Tunesië-kenner aan de universiteit van Aix-en-Provence in Frankrijk.

Vrouwenactivisten en linkse bewegingen kijken volgens Geisser naar de Franse laïcité, de strikte scheiding tussen kerk en staat. "Zij zijn bang voor regressie en vrezen dat Tunesië zal wegzinken in conservatisme en obscurantisme. Daar klampt men zich vast aan de mythe van het seculiere Tunesië. Met de nadruk op mythe, want de meeste Tunesiërs hechten sterk aan hun islamitische identiteit."

Ghannoechi zelf wijst erop dat het begrip laïcité moeilijk los te zien is van Frankrijk. "In Tunesië is de tegenstelling tussen geloof en staat minder aangezet. Ons uitgangspunt blijft desalniettemin dat de staat geen waarden aan de samenleving mag opleggen. De privéruimte blijft gespaard." Volgens Ghannoechi deed Ben Ali dat juist niet toen hij vrouwen verbood een hoofddoek te dragen. "Ik vind dat iedereen dat zelf moet weten, het is privé. Dat geldt voor wat je draagt, maar ook voor wat je drinkt."

Een paar kilometer verderop, in het fonkelnieuwe partijkantoor van Ennahda, klinken dezelfde geruststellende geluiden. "Vrijheid van meningsuiting en vereniging beschouwen we als onze belangrijkste waarden", zegt woordvoerder Abdallah Zouari in zijn provisorisch ingerichte kantoor. "Waarom zouden we anderen gaan verbieden wat ons zelf jarenlang is ontzegd?" Zouari, tevens een bekende blogger en mensenrechtenactivist, weet waarover hij praat. Zestien jaar van zijn leven bracht hij in detentie door, eerst elf in de kerker; daarna nog eens vijf in huisarrest.

Hoe reageert hij op de beschuldigingen van kwader trouw aan het adres van zijn partij? "We kunnen ons daar onmogelijk tegen verdedigen", zegt Zouari. Hij benadrukt dat Ennahda de waarheid niet in pacht heeft en voor pluralisme is. "Als we aan de macht komen, is dat niet omdat God het wil, maar omdat het volk ons heeft gekozen in eerlijke en transparante verkiezingen."

Waar Ghannoechi een parallel trekt met de Turkse AKP, daar maakt Zouari de vergelijking met christendemocratische partijen als de CDU in Duitsland of het CDA in Nederland. "We zouden graag vriendschapsverbanden met ze aangaan, dat is de beste manier om vooroordelen te bestrijden."

Volgens Zouari zit de Tunesische samenleving nu niet te wachten op een nieuw debat over de rol van de islam. "De werkloosheid is hoog, we moeten nu vooral praktisch denken." Ghannoechi onderschrijft dat en maakt duidelijk hoe de islam in het huidige klimaat oplossingen kan bieden. "De islam gaat niet alleen over de relatie tussen God en mens, maar ook over de relatie tussen mensen onderling. Zo draagt hij op tot vlijt en stelt dat mensen broeders zijn. Dat komt arbeidzaamheid en solidariteit ten goede. Verder roept hij op tot respect voor de wet, hetgeen weer van pas komt in de strijd tegen de corruptie." De burgerlijke wet haast Ghannoechi te onderstrepen. Niet de sharia.

"Kun je in de politiek überhaupt van oprechte bedoelingen spreken?" stelde interim-premier Essebsi, een door de wol geverfde politicus, toen hem tijdens een recent bezoek aan Parijs werd gevraagd naar de democratische intenties van Ennahda. Hij voegde er desalniettemin aan toe dat hij geen aanleiding had de integriteit van leiders als Ghannoechi in twijfel te trekken.

Volgens Geisser zit het probleem niet bij het nationale leiderschap, maar op lokaal niveau. "Het conservatieve achterland van Tunesië neigt naar een verregaande islamisering van de samenleving. De grote vraag is dus of Ghannoechi cs de radicale elementen in de beweging in het gareel weten te krijgen. Tot dat zover is, is enige reserve dus wel gepast." Uiteindelijk kan alleen de praktijk de verdachtmakingen logenstraffen. Of bevestigen. Vincent Geisser: "Elders in de Arabische wereld, in Marokko of Jordanië bijvoorbeeld, spelen islamitische partijen het politieke spel al mee. Maar dat blijven autoritaire regimes. De nieuwe democratische context vereist dat Ennahda het pluralisme dat ze predikt in de praktijk brengt." Volgens Geisser zal de verleiding groot zijn om zich na een eventuele verkiezingswinst als machtspartij te gaan gedragen. "De grote uitdaging waar Ennahda zich voor geplaatst ziet is haar democratische retoriek om te zetten in democratische discipline. Alleen dat kan het wantrouwen wegnemen. Het laatste waar de Tunesiërs op zitten te wachten is een Ben Ali met baard."

Dit artikel verschijnt in het boek van Stefan de Vries en Marijn Kruk, 'Onder mijn zolen! Verhalen van de Arabische opstand', uitgeverij Bluebeard.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden